Service menu right

Voorwaarden maximale staatssteun MIA\Vamil

Als ondernemer kunt u fiscaal voordeel behalen door gebruik te maken van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) of de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Dit fiscale voordeel wordt gezien als staatssteun. De Europese Commissie (EC) stelt beperkingen aan staatssteun. Daarom moet u aan bepaalde voorwaarden voldoen.

Op het meldingsformulier voor MIA\Vamil moet u verklaren dat de totaal ontvangen staatssteun onder de aanmeldingsdrempel van de betreffende groepsvrijstellingsverordening blijft. Op deze pagina leest u wat die aanmeldingsdrempels zijn en hoe u de totaal ontvangen staatssteun kunt berekenen.

Groepsvrijstellingsverordeningen

  • Voor investeringen in de landbouw (hoofdstuk 2 van de Milieulijst) geldt het kader van de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening (LGVV). Voor investeringen in de primaire productie van landbouwproducten mag een onderneming maximaal € 500.000 staatssteun per investeringsproject ontvangen. Voor de verwerking van landbouwproducten bedraagt de maximaal toegestane staatssteun € 7.500.000.
  • Voor investeringen ten behoeve van visserij en aquacultuur geldt de Visserij Groepsvrijstellingsverordening (VGVV). Voor investeringen in deze sector geldt volgens de VGVV een maximum van € 1.000.000 aan staatssteun.
  • Voor overige investeringen in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen gelden de voorwaarden van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV). Onder de AGVV bedraagt de maximale staatssteun € 7.500.000 per investeringsproject (artikel 4, lid 1c) of 15 miljoen (artikel 4, lid 1s), afhankelijk van het type investeringsproject.

Ga voor meer informatie naar over de AGVV, LGVV en VGVV naar de Officiële bekendmakingen.

Berekenen staatssteun

De staatssteun die u via MIA\Vamil ontvangt, is gelijk aan uw belastingvoordeel door de toepassing van MIA\Vamil in uw aangifte. De staatssteun is dus niet gelijk aan het investeringsbedrag. Wij hanteren voor het bepalen van de MIA\Vamil-steun de volgende berekening:

  • MIA: investeringsbedrag na aftopping x voordeel MIA (36%, 27% of 13,5%, afhankelijk van de lettercode) x 25% (nominaal belastingtarief)
  • Vamil: investeringsbedrag na aftopping x 3%

Risico op overschrijding staatssteungrenzen

Zoals aangegeven is de staatssteun die u via MIA\Vamil ontvangt (hierna: MIA\Vamil-steun), gelijk aan uw belastingvoordeel door de toepassing van MIA\Vamil in uw aangifte.

Voor bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift (paragraaf 2b van de Milieulijst) moet u per investering onderzoeken of u aan de staatssteunvoorwaarden voldoet. Voor bedrijfsmiddelen met een middelvoorschrift (paragraaf 2a van de Milieulijst) toetsen wij voorafgaand aan de opname van de omschrijving op de Milieulijst of de MIA\Vamil-steun binnen de staatssteungrenzen blijft.

Soms vermeldt de Milieulijst om die reden een maximaal investeringsbedrag voor een bepaald bedrijfsmiddel. Daarnaast geldt dat u maximaal € 25 miljoen aan investeringen voor MIA\Vamil mag melden per jaar én per bedrijfsmiddel. U loopt desondanks het risico de steungrenzen te overschrijden wanneer u:

  • naast MIA\Vamil nog andere steun voor dit investeringsproject ontvangt; of
  • MIA\Vamil ontvangt voor meerdere bedrijfsmiddelen binnen één investeringsproject.

Het risico op overschrijding van staatssteungrenzen is vooral aanwezig bij grote investeringen in de glastuinbouw. Informatie over de beoordeling van een MIA\Vamil-aanvraag voor een investeringsproject in de glastuinbouw vindt u op de pagina Duurzame glastuinbouw en MIA\Vamil.

