Dijkveiligheid bij windenergie op land

Dijkbeheerders in Nederland moeten ervoor zorgen dat hun waterkeringen voldoen aan de veiligheidseisen die de Wet op de waterkeringen stelt. Het Voorschrift toetsen op veiligheid primaire waterkeringen is te downloaden bij de waterhelpdesk.

Voor de toetsing van veiligheid van regionale keringen is de ‘Leidraad toetsen op veiligheid’ opgesteld door Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA). Dit zijn algemene voorschriften die niet specifiek zijn voor het toetsen van effecten van windturbines op de dijkveiligheid.

In het algemeen geldt dat de risico’s als gevolg van het plaatsen van windturbines niet mogen leiden tot een hogere bezwijkkans van de dijklichamen. Elke dijkring in Nederland is ontworpen en getoetst aan een Maatgevende Hoogwaterstand (MHW).

Afhankelijk van de economische functies in het gebied achter de dijken mag er een maximale kans bestaan dat deze waterstand niet kan worden gekeerd. Veelvoorkomende waarden zijn één keer in de 1.250, 2.000 of 10.000 jaar. Hoe hoger de economische waarde in het achterland, hoe lager de kans op bezwijken mag zijn. De additionele faalfrequentie van de dijk door de geplande windturbines moet lager zijn dan 10% van de autonome faalfrequentie van de waterkering. Voor de toetsing worden de ontwerpwaarden voor de MHW gebruikt.

Meer weten?

Service menu right