1. Home
  2. Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteuning en Zorg (STOZ)
  3. STOZ helpt u verder met kennis, netwerken en praktijkvoorbeelden

STOZ helpt u verder met kennis, netwerken en praktijkvoorbeelden

De inhoud van deze pagina is gecontroleerd op 22 juli 2026

Bent u als zorginstelling bezig met het inzetten van innovatieve technologieën om uw zorgverlening te verbeteren? We ondersteunen u graag om uw project zo succesvol mogelijk uit te voeren. Zo maken we samen de zorg beter en slimmer. Op deze pagina vindt u relevante zorgnetwerken en praktijkverhalen. 

U kunt geen subsidie meer aanvragen via de Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteuning en Zorg (STOZ).  Van deze regeling komt geen vervolg. Bent u op zoek naar financiële ondersteuning voor uw zorginnovatie? Dan zijn er andere regelingen die zich richten op de innovatiekant van zorg en ondersteuning.  

Bekijk een overzicht van deze regelingen

Terugkijken informatiewebinar STOZ: Hoe meet u de impact van digitalisering van zorgprocessen?

In dit webinar van 1 juli 2026 delen we informatie over hoe zorg- en ondersteuningsorganisaties een gedegen evaluatie kunnen opzetten, uitvoeren en delen. We gaan in op het kwantificeren van de effecten van uw project op arbeidsverlichting, toegankelijkheid, duurzaamheid en op het meten van de kwaliteitsverbetering.

Uitgeschreven tekst

Goedemorgen. Van harte welkom bij dit webinar... over de Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteuning en Zorg, afgekort de STOZ. En we hebben het over de STOZ, want dat bekt lekker makkelijk. We gaan het vandaag hebben over evalueren... want de projecten waarvoor subsidie is aangevraagd... hebben ook de verplichting om een goede evaluatie uit te voeren... over de activiteiten die ze hebben gedaan, en ook wat het oplevert. Waarom gaan we het erover hebben? Dat vraag ik zo even aan Marion. Maar wie zijn er vandaag hier in het webinar? Dat zijn Marion van der Heden. -Klopt. Goedemorgen. Goedemorgen, coördinator bij de subsidieregeling. Jij hebt heel veel aanvragen voorbij zien komen... en er ook wat van gevonden, heb ik begrepen? -Ja, absoluut. En ook Henk Herman Nap, van harte welkom. -Goedemorgen. Jij werkt bij het Consortium Waardebepaling en jij weet alles van evaluatiesystematieken. Eens, en ook hoogleraar bij de TU/e Eindhoven... op de waardebepaling van digitale en hybride zorg. Is het zo ingewikkeld dat er zelfs een leerstoel voor is? Blijkbaar. Het is best complex... maar ik ga daar straks nog wel even wat tips en tricks over delen. Ah, kijk. Dus we krijgen de kennis hier aan tafel over ons uitgespreid. Dat klinkt goed. Marion, waarom is dit webinar nu? De STOZ loopt al een tijdje. We zijn zo'n twee jaar geleden begonnen met het behandelen van de STOZ-aanvragen. Maar recent hebben we al het beschikbare budget van 44-54 miljoen kunnen toebedelen... aan de aanvragen die daarvoor in aanmerking kwamen. Dus er zijn zo'n 700-800 partijen druk bezig met het implementeren van processen... het transformeren van de zorgprocessen. Die lopen allemaal tegen het evalueren, het meten van het effect aan. En wij zien dat daar veel vragen over binnen komen. Dus het was meer het moment: de aanvragen zijn er, ze zijn druk bezig... en ze hebben behoefte aan meer verdieping. Oké, want die 700 aanvragen die je noemt, die zijn onlangs toegekend? Dus die projecten moeten nog beginnen? -Niet allemaal. Er zijn er al veel onderweg. Vanaf september 2024 zijn ze gestart. Dus we zien al de eerste resultaten van projecten die nu zijn afgerond... maar nog veel hebben een lange weg te gaan. Die kunnen nog wel drie jaar duren. Ik ga u graag meenemen in alles wat erover te vertellen is. Ik ben overigens Pieter Nonhebel en ik ga spreken over een paar dingen. En die praktische zaken, die wilde ik even bespreken. Vandaag zijn we, ik zal even kijken, met ongeveer 250 mensen in dit webinar. De kennishonger jeukt, zou ik bijna zeggen. Wij werken vandaag met een gesloten Q&A. En gesloten, dat houdt in dat je vragen kunt stellen via de knop Q&A op je scherm... of via de knop Vraag en Antwoord als je een Nederlandse instelling hebt op je Zoom. En gesloten houdt in dat als je een vraag stelt, alle andere kijkers die vraag niet kunnen zien. Wat wij heel graag willen, is dat jullie je vragen niet anoniem stellen. Dus geef alsjeblieft ook je naam en e-mailadres erbij aan. Want als er vragen zijn die wij nu in het webinar niet kunnen beantwoorden... dan kunnen we daar later nog even op terugkomen. De vragen worden ontvangen door Mila en Michelle. Dat zijn de moderatoren voor deze webinar. Als er vragen zijn die zij meteen kunnen beantwoorden, dan doen ze dat. Als het vragen zijn waarvan ze denken: hé, dat is precies een vraag voor Henk Herman of voor Marion... dan krijg ik hem hier op mijn scherm. En dan ga ik de vraag aan hen stellen. Wat we ook doen, is dat we dit webinar opnemen. Over ongeveer een week kunnen jullie daarvoor een mail verwachten... met een link daarin waarmee je het webinar kan zien. Het duurt een week omdat we het webinar willen laten ondertitelen... zodat hij voor zoveel mogelijk mensen goed te volgen is. Nu weet u een beetje wie wij zijn, maar wij zijn ook wel benieuwd... vanuit welk vertrekpunt u naar deze webinar kijkt. Dus ik heb een paar vragen voor u. De eerste vraag verschijnt nu bij jullie op het scherm. Dat is: bij wat voor zorg- of ondersteuningsorganisatie werkt u? En dan zijn de