Bio-energiecentrale levert nu ook stoom

Meer artikelen
Bio-energiecentrale Eneco

In het havengebied van Delfzijl bouwde Eneco in 2013 de grootste zelfstandige bio-energiecentrale van Nederland: Bio Golden Raand. In de 49,9 MWe verbrandingsinstallatie werden houtsnippers van gerecycled afvalhout omgezet in groene elektriciteit. Vanaf 1 december wordt daar stoomproductie aan toegevoegd.

De centrale komt hiermee tegemoet aan de behoefte van haar grootste afnemer, buurbedrijf AkzoNobel Industrial Chemicals. Eneco levert vanaf de start van de bio-energiecentrale de helft van de geproduceerde groene elektriciteit aan het openbare net. De andere helft gaat rechtstreeks naar AkzoNobel. Die gebruikt de groene stroom voor de processen in de chloor- en zoutfabrieken. Het chemische bedrijf vergroende hiermee in één keer ongeveer 10% van haar totale Nederlandse elektriciteitsverbruik.

Lokale energieproductie

AkzoNobel haalt nu wereldwijd 33% van haar energiebehoefte uit duurzame bronnen. De ambitie is om 42% duurzame energie te gebruiken in 2020. Het chemieconcern gaat daarvoor bij voorkeur langetermijnrelaties aan met lokale (duurzame) energie-initiatieven. Naast de lokale connectie is het voor AkzoNobel ook belangrijk dat de duurzame energie competitief is met fossiele energiebronnen.

Bio-energie

Eneco Bio Golden Raand voldoet aan beide voorwaarden. De centrale ligt bijna naast de AkzoNobel-fabrieken in Delfzijl. De groene elektriciteit kan voor een geringe meerprijs worden ingekocht. Door het gebruik van bio-energie creëert AkzoNobel ook meer diversiteit in haar energiemix. Hiermee spreidt AkzoNobel naar eigen zeggen ook de risico’s van mogelijke toekomstige stijgingen van de CO2-prijs en (fossiele) energieprijzen.

Stoomproductie

Bij de start van de bio-energiecentrale Bio Golden Raand gaf AkzoNobel al aan graag nog meer energie te willen afnemen van de centrale in de vorm van stoom. Vanaf 1 december 2016 komt Eneco aan die wens tegemoet. Na de verbouwing bedraagt het thermisch vermogen van de installatie 117 MW. Eerder was stoomproductie niet mogelijk. Doordat de voormalige (MEP-)subsidieregeling alleen elektriciteit subsidieerde. Hierdoor was de uitkoppeling van stoom voor Eneco financieel niet rendabel. Eneco richtte de centrale daarom volledig in op elektriciteitsproductie.

SDE-subsidieregeling

Sinds 2015 is het mogelijk om een SDE+-subsidie aan te vragen voor verlengde levensduur voor installaties die eerder zijn gesubsidieerd vanuit de Regeling Milieukwaliteit Electriciteitsproductie (MEP). Eneco heeft daarvan gebruikgemaakt. Raymond Spronken, coördinator Grants en Incentives bij Eneco: "Er is nu een aparte regeling gekomen voor bio-energie-installaties. Dit betekent dat bedrijven de MEP-beschikking kunnen omzetten in een SDE+-subsidie, waardoor ook stoomproductie financieel haalbaar wordt."

Energetisch rendement

De stoomproductie levert aanzienlijk meer voordelen op voor alle partijen, meent Spronken. "In plaats van met elektriciteit stoom te maken, lever je nu direct stoom. Dit betekent een toename van het energetisch rendement. Het is dus milieuvriendelijker. Ook AkzoNobel krijgt nu groene stoom en hoeft daarvoor geen fossiele brandstof (gas) meer te gebruiken. Je kunt dus spreken van een win-winsituatie."

Service menu right