Definities

Bedrijfsmiddel

Bedrijfsmiddelen zijn zaken die u gebruikt in uw onderneming en die u niet wilt verkopen. U hebt ze nodig om uw producten te kunnen maken of uw diensten te kunnen verlenen. Voor MIA\Vamil geldt dat clusters van onderdelen die van elkaar afhankelijk zijn en alleen samen aan de in de Milieulijst vereiste omschrijving voldoen, als één bedrijfsmiddel worden gezien.

Onder het bedrijfsmiddel ‘kas’ verstaan we de glasopstand met toebehoren zoals beschreven op het voor MIA\Vamil benodigde certificaat (Groen Label, Milieukeur, of SKAL). Een kas kan bepaalde voorzieningen delen met een andere kas, maar de kassen mogen geen open verbinding hebben met elkaar. Meer over staatssteun in de glastuinbouw.

Investeringsproject

Onder een investeringsproject verstaan we een technisch, functioneel en in de tijd samenhangend geheel van activa en werkzaamheden. Dit betekent dat u op zichzelf staande activiteiten niet mag samenvoegen om onder de regeling te kunnen vallen. Ook mag u projecten niet opknippen in delen om meer van de regelingen gebruik te maken dan de bedoeling is.

Samenloop met andere regelingen

Als u voor een investering naast MIA\Vamil nog andere steun ontvangt, is het aan te raden om na te gaan of deze steun eveneens aan te merken is als staatssteun. Veel informatie die u daarbij kan helpen vindt u op Europa Decentraal. Alle ontvangen staatssteun per investeringsproject mag niet meer zijn dan de in de wetgeving genoemde bedragen. Hieronder vindt u een aantal regelingen die vaak samenlopen met MIA\Vamil en de consequenties van die samenloop.

Energie-investeringsaftrek (EIA)

Het fiscale voordeel dat ondernemers genieten als gevolg van de toepassing van de EIA wordt gezien als niet-selectieve steun en  is derhalve geen staatssteun. Voor de bepaling of het steunbedrag, verkregen voor een bepaald investeringsproject, beneden het steunmaximum blijft mag u EIA buiten beschouwing laten. Wel moet u rekening houden met lagere subsidiabele kosten, doordat u EIA heeft gekregen.

Stimulering duurzame energieproductie (SDE/SDE+)

Financieel voordeel verkregen via de SDE is staatssteun. Een jaar na de realisatie van uw investeringsproject bepalen wij middels een MSK-cumulatietoets of de totale steun inclusief de SDE(+) aan de voorwaarden van Europese regelgeving voldoet. Hierin nemen wij ook MIA\Vamil-steun mee. Daarom moet u bij uw MIA\Vamil-melding wel aangeven dat u ook SDE(+) aanvraagt en er rekening mee houden dat MIA\Vamil in uw SDE(+)-aanvraag wordt gekort. Meer informatie over de cumulatietoets van de SDE(+) vindt u op de pagina over de SDE op mijn.rvo.nl.

Regeling Groenprojecten / Groen Beleggen

Financieel voordeel als gevolg van de Regeling Groenprojecten is staatssteun. De berekening van het bedrag aan verkregen staatssteun volgens deze regeling is vermeld in de Beleidsregel ‘berekening steunpercentage’ van de Regeling Groenprojecten.

Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3)

Subsidie verkregen via POP3 is eveneens staatssteun. Vaak betreft de POP3-subsidie meer dan alleen het investeringsproject dat u voor de MIA\Vamil wilt melden. U moet dan de POP3-subsidie naar rato meenemen in uw berekening van de totale staatssteun voor het investeringsproject waarop de MIA\Vamil betrekking heeft.

Provinciale subsidies, anders dan POP3

Ook hiervoor geldt dat u de subsidie die betrekking heeft op het investeringsproject dat u voor de MIA\Vamil wilt melden, mee moet nemen in de staatssteunberekening. Exploitatiesubsidies hoeft u niet mee te nemen in de berekening.

Landbouwinvesteringen

Volgens de LGVV mag alleen staatssteun verleend worden aan landbouwinvesteringen door kleine of middelgrote ondernemingen (KMO). Een definitie en uitleg van het begrip ‘kleine en middelgrote ondernemingen’ ofwel KMO’s vindt u op de website van de Europese commissie. Daar vindt u ook een Nederlandstalige gebruikershandleiding voor KMO’s.