mogelijkheden: de verpleging en verzorging thuis... huisartsenzorg, gehandicaptenzorg, geestelijke gezondheidszorg... medisch specialistische zorg of ziekenhuizen... in het sociaal domein, jeugdzorg... een gemeentelijke gezondheidsdienst of anders. Een heel rijtje. Marion, wat denk je? Qua hoe jij naar de doelgroep kijkt en hoe je daar contact mee hebt? Op zich wel fijn aan de STOZ-regeling en bij het ontwerp daarvan... is dat we, in tegenstelling tot de voorganger... het nu helemaal sectorbreed gemaakt hebben. Dus ook fysiotherapiepraktijken, huisartsenpraktijken, ziekenhuizen... konden allemaal gebruikmaken van de STOZ-regeling. Dat zien wij ook terug in de aanvragen... maar GGZ-instellingen, zorginstellingen... verpleging en verzorging op locatie, zowel extramuraal maar ook intramuraal... dat zijn toch wel partijen die weer goed vertegenwoordigd zijn. Oké, als ik even kijk naar wat de beantwoording oplevert... dan valt mij in ieder geval op dat huisartsen waarschijnlijk geen tijd hebben... om naar dit webinar te kijken. Daar zie ik er geen van. En met verpleging en verzorging thuis... en medisch specialistische zorg in het ziekenhuis... dat zijn de grootste uit de benoemde groep... maar verder hebben ze allemaal een aantal aanwezigen. Dus de bedoeling om de boel te verbreden, dat zie ik hier wel in terug. Dan heb ik ook nog een andere vraag. En die vraag... Ik zie hem nog niet in beeld, maar jullie thuis misschien wel. Dat is: welk zorgproces digitaliseert u? Nu krijg je een hele lange lijst met zaken, want er is veel verschillende zorg. Ik noem ze allemaal even op. Beeldzorg, behandeling via apps... behandeling via digitale EMDR, behandeling via e-healthplatformen... behandeling via virtual reality, dagstructuurondersteuning... digitale communicatieplatformen, digitale consultatie... digitale dagbesteding, digitale poli, digitale triage... Dan moet ik even scrollen, want de lijst is lang. En dan ben je altijd de muis kwijt. Even kijken. Hier is die, kijk. Digitale verwijzing naar sociaal domein, expertise op afstand... hybride aanreiking van medicatie met een medicijndispenser... hybride incontinentiezorg, leefcirkels intern en extern... planning met AI-software, signaleren via zorgdomotica... spraakgestuurd rapporteren, stressreductie, telemonitoring... en als laatste drie valbescherming, preventie... of anders. Ik kijk weer even naar Marion. Want... -Enorm, hè? Waarschijnlijk kon je dat aanvinken in je aanvraag waar je bij zou horen? Dit is inderdaad het STOZ-overzicht met de diverse processen... en als je daar binnenviel, dan kon je gebruikmaken van de opschalingsroute. Viel je buiten die processen, dan kon je gebruikmaken van de evaluatieroute... met als gevolg dat één, daar had je dan bij de evaluatieroute... verplicht een waardebepalingsonderzoek. Bij de opschalingsroute was dat geen verplichting... maar daar heb je wel de verplichting om toch te evalueren en de effecten te meten... maar dan is dat op een andere manier mogelijk. Enig idee waar de uitschieters zitten? -Ja, ik heb een vermoeden. Populaire processen zullen we ze maar even noemen. Eerst spraakgestuurd rapporteren. Dat is een toepassing die je toch wel op allerlei momenten in het zorgproces... bij allerlei typen zorginstellingen in kunt zetten. Dus daar hebben we heel veel aanvragen van gezien en gehonoreerd. De mensen die er zijn, daar is ook ruim 40% van met dit thema bezig. Nummer twee, misschien zorgdomotica. Dan hebben we het over domotica die ondersteunt bij leefcirkels. De vrijheid van de cliënten weer teruggeven bij valpreventie en detectie. Ik denk dat dat ook een hele belangrijke is. Nee, valbescherming en preventie zie ik niet. Wat ik wel zie: beeldzorg, behandeling via e-health-platforms. Hybride zorg. -En digitale communicatieplatformen. Dat zijn verder even de uitschieters. Verder zijn ze allemaal eigenlijk wel genoemd. Dus ook die brede wens krijgt invulling. Dan heb ik nog een derde vraag. En dan maken we een beetje een brug naar het onderwerp van vandaag: heeft u een uitgewerkt plan om het effect te meten? Henk Herman, wat denk jij? Hoe gedegen is men al voorbereid op de vragen die hierover gaan komen, denk je? Ik heb begrepen dat heel veel van de STOZ- trajecten al goed bezig zijn geweest... met meetplannen bijvoorbeeld opstellen, effectenkaarten. Dus ik ben hoopvol. Ik denk dat die hoop terecht is... want ongeveer 40% zegt: ja, wij hebben een uitgewerkt meetplan. Hartstikke fijn dat ze hier dan toch nog steeds zijn... want wellicht zijn daar nog tips te geven of te ontvangen. 60 of ruim 50% zegt: nee, dat hebben wij nog niet. En voor de rest is het niet van toepassing. Dus misschien zit dat in de categorie die je net noemde: niet echt een meetplan, maar die wel moet evalueren. Dus laten we vooral even kijken... hoe we handen en voeten kunnen geven aan deze onderwerpen. Want Marion, wat zie en hoor jij nu als het gaat over evalueren? In de aanvragen moest men natuurlijk altijd expliciet ingaan op: hoe gaan we het nu aanpakken? Welke indicatoren gaan we meten, gaan we bijhouden, de KPI's en dat soort zaken. Maar dat heeft toch altijd een wat hoger abstractieniveau. Wat we ongeveer willen gaan meten en wanneer we dat ongeveer gaan doen. Gedurende het traject moet dat praktisch ingevuld worden. Dan zeggen wij toch wel tijdens de gesprekken met de zorginstellingen voorafgaand van: joh, let op dat je dat ook van tevoren goed inricht... want het wordt wat lastig