CO₂-arme warmte SDE++ | RVO.nl | Rijksdienst

Service menu right

CO₂-arme warmte SDE++

Gesloten
17-12-2020

CO2-arme warmte is warmte die niet of niet volledig uit een hernieuwbare bron komt. Om de CO2-uitstoot te verminderen, zijn daarvoor een aantal opties specifiek in de SDE++ opgenomen.

Het gaat daarbij om de elektrische boiler, grootschalige warmtepompen en restwarmtebenutting. De SDE++ 2020 sloot op 17 december 17:00 uur. U kunt op dit moment geen subsidie aanvragen. De SDE++ 2021 opent 21 september. Zodra er meer bekend is over de technieken binnen de SDE++ 2021, worden de pagina’s geactualiseerd.

Aquathermie (TEO, TEA en TED)

In de SDE++ zijn 3 technieken opgenomen waarbij warmte onttrokken wordt aan water voor verwarming van de gebouwde omgeving. Het gaat daarbij om stadsverwarming of ruimteverwarming en warm tapwater voor gebouwen. Dit mag door levering rechtstreeks, maar ook via een stadsverwarmingsnet. Procesverwarming, waar ook glastuinbouw onder geschaard wordt, is hiermee uitgesloten.

Thermische-energie uit oppervlaktewater (TEO)

Bij dit systeem onttrekt u warmte uit oppervlaktewater en slaat u op in een seizoensopslag. In het stookseizoen haalt u de warmte dan weer uit de seizoensopslag. Een warmtepomp verhoogt de temperatuur. Zo kan de warmte gebruikt worden voor verwarming van gebouwen en warm tapwater. Aan het systeem zitten technische randvoorwaarden. Uw systeem moet aan de volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De seizoenopslag mag u niet gebruiken voor koeling. Het PBL heeft aangegeven dat systemen daarmee rendabel zijn en geen subsidie nodig hebben.
  • De warmtepomp moet een afgegeven thermisch vermogen hebben van minimaal 0,5 MWth en een COP-waarde (Coëfficiënt of Performance) van minimaal 3,0.
  • De warmte gebruikt u uitsluitend voor verwarming van de gebouwde omgeving.

Thermische-energie uit afval- of drinkwater (TEA of TED)

Bij dit systeem onttrekt u warmte uit afval- of drinkwater. Een warmtepomp verhoogt de temperatuur waarna u het gebruikt voor verwarming van gebouwen en warm tapwater. Aan het systeem zitten technische randvoorwaarden. Uw systeem moet aan de volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De warmtepomp moet een afgegeven thermisch vermogen hebben van minimaal 0,5 MWth en een COP-waarde van minimaal 3,0.
  • De warmte gebruikt u uitsluitend voor verwarming van de gebouwde omgeving.

Daglichtkas

Sommige gewassen in tuinbouwkassen zijn minder gebaat bij direct zonlicht. Van het invallende zonlicht kunt u in dat geval een deel opvangen met een zonthermisch systeem. Daarna kunt u de warmte opslaan in een seizoensopslagsysteem. In het stookseizoen haalt u de warmte dan weer uit de seizoensopslag. Met een warmtepomp verhoogt u de temperatuur en gebruikt u de warmte voor verwarming van de tuinbouwkas. Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De productie-installatie vormt een integraal onderdeel van een nieuwe tuinbouwkas.
  • Het afgegeven vermogen van de zonnecollector moet minimaal 4 maal het afgegeven vermogen van de te plaatsen warmtepomp zijn. Daardoor weet u zeker dat de zonnecollector voldoende warmte genereert om de seizoensopslag weer volledig op te laden.
  • De seizoensopslag mag u niet gebruiken voor koeling. Het PBL heeft aangegeven dat systemen daarmee rendabel zijn en geen subsidie nodig hebben.
  • De warmtepomp moet een thermisch vermogen hebben van minimaal 0,5 MWth en een COP-waarde van minimaal 5,0.

Elektrische boiler

Met steun van de SDE++ kunt u warmte voor bedrijven opwekken met een elektrische boiler in plaats van een gasketel. U mag ook hybrideketels toepassen, die zowel op gas als op elektriciteit warmte kunnen leveren. De ketel moet nieuw zijn. De ombouw van een op de locatie aanwezige gasketel is dus niet toegestaan. Bij hybrideketels moet zowel de warmte als de gebruikte elektriciteit worden gemeten. Alleen voor de warmte uit elektriciteit krijgt u subsidie.

De vollasturen voor gebruik van elektrische boilers zijn de komende jaren nog beperkt. Het aanbod van hernieuwbare elektriciteit is de komende jaren nog onvoldoende om deze technieken met 2000 vollasturen te stimuleren.
Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De elektrische boiler heeft een thermisch vermogen van minimaal 5 MWth.
  • Het systeem waarop wordt ingevoed, heeft een ontwerptemperatuur van minimaal 100 °C. Hiermee voorkomen we dat u de elektrische boiler toepast in situaties waar een warmtepomp de voorkeur heeft vanwege de hogere COP-waarde.
  • Het vermogen van de aansluiting op het elektriciteitsnet is ten minste even groot als het vermogen van de elektrische boiler.
  • Het vermogen van de elektrische boiler is niet groter dan het thermisch vermogen van de op de locatie aanwezige boilers die gestookt worden op fossiele brandstoffen.

