Obstakelverlichting bij windprojecten | RVO.nl | Rijksdienst

Service menu right

Obstakelverlichting bij windprojecten

14-04-2021

Voor de vliegveiligheid moeten windturbines of -parken worden voorzien van 'obstakelverlichting'. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) bepaalt welke verlichting een windpark moet hebben. Hier zijn internationale ICAO-richtlijnen voor. Momenteel moeten in principe alle windturbines met een tiphoogte hoger dan 150 meter obstakelverlichting hebben. Hinder van obstakelverlichting bij omwonenden is een belangrijke bron van maatschappelijke weerstand tegen windparken.

In 2015 vonden testen plaats met het verminderen van de hoeveelheid en intensiteit van obstakelverlichting. Maar ook naar de beleving van deze aanpassingen door omwonenden. Hierop publiceerde de ILT herziene richtlijnen (informatiebladen) voor verlichting van windturbines en windparken voor de luchtvaartveiligheid op het Nederlandse vasteland en op zee. Deze publicatie maakt het mogelijk om de lichtintensiteit van de verlichting op windturbines aan te passen of vast brandend te maken.

Vast brandende verlichting

Obstakelverlichting knippert normaal gesproken omdat de turbines dan beter zichtbaar zijn voor de luchtvaart: het waarschuwingseffect is groter. Inwoners in de omgeving van een windpark ervaren het knipperen vaak als onprettig. Toepassing van vast brandende verlichting kan dit negatieve effect verminderen.

Dimmen van de verlichting

De intensiteit van de verlichting is zo ingesteld dat de lampen ook bij slechte weersomstandigheden goed te zien zijn voor naderende vliegtuigen. Verlaging van de lichtintensiteit wanneer het zicht in de omgeving goed is, kan de hinder verminderen. Dit kan door windturbines te voorzien van sensoren die de zichtafstand meten en de intensiteit van de obstakelverlichting aanpassen naargelang de weersomstandigheden. De lichtintensiteit mag tot 30% van de gebruikelijke hoeveelheid licht worden verminderd.

Toepassing van minder obstakelverlichting

Zolang de onderlinge afstand tussen windturbines niet meer dan 900 meter is en de hoeken van de opstelling zijn verlicht, hoeven niet alle windturbines in een windpark verlicht te worden. Deze optie mag niet worden uitgevoerd in combinatie met vast brandende verlichting. Deze mogelijkheden om obstakelverlichting te verminderen staan in de informatiebladen (november 2016).

Naderingsdetectie bij obstakelverlichting

Met het toenemen van het aantal en de hoogte van windturbines neemt ook de aandacht voor de beleving van hinder van de verlichting op de windturbines toe. De Landelijke Projectgroep Obstakelverlichting op Windparken op Land houdt zich bezig met veilige oplossingen die de beleving van hinder kunnen verminderen.

Bij toepassing van naderingsdetectie wordt de nachtelijke rode verlichting op windturbines uitsluitend ingeschakeld als een luchtvaartuig zich in de nabijheid van de windturbine bevindt. Dat kan een aanzienlijke vermindering van de verlichting opleveren. Eerder is voor de nachtperiode al permanent brandende verlichting in plaats van knipperend en het dimmen van de verlichting bij helder zicht toegestaan.
Voor naderingsdetectie kunnen verschillende technieken worden gebruikt. Uiteraard is het bij toepassing van nieuwe technieken van groot belang dat de veiligheid voor de luchtvaart gewaarborgd is.

Radardetectie

Sinds enkele jaren wordt op een aantal plaatsen in het buitenland naderingsdetectie met een radar toegepast. Daarbij wordt een kleine radarinstallatie in de buurt van het windpark geplaatst. Na een proef met zo’n systeem bij Windpark Krammer zijn de voorwaarden voor de toepassing van naderingsdetectie met een radar in Nederland in juni 2020 opgenomen het informatieblad van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Het informatieblad is geen formele regelgeving, waardoor het niet mogelijk is voor de ILT om handhavend op te treden. Het is noodzakelijk om de regels voor het toepassen van naderingsdetectie juridisch te verankeren. De vastlegging in wetgeving zal naar verwachting in 2022 plaatsvinden. Tot dit gerealiseerd is wordt door de betrokken beleidsafdelingen van IenW en EZK in samenspraak met de ILT, bekeken of er in de tussenliggende periode in de vorm van een pilot al naderingsdetectie met radar incidenteel kan worden toegepast.  

Bekijk het Informatieblad aanduiding van windturbines en windparken op het Nederlandse vasteland.

Transponderdetectie

Na de radardetectie doet nu in Duitsland naderingsdetectie z’n intrede gebaseerd op transponders. Dit houdt in dat een ontvanger geplaatst bij een windpark de transponder van een luchtvaartuig herkent. Wanneer dit luchtvaartuig buiten de daglichtperiode het windpark nadert, schakelt de obstakelverlichting in. De rode obstakelverlichting kan dan uitgeschakeld zijn als er geen luchtvaartuig in de buurt van het betrokken windpark vliegt.

Een dergelijk systeem werkt alleen als alle luchtvaartuigen die onder zichtvliegvoorschriften (VFR) buiten de daglichtperiode vliegen een transponder aan boord hebben en gebruiken. Voor kleinere vliegtuigen is er nog geen verplichting om een transponder te gebruiken buiten de daglichtperiode. Er wordt nu bekeken of dit ingevoerd kan worden. Omdat het transpondersysteem een aantal voordelen biedt boven het radarsysteem wil de Landelijke Projectgroep voor Obstakelverlichting deze techniek graag zo snel mogelijk toevoegen aan de mogelijkheden voor naderingsdetectie.

Invoering transponderdetectie

Voor de invoering van het transpondersysteem heeft de Landelijke Projectgroep Obstakelverlichting contact met Duitse partijen. Er moet duidelijkheid komen over welke technische eisen transponders, ontvangers en de werking van het hele systeem in de Nederlandse situatie moeten krijgen. Ook moet de verplichting voor transponders in luchtvaartuigen in Nederlandse luchtvaartwetgeving worden opgenomen. Naar verwachting kan het transpondersysteem na de zomer van 2021 in Nederland in een proefopstelling worden getest.

Zodra er overeenstemming is met alle betrokken partijen kan transponderdetectie worden opgenomen in de wettelijke regeling binnen het kader van de Omgevingswet. Naar verwachting wordt eind 2022 transponderdetectie toegepast voor windparken in Nederland.

Bent u tevreden over deze pagina?

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *
Mogen wij u benaderen voor een gebruikersonderzoek?
De komende tijd zoeken wij testers voor het nieuwe ontwerp van onze website. Wij zijn benieuwd naar uw mening en gaan graag met u in gesprek. Een online interview duurt maximaal 45 minuten.