halverwege... om dat dan weer opnieuw helemaal in te richten. Daar zien we dan inderdaad dat ze proberen dat praktisch in te vullen... maar dan daar toch tegenaan lopen van: hoe kan ik dat dan het beste doen? Wat is nou statistisch verantwoord en betrouwbaar? En dat soort zaken. Dus hoe weet je zeker dat je het goede gemeten hebt, bedoel je? Ja, en daarna geen appels en peren vergelijken. En jij zegt: in de gesprekken. Heb je met alle aanvragers gesprekken gevoerd... of ook op andere manieren die signalen gekregen? Nee, we hebben met alle aanvragers, of partijen die subsidie hebben gekregen... een startgesprek. Daarin accentueren wij vooral ook dat onderdeel, criterium, evaluatie... en het meten van de impact. En we verwijzen ook altijd inderdaad naar andere partijen, zoals Vilans en Digizo... maar vooral ook naar andere zorgaanbieders die met hetzelfde bezig zijn. Want men is niet alleen maar in hun eigen domein bezig. Dus zo doen we dat. -Oké. En Henk Herman, jij doet onderzoek naar evalueren. Herken je dat beeld wat Marion schetst of zie jij heel andere dingen... en zie je heel andere beren op de weg misschien naar de toekomst toe? Waar we heel mooi mee bezig zijn, vind ik in Nederland... is dat we echt goed kijken: hoe zwaar moet het onderzoek zijn? En ook zo licht als het kan. Dus afhankelijk soms van de doelgroep, van de interventie... de tijd die en het geld dat we hebben... zijn we wel aan het kijken: kunnen we die onderzoeksmethodes lichter maken? Kunnen we sneller evalueren en dan ook meer incrementeel? Dat je dus langzaam opbouwt. Dus daar herken ik me wel in. Wat bedoel je daarmee, met dat langzaam opbouwen? Dat je niet meteen voor 100% zekerheid gaat? En dat je een beetje gaat passen en meten? Ik ben nu zo'n twintig jaar bezig met onderzoek naar digitale en hybride zorg. Tien jaar geleden waren we er nog van om eerst een technologie door te ontwikkelen... en dan een hele grote, langdurige evaluatiestudie te doen. Nu kunnen we al heel snel kleinere studies doen om te kijken: heeft het al een impact op de cliënt, op die medewerker? Zodat je ook weet: hé, gaan we nog weer een stapje verder? Dus die open innovatie vind ik heel mooi waar we nu mee bezig zijn in Nederland. En dat zie je ook terug in... voor zover jij op de hoogte bent, de plannen uit die subsidieaanvragen... dat het korter op elkaar zit? -Zeker. Dus die boodschap is wel ontvangen. En wat gaat, denk jij, het lastigst worden de komende tijd... om tot goede evaluaties te komen? Want, Marion, je gaf het al even aan... er zijn best wel veel projecten die gestart zijn en nu een beetje beginnen te worstelen: 'Oh, zijn we wel op de goede manier bezig met evalueren?' Dat kan inhouden dat je dan eigenlijk niet weet wat het hele feest... van de subsidieregeling heeft opgeleverd. Ik geloof niet dat we dat nog willen tegenwoordig. Dus hoe kijk jij daartegenaan, Henk Herman? Evalueren natuurlijk voor de subsidieregeling is belangrijk... maar het is natuurlijk voor de zorginstelling veel belangrijker... en dat realiseren ze zich zelf ook, van: wat is nou het effect van de innovatie van het proces wat wij transformeren? Dan heb je natuurlijk met zijn allen wel dezelfde parameters nodig... om dat te kunnen meten natuurlijk, want dan versterkt het elkaar. Zo kan je ook zien wat het bij anderen doet... en of dat ook voor jouw instelling van toepassing is. Dan kan je dat uitwisselen, dat is het handigst. Oké, dus kennis delen, daar gewoon nog mee aan de slag gaan... gaat ook helpen voor het effect uiteindelijk. Uiteindelijk ook het stapelen van data. Dus als je inderdaad met iets vergelijkbaars bezig bent... en je hebt vergelijkbare meetplannen en uitkomstmaten... dan kun je ook data gaan stapelen en het allemaal wat kleiner doen... en dan versterkt het elkaar wel. En we zien ook dat je soms ook kan afspreken: hé, als jullie op deze uitkomstmaten gaan zitten, dan pakken wij die... met een vergelijkbare methodiek. -Oké. Je hebt bijvoorbeeld de huisartsenpraktijken. Die zijn nu niet aanwezig, maar dat is wel een goed voorbeeld. Dat zijn gewoon kleinere zorginstellingen, die hebben inderdaad niet zoveel tijd. Maar die hebben wel bedacht dat ze met zijn allen samen... de toepassing die met meerdere praktijken is ingezet, om dat ook samen te meten... met ondersteuning van Vilans en de leverancier bijvoorbeeld. Dus zo werkt dat. En hoe ziet zo'n evaluatie-aanpak er dan uit? Henk Herman, je zei dat je ons er graag even in wilde meenemen. Je hebt ook een aantal sheets voorbereid. Ik zou zeggen: pak de vloer en als we het niet snappen, gaan we vragen stellen. Maar ik hoop u thuis ook. Dank je wel voor deze mogelijkheid om hier dit te delen. De vraag van: hoe meet u de impact van digitalisering van zorgprocessen? Natuurlijk heel belangrijk, maar we willen wel dat het ook van meerwaarde is voor de zorg. Hoe doe je dat dan in de complexiteit ook van de zorg... met een mooie subtitel, zonder dat de meetlast groter wordt dan de opbrengst? Daar hadden we het net al even over: zo licht als het kan, zo zwaar als het moet. En ook kijken: kunnen wij daar ook iets op versnellen? Ik ga daar zo verder op in. Heel fijn ook dat we al best wel wat vragen binnen hebben gekregen. Vragen vanuit de STOZ-trajecten. Ik zie er al een paar: mensen zijn moe van de vragenlijsten. Dat herken ik ook. Ik denk ook altijd: als je op een andere manier kunt meten dan met een vragenlijst... doe dat ook zeker. Want je kunt die effectiviteit ook