Agrosectoren - Vlees en eieren

In de intensieve veehouderijketens (varkens, kippen, vleeskalveren) komt de uitstoot van broeikasgassen vooral voort uit de energievraag (CO2) en de uitstoot van overige broeikasgassen (CH4 en N2O) die samenhangt met de teelt en transport van het veevoer en de mest van de dieren. De inspanningen van de sectoren waren de laatste jaren vooral gericht op energiebesparing.
 
Bij de veehouders was de energiebesparing vooral gericht op de klimatisering van stallen, onder andere via de aanschaf van energiezuinige installaties en betere isolatie. Tegelijk gaat men over op het gebruik van duurzame energiebronnen zoals kleine windmolens, de aanleg van zonnepanelen of zonneboilers op stallen, of het verbranden van biomassa voor de warmtevraag.
 
Naast de primaire sector hebben ook de veevoersector en de verwerkende industrie stappen gezet om hun carbon footprint te verlagen door energiebesparing. De komende jaren zal de aanpak worden geïntensiveerd, met het oog op de afspraken in het klimaatakkoord van Parijs. Daarbij zullen alle schakels van de keten worden betrokken. Belangrijk is een integrale benadering, waarbij zoveel mogelijk synergie met ander beleidsthema’s dan klimaat wordt nagestreefd.
 

Klimaatoverleg Vlees en eieren

In het klimaatoverleg zijn de volgende stakeholders betrokken:
  • De LTO vakgroepen Varkenshouderij, Pluimveehouderij en Vleeskalveren
  • De Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV)
  • De Nederlandse Vereniging Diervoederindustrie (Nevedi)
  • De Centrale Organisatie voor de Vleessector  (COV)
  • De Vereniging van de Nederlandse Pluimveeverwerkende Industrie (Nepluvi)
  • De Nederlandse Vereniging van Eierhandelaren en Eiproductfabrikanten (Anevei)
  • Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
  • Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO, secretaris: Jan de Wilt)

Kansen voor de sector

Veel veehouderijbedrijven hebben energiebesparende maatregelen doorgevoerd, zoals:
  • frequentieregelaars;
  • hoog frequente TL-verlichting;
  • warmteterugwinning.  
De mogelijkheden voor het zelf opwekken van duurzame energie zijn op een rij gezet in het rapport 'Maatregelen duurzame energie veehouderijsector'. Behalve maatregelen op het eigen bedrijf, biedt investeringen samen met burgers uit de directe omgeving ook kansen, bijvoorbeeld door een coöperatie op te richten en windmolens of zonnepanelen te plaatsen. Het rapport ‘Start van de Boer-Burger Energie coöperatie’ biedt inzicht in perspectieven, kansen en bedreigingen van deze nieuwe vorm van energiedistributie.
 
Voor de verwerkende industrie zijn energiebesparende maatregelen in maatregeloverzichten opgenomen binnen de Meerjarenafspraken energie-efficiëntie.

Service menu right