Het totaal aan maximale subsidiabele vollasturen van een elektrische boiler bedraagt in de kalenderjaren 2021 tot en met 2024 niet meer dan:

Vollasturen elektrische boiler

JaarVollasturen Elektrische boiler
20211.490
20221.670
20231.790
20241.860

U kunt het verschil tussen de ingeperkte productie per jaar en het maximum aantal vollasturen van 2000 uur per jaar in de periode tot en met 2024 in de daarop volgende jaren inhalen. Dit wordt dan opgeteld bij het bankingtegoed. Het totale bankingtegoed bedraagt maximaal 2000 vollasturen.

Geothermie (ondiep)

Informatie over de categorie ‘Geothermie (ondiep)’ waarbij u gebruikmaakt van een warmtepomp, vindt u onder de categorie ‘Geothermie’ bij het onderwerp ‘Hernieuwbare warmte’.

Restwarmtebenutting

Bij industriële processen komt restwarmte vrij. De temperatuur daarvan is te laag geworden om door het bedrijf zelf te kunnen worden gebruikt. Met de SDE++ willen we het mogelijk maken om deze warmte elders te gebruiken. Dit kan ook levering aan een stadsverwarmingsnet zijn. Levering van stoom is hiervan uitgesloten, omdat dit geen onrendabele top heeft.

Restwarmte

Onder restwarmte verstaan we onvermijdelijke thermische energie die een bedrijf als bijproduct opwekt en die zonder nuttige aanwending ongebruikt terechtkomt in de lucht of het water en die ten tijde van de aanvraag niet nuttig wordt aangewend. We onderscheiden 2 situaties: zonder en met een warmtepomp:

Zonder warmtepomp

De restwarmte heeft een temperatuur die hoog genoeg is voor andere gebruikers. Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De uitkoppeling heeft een thermisch vermogen van minimaal 5 MWth.
  • Er moet minimaal 0,3833 kilometer nieuwe transportleiding worden aangelegd per MWth outputvermogen.

Wilt u dat meerdere uitkoppelingen van dezelfde nieuwe transportleiding gebruikmaken? Dan telt u voor deze berekening de vermogens bij elkaar op.

Met een warmtepomp

De restwarmte heeft een te lage temperatuur om direct bruikbaar te zijn voor andere gebruikers. Met een warmtepomp verhoogt u de temperatuur. Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarde voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

  • De warmtepomp moet een afgegeven thermisch vermogen hebben van minimaal 5 MWth en een COP-waarde van minimaal 3,0.

Industriële warmtepomp

Bedrijven kunnen restwarmte ook zelf gebruiken door de temperatuur met een warmtepomp te verhogen. Met de SDE++ maken we het mogelijk om deze onbruikbare warmte op een hoger, voor industriële toepassing bruikbaar niveau te brengen  Bij deze categorie mag u ook stoom bruikbaar maken om opnieuw in een proces in te zetten. We onderscheiden 2 situaties: met een gesloten warmtepomp en met een open warmtepomp.

Met een gesloten warmtepomp

Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarde voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:

De warmtepomp heeft een thermisch vermogen van minimaal 0,5 MWth en een COP-waarde van minimaal 2,3.

Met een open warmtepomp

(Bijvoorbeeld mechanische damprecompressie)
Aan het systeem zijn enkele technische randvoorwaarden verbonden. U moet aan de volgende voorwaarde voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie:


De warmtepomp heeft een thermisch vermogen van minimaal 0,5 MWth en een COP-waarde van minimaal 2,3 en een maximum van 8,0. Deze bovengrens is ingevoerd omdat niet zeker is dat projecten met een hogere COP-waarde ondersteuning nodig hebben.

Vergunningen

Meestal heeft u voor een installatie 1 of meer vergunningen nodig. Deze moeten zijn afgegeven door een bevoegd gezag op het moment dat u uw subsidieaanvraag indient. Het kan gaan om de volgende vergunningen:

  • Omgevingsvergunning. Hebt u voor uw installatie een vergunning nodig vanwege de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)? Dan stuurt u zowel de verleende vergunning als de vergunningsaanvraag mee met uw subsidieaanvraag.
  • Watervergunning. Hebt u voor uw installatie een vergunning nodig vanwege het Waterbesluit hoofdstuk 6, paragraaf 5, 6 of 7. Stuur dan de verleende vergunning mee met uw subsidieaanvraag.
  • Vergunning Wet beheer rijkswaterstaatswerken (Wbr). Voert u activiteiten uit op of om werken van Rijkswaterstaat, zoals (snel)wegen, viaducten, tunnels, bruggen of dijken? Dan hebt u voor uw installatie een Wbr-vergunning nodig. Voeg die toe aan uw subsidieaanvraag.

Wilt u meer weten over de omgevingsvergunning en de watervergunning, ga dan naar het Omgevingsloket.

ETS

Nieuw in de SDE is de bepaling rond het ETS (Emission Trading System). Profiteert u van het ETS door ingebruikname van de installatie? Dan wordt dit ETS-voordeel gecorrigeerd met het correctiebedrag. Deze situatie kan gedurende de productieperiode wijzigen. De regeling biedt de mogelijkheid om dit gedurende de productieperiode aan te passen.

Bent u tevreden over deze pagina?

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *
Mogen wij u benaderen voor een gebruikersonderzoek?
De komende tijd zoeken wij testers voor het nieuwe ontwerp van onze website. Wij zijn benieuwd naar uw mening en gaan graag met u in gesprek. Een online interview duurt maximaal 45 minuten.