wel meten zonder vragenlijst. Je kunt bijvoorbeeld ook observeren, interviews doen... een fly on the wall zijn ergens en observeren. Maar je kunt bijvoorbeeld ook digitale systemen gebruiken voor logdata. Dus je kunt zeker de effectiviteit meten zonder vragenlijsten. Hier ook nog een mooie: hoe meet je de impact zonder context? Dat is natuurlijk ook een hele goeie, want er is altijd context, ook in de zorg. Soms wil je juist ook dat je het meet in die context... als het gaat bijvoorbeeld over acceptatie, adoptie, draagvlak, dat soort zaken. Maar soms wil je juist die context weghalen. Ik kom daar straks nog even op terug. Neem bijvoorbeeld spraakgestuurd rapporteren. We hebben vorig jaar een heel mooi onderzoek gedaan binnen de VVT... maar wat we niet wisten, is dat het sneller is dan klassiek rapporteren. Dan wil je juist die context wegnemen, want je wil niet dat je gestoord wordt. Dan kun je gewoon sec kijken: is het eigenlijk sneller of niet? Dus die hebben we juist zonder context gemeten. Dus mooie vragen al en we komen nog allemaal terug op alle vragen later. Even heel kort waardebepaling. Waarom doen we dat eigenlijk? We willen natuurlijk zeker weten... dat die innovaties impact hebben op zorg- en werkprocessen. We willen ook een verbetering daarin zien. Het is ook van belang voor verschillende stakeholders. Voor RVO natuurlijk, maar ook juist voor die zorgaanbieder. Zorgverzekeraars, zorgkantoren, gemeenten, ook voor de cliënten zelf. Rechts een tegeltje: zo licht als het kan, zo zwaar als het moet. Want we willen dat het bijdraagt aan kwalitatieve, toegankelijke zorg... betaalbaar en werkplezier. En ook die passende zorg, ook meer persoonsgericht... waar juist die waardebepaling heel belangrijk is. We doen dat iteratief, dat waardebepalend onderzoek. Dat doen we voor versnelling, dus incrementeel ook. We beginnen kleiner. En ook belangrijk is dat we gelijkwaardige aandacht besteden... aan verschillende vormen van waarde. Geef waarde wat waarde heeft. Dus kijk ook naar harde en zachte kosten en baten. Dus kijk naar tijd, kijk naar euro's. Maar kijk ook zeker naar bijvoorbeeld werkplezier... maar ook kwaliteit van leven bij cliënten. Maar ook soms de zachte kosten. Want je moet als organisatie ook veranderen en anders leren werken. Dus probeer die allemaal in kaart te brengen. We hebben in de laatste jaren een consortium opgericht. Consortium Waardebepaling. Dat doen we nu met meer dan 40 onderzoekspartijen. We werken daarin samen in de uitvoering, waarbij we elkaar aanvullen. Daar hadden we het net al even over. We werken ook naar uniformering. Niet dat we allemaal exact hetzelfde moeten doen... maar wel dat we met vergelijkbare meetplannen werken. Dat we elkaar begrijpen, qua begrippen ook bijvoorbeeld. Ik vind het ook heel belangrijk dat we resultaten snel delen. Dus als dat van waarde is wat we doen voor de zorg of voor Nederland... dan moet je het delen en niet wachten op de academische publicatie. Dus als je al wat kan delen, doe dat dan ook snel. We werken heel mooi samen, ook onder andere met Digizo.nu... met NeLL, we zitten met SPIRIT. Dat is het hogescholenplatform ook op digitale zorg. En Anders Werken in de Zorg en academische werkplaatsen. Het Consortium kan ook helpen als er vragen zijn. Ik heb straks nog een slide daarover. Ook binnen de STOZ worden verschillende methodieken genoemd. Stappenplannen eigenlijk per fase ook. Ik hoorde net: sommige STOZ-trajecten zitten nog meer in de verkennende fase... of beginfase, dat ze meetplannen opzetten. Maar de meesten zitten nu in de fase dat ze aan het meten zijn of willen gaan meten. We hebben deze methodes opgenomen. 'Weten wat werkt', meer wat in de beginnende fase. De Waardewaaier heeft twee fasen. Daar kom ik straks nog even op terug. Mini-HTA. Wat we doen, is allemaal health technology assessment, zou je kunnen zeggen. Ik krijg hier al wel een vraag binnen, Henk Herman... over de stappen die je moet nemen. De vraag is: hoe kan je een digitale interventie meten... als je geen gebruikmaakt van een controlegroep? Dat is een hele goede vraag. Idealiter maken we natuurlijk altijd gebruik van een controlegroep. Dat is de vervolgvraag ook: of adviseren jullie om er eentje aan toe te voegen? Idealiter heb je een controlegroep, maar dat is niet altijd mogelijk. Het is ook niet altijd wenselijk. Want wanneer is het bijvoorbeeld niet gewenst? Bijvoorbeeld als je werkt met hele kwetsbare doelgroepen... en de belasting is al vrij hoog en ook in de zorg... dan kiezen we er soms voor om te kijken: hoe ziet de huidige situatie eruit? Naar welke gewenste situatie willen we gaan? En dan gaan we meten over de tijd bijvoorbeeld. En als je dan soms ook verschillende bronnen gebruikt... dus interviews met zorgprofessionals bijvoorbeeld... je neemt soms ook mantelzorgers mee, je doet observaties bij cliënten... en wellicht heb je nog vragenlijstdata. Dan heb je best wel een mooie triangulatie van data... en hoeft het niet altijd met een controlegroep. Oké, dus het kan ook een heel bewuste keuze zijn om het niet te doen. We hebben ook inderdaad in de aanvragen natuurlijk gezien... dat ze aannames deden. Aannames over de impact op de kwaliteit, op het welzijn van de cliënt... maar ook op de arbeidsbesparing. Aannames die gebaseerd zijn op onderzoek wat eerder gedaan is... of op uitvoering, via pilots of wat dan ook. Dus je hebt wel iets waar je het aan kan spiegelen. Je wil altijd een referentie