Voorwaarden Extra betaling jonge landbouwers 2019

Om als jonge landbouwer de extra betaling te ontvangen moet u aan verschillende voorwaarden voldoen.

De extra betaling jonge landbouwers is onderdeel van het Gemeenschappelijk landbouwbeleid.

Voorwaarden

Voor de extra betaling jonge landbouwers moet u in 2019 aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • U bent op 31 december van het jaar dat uw bedrijf voor het eerst uitbetaling van betalingsrechten aanvraagt én waarin u voor het eerst blokkerende zeggenschap heeft niet ouder dan 40 jaar.
  • De blokkerende zeggenschap en de datum van de zeggenschap moet uiterlijk 15 mei 2019 zijn ingegaan. Dit moet blijken uit de registratie van KVK. Deze registratie moet overeenkomen met wat er in de schriftelijke overeenkomst of de statuten van uw bedrijf staat. Ook heeft u uw bedrijf uiterlijk op de laatste dag van de kortingsperiode geregistreerd.
  • U heeft als bedrijfshoofd voor het eerst een landbouwbedrijf opgericht in de periode van 1 januari 2014 tot en met 15 mei 2019. Dit geldt voor de volgende situaties:
    • U oefent als natuurlijk persoon voor de eerste keer een landbouwbedrijf uit in eigen naam.
    • U bent als natuurlijk persoon voor het eerst bestuurder van een rechtspersoon, beherende vennoot of maat in de maatschap en u heeft blokkerende zeggenschap.
    • U bent als natuurlijk persoon voor het eerst bestuurder van een vereniging of stichting en u heeft blokkerende zeggenschap.
  • U bent (mede) belast met de dagelijkse bedrijfsvoering.
  • U vraagt op tijd uitbetaling van betalingsrechten aan in de Gecombineerde opgave.
  • U vraagt op tijd uitbetaling van het extra bedrag voor jonge landbouwers aan in de Gecombineerde opgave.
  • Het bedrijf waarvoor u de extra betaling aanvraagt, is het eerste landbouwbedrijf dat u als bedrijfshoofd heeft opgericht of waarin u zeggenschap heeft gekregen.
  • Het bedrijf waarvoor u de extra betaling aanvraagt, heeft niet eerder de extra betaling gekregen voor een andere jonge landbouwer. Een bedrijf dat al een keer de extra betaling ontvangen heeft voor een jonge landbouwer, mag niet nog een keer voor een andere jonge landbouwer de extra betaling krijgen.

Meerdere jonge landbouwers in het bedrijf

In een samenwerkingsverband of rechtspersoon met meerdere jonge landbouwers gelden de voorwaarden voor leeftijd en zeggenschap in ieder geval voor 1 van de jonge landbouwers.

Stapt een van de jonge landbouwers op basis waarvan de extra betaling is toegekend uit het bedrijf? En blijft er nog een andere jonge landbouwer over voor wie de extra betaling is toegekend in het bedrijf? Dan kunt u als u aan de voorwaarden voldoet, opnieuw de extra betaling aanvragen voor dit bedrijf

Jonge landbouwers in meer dan 1 bedrijf

Heeft u blokkerende zeggenschap in meerdere landbouwbedrijven? Dan heeft u alleen recht op het extra bedrag voor het bedrijf dat u als eerste heeft gestart. U vraagt dan voor dat bedrijf de extra betaling jonge landbouwers aan. Is dit bedrijf ondertussen gestopt, dan komt u niet meer in aanmerking. Uitzondering is als het volgende bedrijf een voortzetting is van het eerste bedrijf.

Voorbeelden

Voorbeeld leeftijdseis bij rechtspersoon/samenwerkingsverband

Een man-vrouwmaatschap vraagt in 2016 voor het eerst uitbetaling van betalingsrechten aan. De zoon treedt in 2018 toe tot de maatschap en heeft blokkerende zeggenschap. In 2019 vragen ze voor het eerst extra betaling jonge landbouwers aan. Dan moet de jonge landbouwer in 2018 jonger dan 41 jaar zijn.

Voorbeeld bij eenmanszaak

Een jonge landbouwer is in 2017 gestart met een eenmanszaak waarvan hij ook de dagelijkse leiding heeft. Tot en met 2016 zat hij in een maatschap met zijn vader waarbij hij geen blokkerende zeggenschap had. Hij vraagt voor zijn eenmanszaak in 2018 voor de eerste keer uitbetaling van betalingsrechten aan. Hij vraagt geen extra betaling jonge landbouwers aan. In 2019 vraagt hij de extra betaling jonge landbouwers aan. Hij is in 2019 41 jaar geworden. Hij voldoet aan de voorwaarden:

  • Leeftijdseis: voor de leeftijdseis is het jaar waarin het bedrijf voor het eerst uitbetaling van betalingsrechten aanvraagt bepalend. Dat is in dit voorbeeld 2018. Toen was de jonge landbouwer 40 jaar. Daarmee voldoet hij aan de leeftijdseis.
  • Voor het eerst een landbouwbedrijf opgericht: om te bepalen of dit het eerste landbouwbedrijf is dat de jonge landbouwer heeft gestart, kijken wij naar het verleden. De jonge landbouwer zat al eerder in een maatschap, maar had daarin geen blokkerende zeggenschap. De eenmanszaak is daarmee het eerste landbouwbedrijf waarvan de jonge landbouwer bedrijfshoofd is. Had de jonge landbouwer al wel blokkerende zeggenschap in de maatschap of in een ander bedrijf? Dan is de eenmanszaak niet het eerste landbouwbedrijf en krijgt hij geen extra betaling, tenzij hij het bedrijf voortzet. Is de eenmanszaak een gevolg van een juridische wijziging van de bedrijfsstructuur en feitelijk een voortzetting van de maatschap, dan kan de jonge landbouwer mogelijk wel in aanmerking komen voor de extra betaling. Dit is onder meer afhankelijk van het moment waarop hij de blokkerende zeggenschap in de maatschap heeft gekregen.
  • Startdatum extra betaling: de eenmanszaak is gestart in 2017. Dat is binnen de periode van 1 januari 2014 tot en met 15 mei 2019. Daarmee voldoet de jonge landbouwer aan de voorwaarden dat het bedrijfshoofd voor het eerst een landbouwbedrijf heeft opgericht in deze periode.

Service menu right