Restwarmte datacenters

Steeds meer datacenters zoeken naar manieren om de geproduceerde restwarmte te benutten. Inmiddels zijn er verschillende praktijkvoorbeelden.

Aansluiting op warmte-koude infrastructuur

Restwarmte van datacenters kan via een aansluiting op een lokale ring worden uitgewisseld met bedrijven in de omgeving. Bij voorbeeld via een zogeheten lauwwaterring met een daaraan gekoppeld een WKO-systeem om pieken op te vangen. Verschillende bedrijven zijn op zo’n ring aangesloten en onttrekken warmte of voeren juist warmte toe en gebruiken de ring om te koelen. NLDC, een aparte BV onder KPN, past deze wijze van benutting van restwarmte toe op de High Tech Campus in Eindhoven. Ook in het netwerk van Mijnwater is een datacenter opgenomen die koude afneemt en warmte teruglevert, waarmee het gerenoveerde hoofdkantoor van pensioenuitvoerder APG en een scholencomplex wordt verwarmd.

Directe levering aan omgeving

Ook in Aalsmeer werkt NLDC aan het benutten van restwarmte. De gemeente is bezig met de CO₂-neutrale herontwikkeling van een gebied in de nabijheid van een datacenter van NLDC. Het idee is om via een zogeheten open loop vanaf het datacenter warm water te transporteren naar een bestaand zwembad, een nieuwe sporthal, een te bouwen scholencomplex, een tuinder en op termijn ook woningen. Met een warmtepomp kunnen die afnemers de warmte vervolgens opwerken naar hogere temperaturen.

Directe interne levering

Directe uitwisseling van warmte voor intern gebruik gebeurt bij datacenter van Previder in Hengelo. Via een gaswarmtepomp wordt de aan het datacenter onttrokken warmte opgewerkt naar een hogere temperatuur. Het nabijgelegen kantoorpand van Odin, waar Previder onderdeel van is, profiteert daarvan. In het pand met 12 verdiepingen is verder geen extra verwarming meer nodig om in de warmtebehoefte te voorzien.

Indirecte restwarmtebenutting

Equinix wisselt bij een van haar datacenters in Amsterdam via een bodemenergiesysteem (WKO) indirect warmte en koude uit met de Universiteit van Amsterdam. De bronnen van beide partijen zijn gescheiden, maar zijn geboord in dezelfde geohydrologische strook op zo’n 70 tot 180 meter diepte. Andersom haalt het datacenter voor het koelen koude naar boven uit een koude grondwaterbel die zo'n 150 meter verderop ligt. Equinix verkent ook andere manieren om de restwarmte van de verschillende datacenters te kunnen gebruiken. Zo lopen er verkenningen naar restwarmtelevering aan woonwijken.

MJA3-convenant

Restwarmtebenutting bij datacenters ligt in lijn met de Meerjarenafspraken energie-efficiëntie (MJA3) van de overheid voor verbetering van de energie-efficiëntie met een groot aantal sectoren, waaronder de ICT-sector. Met het MJA3-convenant draagt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat bij aan het behalen van 20% CO₂-reductie in 2020. Voor de MJA3 geldt een energie-efficiencyverbetering van 2% per jaar. Deze doelstelling wordt binnen de ICT-sector ruimschoots gehaald.

Service menu right