hebben. -Ja, daarom. Dat kan ook de nulsituatie zijn? -Dat zou kunnen. En dat kan zelfs ook op cliëntniveau. Wij werken soms ook met goal attainment scaling. Dat je gaat kijken: hoe is de situatie van een cliënt nu? Als het bijvoorbeeld gaat over naar buiten gaan... of douchen of wassen of dat soort zaken. Je hebt een nulmeting, daarna kun je gaan zeggen: het doel is eigenlijk dat we dit naar daar willen hebben met inzet van deze interventie. Als je dat kan meten, dan ben je vrij redelijk zeker... dat je interventie daaraan heeft bijgedragen. Oké, dus ook door het klein te houden... kan je nog best wel een grote relatie vinden tussen wat je inzet en wat je ziet. Als je naar de verschillende STOZ-trajecten kijkt... is het ook al heel fijn als jij bijvoorbeeld één puzzelstukje kan toevoegen. Zo moet je onderzoek ook zien. -Oké. Maar ga even door. Ik kijk even, er komt van alles binnen. Dus je verhaal? Dus we hebben verschillende methodes... verschillende stappenplannen met verschillende namen. Dat mag methode A, B of C zijn. Maar het belangrijkst is eigenlijk de elementen. De gemeenschappelijke elementen in die methodieken. We kijken altijd naar blended value. Bijvoorbeeld quadruple aim, sextuple aim, kwaliteit van zorg, dat soort zaken. Die uitkomstmaten zijn heel belangrijk. We hadden het net al even over die meetplannen. Dus wat gaan we dan ook meten? En wat daar ook belangrijk in is, is eigenlijk een soort van prioritering. Dat je gaat kijken van: dit willen we zeker weten. Need to know. -En sommige zijn nice to have. Dus zo doen we dat ook. Het is altijd een verandering en dan kom je ook op die controlegroep. Dus het is altijd een IST- en een SOLL- of een CAP-analyse, dus met een nulmeting. Het betrekken van verschillende stakeholders doen we ook. Implementatie. Ik kan er overal bij langsgaan... maar ik denk dat het belangrijkste hieraan... is dat we verschillende elementen hebben in die methodieken die vergelijkbaar zijn... en dat zijn ook de doelstellingen eigenlijk van die methodes. Als ik naar deze acht kreten kijk, als ik ze zo even mag noemen... dan krijg ik ook een vraag van, en dan denk ik even aan stakeholders: hoe meet je arbeidsbesparing in de woelige dagelijkse zorgpraktijken? Dan gaat het over roosters die niet rondkomen of de griepgolf of seizoensdruk. Hoe zou je dat doen? Zou je daar een tip voor willen geven? Het is natuurlijk heel afhankelijk van de situatie. Maar als je inderdaad in een situatie zit met allerlei tekorten en noem maar op... dan zou ik adviseren om bijvoorbeeld een casus kleiner te maken. Ga dus bijvoorbeeld in één klein zorgproces metingen doen. Probeer soms te verbreden naar verschillende stakeholders. Dus waar ik het net over had: probeer verschillende partijen te bevragen. Maar goed, als de context zich niet leent voor het onderzoek... dan moeten we even goed kijken of dat dan het juiste onderzoek is binnen die context. En bijvoorbeeld Anders Werken in de Zorg is een heel mooi landelijk programma. Dan kijken we: bij welke organisaties zouden we het dan wel kunnen onderzoeken? Dus soms leent een bepaalde organisatie binnen een bepaalde context zich er niet voor. Dan zoeken we andere partijen. Dat is ook het mooie aan het Consortium Waardebepaling... waar we werken naar vraag en aanbod, dus het matchen ook van vraag en aanbod. Je ziet bijvoorbeeld nu ook de dispenser, dat is natuurlijk een tool... die al jaar en dag wordt ingezet bij mensen thuis. En je ziet nu dat die intramuraal wordt toegepast... en daar zie je toch wel echt hele andere effecten. De effecten die veel minder werken dan extramuraal. Mensen die van tevoren allerlei aannames hadden gedaan... bij welke cliënten ze het gaan inzetten en dat toch ook weer anders gebeurt. Dus die context verandert ook continu. En extramuraal zie je natuurlijk weer dat ze toch achter de voordeur moeten komen. Ze hebben toch een zorgmoment. Kousen aantrekken, douchen, weet ik veel wat. Dus dan kunnen ze net zo goed de medicatie ook toedienen. De meerwaarde zit met name in het unieke. En daar struggelen ze mee, van: hoe moet ik wat op welk moment meten... en welke waarde kan ik er dan aan hechten? Ik weet niet of je daar iets aan tips hebt? Moet je dat dan zo expliciet ook scheiden in die processen en in de meetmomenten? Je bedoelt de scheiding van intramuraal-extramuraal? Ja, en bij welke type cliënten en dergelijke? Wat je zegt van: maak het klein. Moet je dat dan zo specificeren? Ja, juist wel. Dus wat wij wel altijd proberen en ook op hybride medicatie aanreiken... dat je wel gaat kijken bijvoorbeeld naar die BEM-scores. Dus kunnen mensen dat nog zelf of niet? En ga ook kijken wat de meerwaarde is voor die verschillende groepen. Wellicht kun je één of twee groepen eruit pakken binnen je onderzoek. Dat doen we bijvoorbeeld ook bij hybride incontinentiezorg. Dus we kijken wel heel specifiek: bij welke groepen gaan we meten? En wat ook wel een belangrijke les is, denk ik, ook in waardebepaling: pak vooral de groep die er het meeste baat bij heeft. Dus ga ook echt goed kijken: bij deze doelgroep verwachten wij een hele grote meerwaarde. En probeer daar dan ook je onderzoek te doen. Er kwam nog een vraag binnen over effectmeting. Want hoe druk je nu bijvoorbeeld arbeidsverlichting uit in kosten? Dat zeggen ze: dit gaat om een STOZ-aanvraag... rondom opendeurenbeleid in een verpleeghuis. Ziekteverzuim, verlaging van het ziekteverzuim of zo? Daar zou ik me wel een voorbeeld van kunnen