Service menu right

Veelgestelde vragen codes circulair en duurzaam bouwen

Veelgestelde vragen

Wat gebeurt er met de MIA-melding als een circulair gebouw niet blijkt te voldoen op het moment dat module A en module D te berekenen zijn? Vervalt dan het recht op Milieu-investeringsaftrek?

Dat hangt ervan af. Als er tevens een BREEAM-, GPR- of LEED-traject is gestart, dan kan RVO.nl de gemelde code voor een circulair gebouw omzetten in een code voor een duurzaam gebouw volgens BREEAM, GPR of LEED BD+C (code 6115, 6116, 6120, 6121, 6125 of 6126). Als aangetoond kan worden dat het gebouw aan de eisen van een duurzaam gebouw-code voldoet, komt de investering in aanmerking voor MIA voor het in die code beschreven percentage fiscaal voordeel en aftoppingsbedrag per m2 BVO.

In het materialenpaspoort moet inzicht in losmaakbaarheid en toxiciteit zijn opgenomen. Hoe toon ik dit aan?

Deze thema’s zijn fors in ontwikkeling. Voor meer informatie over deze onderwerpen, zie bijvoorbeeld: https://circulairebouweconomie.nl/rapporten.

In de omschrijving op de Milieulijst 2020 voor gebouwen met industriefunctie staat dat het gebouw een vegetatiedak moet hebben. Hoe moet ik de vermelde percentages interpreteren?

De Milieulijst 2020 eist dat minimaal 80% van het dakoppervlak bedekt moet zijn met vegetatie ‘met daarboven voorzieningen voor duurzame energieopwekking voor ten minste 50% van dit oppervlak’. Dit betekent dat 50% van het met vegetatie bedekte dakoppervlak voorzieningen moet hebben voor zonnepanelen of andere installaties voor het opwekken van energie.

Voorbeeld: Als het totale dakoppervlak van het pand met industriefunctie 1000 m² is, dan moet er tenminste 800 m² vegetatiedak worden aangelegd. Boven dit vegetatiedak moet voor tenminste 400 m² van dit vegetatiedak zonnepanelen (of andere energieopwekkingsinstallaties) in een optimale plaatsing gerealiseerd worden of kunnen worden.

Worden er eisen gesteld aan een vegetatiedak?

Er worden geen eisen gesteld aan de vegetatie (sedum/gras/vaste planten), maar het moet wel een professioneel aangelegd vegetatiedak zijn. Dat wil zeggen dat de dakopbouw geschikt is voor en voorzien is van vegetatie.

Dit betekent doorgaans een waterdichte onderlaag, drainagelaag, wortelwerende laag, substraatlaag en een vegetatielaag. De draagkracht van het dak moet geschikt zijn om het gewicht van het vegetatiedak en de duurzame energieopwekking te kunnen dragen.

Als er bovenop een industriegebouwdeel bijvoorbeeld een kantoor geplaatst wordt. Moet het dak van het kantoor dan ook voorzien zijn van een vegetatiedak?

Ja, het dak van het hele gebouw is tevens het dak van de industriefunctie en dient daarom voorzien te zijn van een vegetatiedak.

Wat wordt er in omschrijving op de Milieulijst 2020 voor gebouwen met industriefunctie verstaan voorzieningen voor energieopwekking?

Hiermee bedoelen we dat het dak geschikt is gemaakt en voorbereid is voor het installeren van zonnepanelen, zonnecollectoren of andere energieopwekkingsinstallaties. Dit betekent dat de dakconstructie minimaal de sterkte moet hebben om een vegetatiedak plus zonnepanelen of zonnecollectoren te kunnen dragen. Daarnaast moeten er bevestigingspunten of frames voor de energieopwekkingsinstallaties geplaatst zijn.

De kosten voor eventuele frames of ander bevestigingsmateriaal die nodig zijn om bijvoorbeeld de PV panelen boven het vegetatiedak te installeren dient u te melden als onderdeel van het gebouw. De zonnepanelen of andere installaties voor het opwekken van energie niet.

Het gaat erom dat het dak op elk moment ingezet kan gaan worden voor energieopwekking. Als de huidige gebruiker niet tijdens de bouw direct zonnepanelen op het dak aanbrengt, moet dit op een later moment eenvoudig gedaan kunnen worden, omdat de voorzieningen om dit te doen al gerealiseerd zijn.

Wat verstaat RVO onder energieopwekking? Zijn dat alleen zonnepanelen of kan ik ook bijvoorbeeld windmolens of zonnecollectoren plaatsen?

Alle duurzame vormen van energie- en warmteopwekking zijn mogelijk. Voor duurzame energieopwekkingsmethoden verwijzen we naar artikel 1a van het besluit SDE.

In de praktijk zal het lastig zijn het minimale percentage dakoppervlak voor energieopwekking te halen met andere voorzieningen dan zonnepanelen of zonnecollectoren. Een combinatie is wel mogelijk.

Als er in een gebouw industrie- en kantoorfunctie gecombineerd is, kan ik dan ook alleen voor het aantal m² BVO van het kantoor (gebouwdeel) een MIA-melding doen en niet voor het industriedeel?

Het kantoordeel kunt u apart melden (geldt uiteraard ook voor het industriedeel). Dit gebouwdeel moet dan wel zelfstandig aan de gestelde eisen van de MIA voldoen (score-eisen voor GPR, BREEAM-NL of LEED). Dit kan niet door middel van een gemiddelde totaalscore.