Overige anorganische meststof

Meer artikelen
Anorganische mest

Overige meststoffen zijn meststoffen die geen dierlijke meststoffen, zuiveringsslib of compost zijn. Overige anorganische meststof valt onder overige meststoffen. U moet voldoen aan algemene, landbouwkundige, milieu- en etiketteringseisen om deze meststof te mogen verhandelen en produceren.

In anorganische meststof komen de aangegeven nutriënten voor in de vorm van mineralen. Deze mineralen zijn door winning of fysische of chemische industriële processen verkregen. Ook bevat de meststof calciumcyaanamide, ureum en de condensatie- en associatieproducten ervan. Daarnaast bestaat anorganische meststof uit chelaatvormige of complexvormige micronutriënten. Deze meststof is geen EG-meststof of herwonnen fosfaat. Spuiwater is een voorbeeld van een anorganische meststof.

Algemene eisen

  • Overige anorganische meststof is in de praktijk bruikbaar en de samenstelling is gelijkmatig.
  • Overige anorganische meststof levert voedsel voor planten of delen van planten in de vorm van primaire of secundaire nutriënten of micronutriënten. Of de meststof verbetert de bodemeigenschappen door organische stof te leveren of de zuurgraad in stand te houden of te verlagen. Overige organische meststof heeft de uitwerking waarvoor de stof hoofdzakelijk is bedoeld.
  • Overige anorganische meststof heeft onder normale gebruiksomstandigheden geen schadelijke gevolgen voor de gezondheid van mens, dier of plant, of voor het milieu.

Wilt u meststoffen mengen? Lees welke regels hiervoor zijn op de pagina Meststoffen mengen.

Landbouwkundige eisen

  • Overige anorganische meststof op basis van ammoniumnitraat die meer dan 28% stikstof in verhouding tot het ammoniumnitraat bevat, voldoet aan de eisen in Titel II, Hoofdstuk IV van de meststoffenverordening (pdf).
  • Overige anorganische meststof die hoofdzakelijk primaire nutriënten levert, bevat minimaal 5% stikstof, 5% fosfaat of 5% kali van de droge stof.
  • Overige anorganische meststof die hoofdzakelijk secundaire nutriënten levert, bevat minimaal 15% magnesiumoxide (MgO), 25% calciumoxide (CaO), 25% zwaveltrioxide (SO3) of 50% natriumoxide (Na2O) van de droge stof.
  • Overige anorganische meststof die hoofdzakelijk micronutriënten levert, bevat minimaal één van de micronutriënten in de voorgeschreven Minimale gehalten (pdf).

Milieu-eisen

  • Overige anorganische meststof overschrijdt niet de Maximale waarden voor zware metalen (pdf).
  • Overige anorganische meststof overschrijdt niet de Maximale waarden voor organische microverontreinigingen (pdf).
  • Overige anorganische meststoffen die niet alleen hoofdzakelijk primaire of secundaire nutriënten leveren, maar ook de micronutriënten koper en zink mogen de maximale waarden voor koper en zink overschrijden. Dit mag als:
    • u de meststof van een etiket voorziet waarop de gehalten aan koper of zink staan;
    • de hoeveelheden primaire of secundaire nutriënten en de hoeveelheden koper of zink die de meststof opbrengt, passen binnen het totale bemestingsadvies.

Verpakkingseisen

  • U verpakt alle overige anorganische meststoffen die vooral micronutriënten leveren.
  • U verpakt alle overige anorganische meststoffen op basis van ammoniumnitraat die meer dan 28% stikstof in verhouding tot het ammoniumnitraat bevatten.
  • U verpakt de meststoffen zodanig dat de sluiting, het sluitzegel of de verpakking zelf onherstelbaar beschadigd raakt door het openen.

Etiketteringseisen

U zet op het etiket de volgende gegevens:

  • de (handels)naam van de fabrikant
  • de (handels)naam van de meststof
  • de werking van de meststof
  • de gehalten stikstof (N) en fosfaat (P2O5/P)
  • de hoeveelheid (in kg of tonnen)
  • de samenstelling

Daarnaast voldoet de etikettering aan de volgende eisen:

  • Er is een gebruiksaanwijzing voor overige anorganische meststof die vooral micronutriënten levert, die past bij de bodemgesteldheid en de teelt waarvoor de meststof wordt gebruikt.
  • U voorziet overige anorganische meststof die bestaat uit afvalstoffen, van het nummer dat is vermeld in de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet bijlage Aa.
  • U vermeldt de aanwezige waardegevende bestanddelen kali, de neutraliserende waarde, secundaire nutriënten of micronutriënten, met uitzondering van stikstof en fosfaat als deze in grotere hoeveelheden in de meststof zitten dan ze minimaal leveren (uitgedrukt in procenten of op basis van gewicht). De waardegevende bestanddelen worden als volgt uitgedrukt:
    • kalium           K2O en desgewenst ook K
    • calcium         CaO en desgewenst ook Ca
    • magnesium    MgO en desgewenst ook Mg
    • natrium         Na2O en desgewenst ook Na
    • zwavel          SO3 en desgewenst ook S
  • Bij verpakte meststoffen vermeldt u de gegevens op de verpakking of op een daaraan gehecht etiket. Bij niet verpakte meststoffen staan de gegevens op een begeleidend document.
  •  De gegevens zijn onuitwisbaar en duidelijk leesbaar.
  • Op de etiketten, de verpakking en begeleidende documenten staan alle gegevens er in ieder geval in het Nederlands.
  • U voorziet vloeibare anorganische meststoffen van aanvullende instructies over de opslagtemperatuur en de veiligheidsvoorschriften.

Bemonsteren en analyseren

Bemonstering en analyse leveren de volgende gegevens op:

  • de gehalten stikstof (N) en fosfaat (P2O5/P)
  • het drogestofgehalte
  • organisch stofgehalte
  • de waardegevende bestanddelen
  • de hoeveelheid zware metalen
  • de hoeveelheden organische microverontreinigingen

U neemt een monster op basis van het geldende bemonsteringsprincipe. Een geaccrediteerd laboratorium voert een analyse uit aan de hand van het protocol of door middel van een methode die minimaal dezelfde waarborgen biedt. Lees hierover meer op de pagina Mestanalyse en laboratoria.

Service menu right