voorstellen. Dat zien we toch ook wel terug, dat die werkdruk hoog is... en dit soort systemen, als ze betrouwbaar zijn... en vertrouwd worden door de zorgmedewerker... verlichten echt wel de spanning en de stress. Dat uit zich ook in ziekteverzuimverlaging. Dus zo zou je dat dan wel kunnen kwantificeren in kosten. Bijvoorbeeld, maar ik denk dat er meerdere zijn. Dat zou kunnen. Verschillende elementen in die methodieken van waardebepaling. Ik heb even één van de methodes uitgelicht. Had ook 'weten wat werkt' kunnen zijn hoor, of HTA. Maar het gaat even over de huidige fase van de STOZ-projecten. Ik heb dus begrepen dat met name de meeste STOZ-projecten nu in die wat latere fase zitten. Ook wel een aantal die nog in die eerste fase zitten van het opstellen van effectenkaarten... opstellen van een meetplan bijvoorbeeld, de hypothese. Waar kom je dan terecht in dat rechte stukje? Dat is natuurlijk het verzamelen van de data. Maar ook heel belangrijk die kosten- batenmatrix, heb ik net al laten zien... met die harde, zachte kosten-baten. Maar ook een stukje verzilvering en hoe doe je dat? Daar kom ik straks ook even op terug. Even een casus om te delen over een waardebepalingstraject... wat wij ook in de laatste jaren hebben gedaan. Dit gaat over hybride incontinentiezorg. Voor degene die het niet weet: het zijn koolstofvezelbanen in incontinentiemateriaal. Een sensor, een clip meet dan de verzadiging... en via een app kun je informatie krijgen... in hoeverre het incontinentiemateriaal verzadigd is. Maar waarom zet je dat eigenlijk in? Omdat je ziet dat er best wel veel onnodige controles zijn... in de langdurige zorg, verpleeghuiszorg. Je ziet dat ook mensen dan soms gewekt worden. Je kunt je ook indenken dat iemand die bedlegerig is en je moet verschonen... en bijvoorbeeld het bed is ook nat, dat dat veel tijd kost. Dus de verwachtingen waren eigenlijk bij de inzet... van dit digitale hybride zorgproces, dat er zeker een meerwaarde is. Bijvoorbeeld ook in waardigheid, in comfort, een betere nachtrust... maar ook zeker in die kosten. Onderin, niet helemaal te lezen, een berekening voor verschillende doelgroepen. Daar hadden we het net even over. Dus mensen die heel mobiel zijn of juist immobiel. Dan met name bij immobiele mensen hebben we de meeste waarde gevonden... in tijd en euro's. Maar dat betekent niet dat we die waardigheid en het comfort... moeten onderschatten. Dat geldt natuurlijk voor alle doelgroepen. We hebben ook een kosten- batenmatrix daarvan gemaakt. Daaronder ligt allerlei data, allerlei onderzoeken en resultaten. En wat heb je dan gemeten daadwerkelijk? -Dat is een goede vraag. Dus wat we gemeten hebben, zijn verschillende zaken. We hebben echt metingen gedaan op locatie. Die heb ik zelf ook nog gedaan trouwens, met een stopwatch... om te meten: hoelang duurt nou zo'n verschoningsmoment? Is er een verschil überhaupt... tussen slim incontinentiemateriaal en klassiek materiaal? Er was eigenlijk geen verschil. Maar we gingen ook meten, met stopwatches, met studenten: hoe zit het nou bij de verschillende mobiliteitsklassen? Dus hoelang duurt het dan? Maar ook: hoe vaak worden mensen eigenlijk verschoond? Hoe vaak worden mensen gecontroleerd? Dat is hele relevante data, want daarmee kun je uiteindelijk gaan rekenen. Dus die meting hebben we gedaan. We hebben ook de zorgprofessionals bevraagd in interviews. Dus bijvoorbeeld van: goed draagcomfort. Je kunt het niet altijd bij een cliënt meten, maar wel vragen. Je kunt ook de familie vragen. Je kunt ook observeren, bijvoorbeeld, hoe het draagcomfort is. Dus zo hebben we eigenlijk verschillende methodes gebruikt om dat te meten. Wat we ook hebben gedaan, bijvoorbeeld voor de harde kosten... die zijn eigenlijk relatief makkelijk altijd in kaart te brengen. Dus hebben we een vragenlijst voor de organisatie. Niet zozeer voor zorgprofessionals, maar voor de organisatie, van: wat kost het eigenlijk, die aanschaf van die hardware of die software? Jullie hebben training gehad. Hoeveel tijd kost dat? Hoeveel mensen waren daarbij aanwezig? Dus dat soort vragen. Die kun je relatief makkelijk stellen voor die harde kosten. Die harde baten ga je natuurlijk berekenen met die observaties die we hebben gedaan... en de klokken en die tijden. Dan kun je het ook omrekenen naar euro's eventueel. Hoeveel tijd kost nou zo'n onderzoek? Jullie hebben dat gedaan voor een instelling of voor meerdere. Heb je daar een idee van of kun je daar een inschatting van geven in deze? Wat ik meteen meegeef: dit is een heel groot onderzoek geweest. Ja, daarom. Daarom zei ik net ook: het is heel mooi als je een puzzelstukje kan leggen. Dus stel dat je iets in kaart kan brengen over de kosten alvast. Je hebt ook in kaart gebracht wat het effect is... op een bepaalde cliëntengroep bijvoorbeeld. En dat je ook iets zou kunnen weten over bijvoorbeeld werkplezier. Dan heb je al een mooi setje aan uitkomstmaten. Maar dit hebben we gedaan bij meerdere organisaties... bij heel veel cliënten over meerdere jaren. Dit moest ook echt een wetenschappelijke aanpak krijgen? Ook dit was eigenlijk weer incrementeel. Dus we zijn bij één organisatie begonnen. Daar zagen we meerwaarde. Toen gingen we naar drie organisaties, naar zes, naar negen. Op die manier hebben we het onderzoek opgeschaald... en, laat ik het zo zeggen, de onderzoekslast was met name in het begin. Want al die metingen die we moesten doen, waren ook nodig voor de andere