Service menu right

Biobrandstoffen

Sinds 2003 verplicht de Europese Unie haar lidstaten meer biobrandstoffen voor het wegverkeer op de markt te krijgen. Doel: vermindering van de broeikasgasuitstoot.

Tot 2010 hanteerde de EU (niet-verplichte) streefwaarden voor het aandeel van biobrandstof. De energie-inhoud van brandstoffen voor het wegverkeer moest hieruit bestaan. Lidstaten konden gebruikmaken van de volgende opties om de doelstellingen te behalen:

  • bijmengen van kleine hoeveelheden biobrandstof bij fossiele brandstoffen in de vorm van lage blends. Bijmengen in lage percentages heeft als voordeel dat deze mengsels in gewone benzine- en dieselauto's te gebruiken zijn.
  • op de markt brengen van hogere blends (bijvoorbeeld bio-ethanol in de vorm van E85) of;
  • het gebruiken van pure biobrandstoffen (bijvoorbeeld pure biodiesel, B100).

EU-doelstelling hernieuwbare energie vervoer

Doordat de Europese biobrandstoffenrichtlijn uit 2003 niet verplicht was, boekte men onvoldoende voortgang. Om het gebruik van biobrandstoffen in vervoer verder te stimuleren, geldt sinds 25 juni 2009 de Europese richtlijn hernieuwbare energie (Renewable Energy Directive, RED, 2009/28/EG). Deze richtlijn heeft een hogere, verplichte doelstelling voor hernieuwbare energie in vervoer van 10% in 2020.

Kwaliteit biobrandstoffen vervoer

Sinds 2009 geldt ook de nieuwe Europese richtlijn voor brandstofkwaliteit (Fuel Quality Directive, FQD, 2009/30/EG). Het doel van deze richtlijn is om de belangrijkste vervuilende uitstoot te verminderen. Dit geldt bij de productie en voor het gebruik van brandstoffen. Biobrandstoffen vormen hierbij het belangrijkste middel om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

De productie van biomassa voor biobrandstoffen kan indirect leiden tot ongewenste verandering van het landgebruik (Indirect land Use Change, ILUC). In september 2015 is de Europese ILUC-richtlijn gepubliceerd. Deze richtlijn moet de uitstoot van broeikasgassen terugdringen. Indirect veranderend landgebruik door de productie van biobrandstoffen veroorzaakt deze uitstoot. De ILUC-richtlijn wijzigt de Richtlijn Hernieuwbare Energie (RED) en de Richtlijn Brandstofkwaliteit (FQD).

Verder presenteerde de Europese Commissie op 20 juli 2016 een plan om te komen tot mobiliteit met lage uitstoot. Dit plan geeft meer duidelijkheid over de brandstofdoelstelling(en) van het beleid na 2020. De Europese Commissie kwam eind 2016 met voorstellen voor de herziening van de Richtlijn Hernieuwbare Energie voor de periode na 2020.

Nederland

Nederland koos ervoor om de verplichtingen van deze Europese regelgeving op te leggen aan de bedrijven. Met name bedrijven die brandstoffen voor vervoer leveren aan de Nederlandse markt. Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) zorgt voor de uitvoering, het toezicht en de handhaving van de Nederlandse wet- en regelgeving. GAVE ondersteunt het Ministerie van IenW en de Nederlandse Emissieautoriteit. GAVE doet dat via de inbreng van expertise bij de voorbereiding van de invoering van de beleidswijzigingen in de Nederlandse wetgeving.