Energieadviseur woningbouw

Als energieadviseur woningbouw (EPA-W adviseur) heeft u te maken met het energielabel, energie-index en de installatiekeuring. U vindt hier de informatie voor uw dagelijkse werk.

BRL-certificaten

De kwaliteit van het energieadvies is geborgd via onafhankelijke certificering. Een EPA-maatwerkadvies moet daarom worden opgesteld door een gecertificeerde adviseur. Als uw bedrijf de Energie-Indexrappportage voor  woningen  verstrekt, heeft u  de volgende BRL-certificaten nodig:

  • De 9500-01 Energieprestatie advisering, bijzonder deel ‘Energie-Index voor bestaande woningen en woongebouwen’.
  • De 9500-02 Maatwerkadvies Woningen, KOMO (vrijwillig)

Certificaten halen en examen doen

U kunt de certificaten behalen bij een certificatie-instelling. Een overzicht van instellingen is te vinden in het kwaliteitsregister van de stichting Kwaliteit voor Installaties (KvIn). Het examen legt u af bij het Cito.

Opleiden tot erkend deskundige

Na certificering wordt u opgenomen in het kwaliteitsregister QBISnl. Verder kunt u zich als EPA-W adviseur laten opleiden tot erkend deskundige, zodat u het definitief energielabel woningen kunt afgeven. Hiervoor volgt u een (gratis) instructie bij RVO.nl tot erkend deskundige.

> Ik word erkend deskundige

Registeren als erkend deskundige

Nadat u heeft deelgenomen aan de instructiebijeenkomst van RVO.nl kunt u zich als erkend deskundige registreren door met uw eHerkenning in te loggen op de webapplicatie www.erkenddeskundige.energielabelvoorwoningen.nl en te kiezen voor 'Aanmelden als nieuwe erkend deskundige'. Houdt uw examengegevens van uw EPA-W-diploma bij de hand; deze heeft u nodig bij de registratie.

> Ik ben erkend deskundige

Gecertificeerd adviseur, en dan?

  1. Niet zeker of een gebouw met woonfunctie  een woning een Energie-Index rapportage moet hebben? Lees de factsheet ‘Welke woningen zijn energielabelplichtig’.
  2. Breng de bouwkundige en installatietechnische eigenschappen van  de woning in kaart. Ga hierbij altijd uit van het oorspronkelijke bouwjaar, nooit van een renovatiejaar. Gaat het om meerdere woningen van hetzelfde woningtype? Dan kunt u uitgaan van een ‘referentiewoning’ en is het vaak voldoende om slechts enkele gegevens aan te passen. De voorwaarden zijn:
    • De energie-index van het ‘representatieve gebouw’ mag niet meer dan 5% afwijken van de energie-index van vergelijkbare gebouwen.
    • Elk gebouw moet een eigen energielabel hebben.
    • Elk gebouw moet worden bezocht om de gegevens op basis van de ‘referentiewoning’ te controleren.
  3. Bereken  de Energie-Index van de woning(en) op basis van de opnamegegevens. Kennisinstituut ISSO beschrijft op hun website de opnameprotocollen voor woningbouw en utiliteitsbouw.
  4. Registreer het energielabel in de EPBD-database. Indien een Energie-Index voor een woning wordt afgemeld, wordt er automatisch een energielabel gegenereerd.
  5. Geef de Energie-indexrapportage, het energielabel en de opnamegegevens aan de woningeigenaar.
  6. Klachten van particuliere woningeigenaren? Zij kunnen terecht bij de Geschillencommissie Energielabel.

Wat vertel ik aan mijn klanten?

  • Dat een energielabel verplicht is bij verkoop of verhuur.
  • Dat energiebesparende maatregelen naast milieuvoordelen een lagere energierekening, hogere verkoopwaarde en een comfortabeler, veiliger en gezondere leefomgeving biedt
  • Het ook mogelijk is om via de Energie-Index route een energielabel voor woningen te krijgen
  • Dat ze een Groenlening kunnen afsluiten voor het energiezuiniger maken van de woning. De hoogte van de lening hangt af van het energielabel dat de woning krijgt na renovatie.
  • Dat ze via de Nationale Hypotheek Garantie maximaal € 8.000 kunnen lenen voor energiebesparende maatregelen. De NHG houdt dit bedrag buiten de toetsing voor maximale financieringslast. 

Service menu right