organisaties. Dus uiteindelijk werd het een soort gestandaardiseerde vragenlijst... die de organisatie kon invullen. Dan konden wij voor hen weer berekenen wat het zou zijn. Dus met name dat. Maar dan zou dit een hele goede basis zijn als nulmeting eigenlijk... voor degenen die nog een meting moeten gaan doen. Want als je dat niet gedaan hebt, dan kan je op basis daarvan... denk ik wel tijdens je traject dat vergelijken met dat materiaal. Dan heb je weer dat puzzelstukje wat je inbrengt. Een ander voorbeeld ook wel aardig om te benoemen. Ik hoorde het net ook al even. Spraakgestuurd rapporteren is ook een van de processen. Heel veel aandacht voor spraakgestuurd rapporteren met AI. Is dat laaghangend fruit of zo dat er zoveel enthousiasme voor is? Dat verwacht ik wel, ja... dat er veel tijdswinst is te behalen met spraakgestuurd rapporteren. En zo start het ook. We gaan het niet zomaar doen. Je hoort heel veel berichten, ook vanuit de huisarts... en ook in krantenartikelen, dat dat het best wel tijd scheelt. En dat het soms heel fijn is dat je twee handen beschikbaar hebt. Maar er was nog heel weinig bekend, met name in de zorg, over spraakgestuurd rapporteren. We doen natuurlijk al heel lang spraakgestuurde dingen. Bijvoorbeeld in je auto, op je telefoon, noem maar op. Het rapporteren in de zorg deden we nog niet zo. Maar wat we gedaan hebben in de VVT vorig jaar... is dat de vraag eigenlijk naar voren kwam: hé, maar is dat eigenlijk wel sneller? Toen zijn we de literatuur ingedoken. We dachten: het is vast al onderzocht. Maar dat was nog niet het geval en we waren ook wel benieuwd naar de foutenmarges. Want je wil natuurlijk wel dat die foutenmarge relatief laag is... met name als het gaat om de zorg en als het gaat om cliënten... en over behandelingen, noem maar op. En dan kom ik even terug op dat stukje: moet het altijd in de context of kan het ook zonder context? Hier dachten we van: als je alleen dat stukje wil weten over die foutenmarge... en of het sneller is, dan halen we de context even weg. We hebben het wel op locaties gemeten en gecontroleerd. Heel netjes, eigenlijk bijna als een labstudie binnen een zorgorganisatie. Daar vonden we dan ook dat het 3,5 keer sneller is... maar zonder die context. De foutenmarge was laag. We hebben ook gekeken naar adoptie en acceptatie. En dit jaar krijgen we wel natuurlijk ook organisaties die zeggen: maar goed, in mijn context werkt het nog niet zo. Dat snappen wij ook, want soms kan er lawaai zijn, geluid... of je bent onderweg of... -Privacy. Privacy, dus de ideale setting? Het is sneller. Maar nu komt de volgende stap en dan proberen we... die contextfactoren goed in kaart te brengen. En dat is dan de arbeidstijdsbesparing... maar wat we wel zien met het spraakgestuurd rapporteren... is dat zorgmedewerkers dit echt heel fijn vinden. Het is mooi voor de kwaliteit. -Comfort van je werk. Ja, dus dat is ook gewoon echt een enorm goede spin-off van deze technologie. En wat natuurlijk altijd goed is, dat doen wij ook steeds meer... in het waardebepalend onderzoek: we zijn ook bezig met verantwoord innoveren. Dus we zijn ook altijd aan het kijken: wat zijn risico's en kansen? Dat is bij spraakgestuurd rapporteren ook altijd heel belangrijk. Hoe zit het bijvoorbeeld met klinisch redeneren? En zien we ergens ook nog weer een risico? Dat betekent niet dat we het niet gaan doen... maar laten we ons er bewust van zijn en dat ondersteunen op de een of andere manier. Dat je daar je ogen niet voor sluit. -Precies, ja. Ik kreeg nog een vraag over zo'n labexperiment, zoals jij het noemde. Misschien in twee maanden heb je alle data en ga je vervolgens aan de slag. Er zullen ook trajecten zijn die bijvoorbeeld twee, drie jaar lopen... voordat je goed en wel aan de slag kunt. Ik krijg een vraag over: hoeveel meetmomenten moet je nou eigenlijk in zo'n langduriger traject organiseren? Ook een hele goede vraag. Het hangt af van het zorgproces... van de interventie, van de doelgroep. Van heel veel factoren hangt het af. Het is belangrijk dat je van tevoren, als je begint met het meetplan en operationalisatie... ook nadenkt op basis van bestaande literatuur: wanneer verwacht je een effect? Zodat je niet onnodig zes keer per jaar gaat meten... als je weet van: hé, dit is een effect. Bijvoorbeeld kwaliteit van leven is een hele complexe. En dat kost tijd. Dus als je daar veranderingen zou willen zien... of bijvoorbeeld wellicht werkplezier of bepaalde uitkomstmaten... dan kun je wel van tevoren gaan nadenken: hé, wanneer pakken we die meetmomenten? Soms zie je dat je in het begin wat meer nog doet... omdat je dan ook heel erg zit nog met het stukje acceptatie en adoptie. Bijvoorbeeld, je hebt een nulmeting en dan doe je een T1-meting in maand één of twee. Maar daarna duurt het al weer wat langer. Dan kun je bijvoorbeeld na een maand zes, of soms maand twaalf. Maar denk daar heel goed bewust over na: wanneer verwachten wij effecten voor deze doelgroep? Maar het heeft met name, denk ik, te maken met het meer kwalitatieve onderzoek... van: je moet mensen gaan bevragen. Daar hebben we al van vastgesteld dat mensen vragenlijstmoe worden. Maar de logdata is natuurlijk in principe altijd beschikbaar... dus dat is wel fijn. Het dashboard van de toepassing geeft gewoon informatie... waar je redelijk neutraal naar kunt kijken, over het effect. Want zo'n dashboard is er voor een project? Alle leveranciers hebben natuurlijk in hun toepassing data. Of