Beleid in de gebouwde omgeving

Het nationale beleid in de gebouwde omgeving komt tot stand onder invloed van nationale en internationale wetgeving en de convenanten en agenda’s die zijn gemaakt met maatschappelijke partijen en het bedrijfsleven.

Energietransitie in de gebouwde omgeving

Nederland staat in internationaal verband voor de uitdaging om de uitstoot van broeikasgassen terug te brengen. Op dit moment  is Nederland voor onze energievoorziening vooral afhankelijk van fossiele brandstoffen. De komende decennia neemt het belang daarvan af. Om de energievoorziening te verduurzamen zal de inzet van gas fors omlaag moeten. Dit kan in de eerste plaats door in te zetten op energiebesparing.

Europese verplichtingen

De Europese Unie heeft verschillende richtlijnen opgesteld. Nederland kent enige speelruimte bij de nationale implementatie van de richtlijnen. In de nationale wetgeving, maar ook in de  verschillende akkoorden en convenanten is de invulling van de doelen vaak terug te vinden. Inhoudelijk gaat het om de volgende afgesproken doelstellingen:
  • In de bestaande bouw moeten elk jaar 300.000 woningen en andere gebouwen minimaal twee labelstappen maken;
  • Nieuwbouw moet vanaf 2020 bijna energieneutraal zijn (overheidsgebouwen al vanaf 2018);
  • In de sociale huursector moeten de woningen in 2020 gemiddeld label B hebben; van woningen in de particuliere huursector moet in 2020 80% gemiddeld label C hebben;
  • Het totale gebouwgebonden energiegebruik voor woningen en gebouwen in de dienstensector moet in 2020 minder zijn dan 507 PJ.

EPBD

De Europese richtlijn Energy Performance Building Directive heeft tot doel het stimuleren van een verbeterde energieprestatie voor gebouwen in de Europese Unie. De belangrijkste verplichtingen uit de EPBD zijn:
  • Eisen met betrekking tot een algemeen kader voor de methode om de energieprestatie van gebouwen te berekenen;
  • minimumeisen voor de energieprestatie van nieuwe gebouwen en van bestaande grote gebouwen, die ingrijpend gerenoveerd worden;
  • de energiecertificering van gebouwen (energielabel);
  • de regelmatige keuring van cv-ketels en airconditioningsystemen in gebouwen.

EED

In 2012 is de Europese Energie-Efficiency Richtlijn vastgesteld. De richtlijn vermeldt de Europese doelstelling van een 20% lager Europees energieverbruik in 2020. Het bevat verplichtingen voor zowel lidstaten als bedrijven.

Nationale verdragen en convenanten

Het klimaatakkoord (2015) bevat klimaatdoelen, waaronder het beperken van de opwarming van de aarde tot ruim onder de twee graden. Dat kan met energiezuinige processen, meer hernieuwbare energie en minder aardgas, emissievrij vervoer, groene brandstoffen, en afvang en opslag van CO2. Nederland groeit  daarbij in een geleidelijk tempo naar een CO2-arme economie in 2050. Begin 2018 zal Nederland bij de EU een concept Nationaal Energie- en Klimaatplan indienen.

Het Energieakkoord

In het Energieakkoord voor duurzame groei (2013) zijn doelstellingen afgesproken over energiebesparing, waaronder in de gebouwde omgeving. De belangrijkste algemene doelen van het Energieakkoord zijn:
 
•  Een besparing van het finale energieverbruik met gemiddeld   1,5 procent per jaar;
•  100 petajoule (PJ) aan energiebesparing in het finale energieverbruik van Nederland per 2020;
•  Een toename van het aandeel van hernieuwbare energieopwekking naar 14 procent in 2020;
•  Een verdere stijging van dit aandeel naar 16 procent in 2023;
•  Ten minste 15.000 voltijdbanen extra, voor een belangrijk deel in de eerstkomende jaren te creëren.

Het Koepelconvenant 2012

De klimaatdoelstelling van de Europese Unie om tussen 1990 en 2020 een emissiereductie van 20% te realiseren, vormde het startpunt voor het Nederlandse energiebesparingsbeleid. In 2008 zijn de energiebesparingsdoelen voor verschillende sectoren in de gebouwde omgeving bepaald en vastgelegd in convenanten. De  individuele convenanten zijn gebundeld en geactualiseerd in het Koepelconvenant uit 2012.

In december 2016 publiceerde het kabinet de Energieagenda. Het doel is om in 2050 80-95% minder CO2 uit te stoten. De Rijksoverheid brengt nu in kaart wat nodig en mogelijk is om dit doel te halen. Dit doet het Rijk in overleg met maatschappelijke organisaties, bedrijven en overheden.

Service menu right