dat wordt gewoon aangestuurd door data. Dus op het moment dat dat erin zit, kun je het er ook uithalen. Het is de vraag van: welke waarde hecht je eraan? Dat is misschien dan ook de vraag: joh, heeft het dan ook echt waarde? Of moet ik dat inderdaad pas over drie of vier maanden doen? Want dan heeft het echt effect. En volgens mij kunnen ze ook bij jullie terecht voor die meetplannen. En of het reëel is wat ze wat ze aan het doen zijn. Hier gaat het nu in de vraag over drie jaar. Wat is jouw beeld over hoelang de projecten die zijn ingediend... over het algemeen qua looptijd hebben? De opschalings- en evaluatieroutes duren gemiddeld tussen de twee en drie jaar. Je hebt een aantal wat korter is. Spraakgestuurd rapporteren is misschien toch wat makkelijker te implementeren... dan inderdaad de communicatieplatformen met beeldzorgondersteuning. Dat heeft gewoon meer tijd nodig, want bij spraakgestuurd rapporteren... heb je in principe alleen de zorgmedewerker die in dit geval het lijdend voorwerp is... en de toepassing gebruikt. Wanneer je natuurlijk hybride zorg via beeldschermzorg gaat doen... daar heb je ook een cliënt die je mee moet nemen in het hele traject. Wil niet zeggen dat je dat hier niet moet doen, maar daar ben je wel met zijn tweeën. En heel goed wat je zei ook over die data die je sowieso al kan verzamelen. Dat doen wij ook altijd. Dus inderdaad, wat kun je bij de leverancier... bijvoorbeeld in de gebruiksdata al ophalen? Bij bijvoorbeeld hybride medicatieaanreiking zie je dat ook. En maak ook gebruik van real world-data en maak gebruik van CBS-data, Vektis-data. Dus er is heel veel bekend. Met name met zo'n kosten-batenanalyse kun je heel veel data al ophalen. Jij benoemt dat. Ik weet niet zo goed of alle zorginstellingen... bekend zijn met dat soort bronnen... en hoe ze die kunnen raadplegen en hoeveel tijd dat kost. Daar kunnen ze ons ook voor benaderen. Precies, ja. Dus laten we zeggen, niet alleen van: hoe moet ik het aanpakken? Maar ook over: waar vind ik de kennis? Bel Henk Herman. Het Consortium. -Oké. Want jij gaat binnenkort op vakantie, ik snap dat je dat zegt. Wilde je ons nog even meenemen of had je nog een voorbeeld mogelijk? Deze vraag kregen we ook. Dus dit is het laatste stapje wat ik net liet zien, die verzilvering. Dus de tijd die vrijkomt als je digitale hybride zorg inzet. Hopelijk. Waar kun je dat dan voor benutten? Voor wat voor andere activiteiten wellicht? Ik heb even 'waardevolle' tussen haakjes gezet. Het is natuurlijk even de vraag wat dan waardevol is voor een organisatie. Het kan soms ook zijn een stukje werkdrukverlichting bijvoorbeeld. Laatst was er nieuws over lummelen, wat ook heel belangrijk is in ons leven. Maar goed, hier een aantal zaken genoemd. Dus het is het behandelen van meer cliënten, patiënten... de aandacht voor cliënten, patiënten met complexe zorgvragen... en kwaliteitsverbetering wellicht ook in het zorgproces. Het verlagen van werkdruk in teams. We werken steeds meer naar preventie en reablement, passende zorg. Dat is natuurlijk ook iets waar je op in kan zetten, scholing. Je kunt nog wel meer verzinnen. En daar rechts heb ik even een quote geplaatst. Het is ietsje gedateerd al, ik denk nu van zo'n vier jaar geleden... van Jan-Kees van Wijnen, van tanteLouise. Ik vond het wel een hele mooie. Die raakt ook weer die hybride incontinentiezorg. Hij heeft gezegd van: die tijdsbesparing bij zeven teams... hebben we zo ingezet dat ze een tussendienst konden terugbrengen... van vier naar drie uur. Dat scheelde 49 uur per week. Daarmee hebben ze de extra kosten voor innovatie bekostigd. Dus dat is een heel mooi voorbeeld. Zo zijn er natuurlijk voor organisaties wel meer mogelijkheden. Maar hier even een aantal ideeën voor die verzilvering. Ik geef wel ook toe dat dit een hele complexe is. Eigenlijk in alle trajecten die we doen, alle waardebepalingstrajecten... is dit een zoektocht. -Klopt, ja. Hoe gaan we dit verzilveren? Met name omdat we... al met relatief weinig mensen werken, we hebben het al heel druk. Die vijf minuten per dag zie ik niet terug. Dus dit is een complexe. En we zien dat vooral terug, mooie resultaten... in systemen zoals in de nachtzorg of zo... waar echt letterlijk gewoon teruggeschaald kan worden van 3 naar 2 fte. Dan wordt die derde fte echt niet ontslagen... want die angst is misschien ook aanwezig. -Daar is overdag nog genoeg voor te doen. Van: 'Joh, dan vervangt dat mijn werk.' Maar dat is natuurlijk helemaal niet zo. Maar die kan dan wel op veel betere momenten ingezet worden... wat ook bij hun aansluit, want niemand heeft zin in nachtzorg eigenlijk. Deze hebben wij precies ook in een van de trajecten meegemaakt. Met nachtzorgdomotica inderdaad, de inzet daarvan. Dat uiteindelijk de organisatie kon werken met vliegende keep... dus die kon ook nog naar een andere locatie. En zo konden ze ook van 3 naar 2. En dat vind je dan in je waardetabel gewoon op een heel andere plek terug? Ja, en die benoem je ook nog even specifiek als verzilvering. Goed, oké. Had je nog iets? Anders heb ik nog wat vragen. Ik heb volgens mij nog één slide en die is niet onbelangrijk, denk ik. Ik had het al even over dat Consortium Waardebepaling. Dus al die partijen die nu samenwerken aan uniformering. Je kunt contact met ons opnemen. We hebben nu nog een e-mailadres bij Vilans. Dat zal nog een andere worden, maar daar informeren we iedereen over. We hebben een projectpagina, ook bij Vilans. Je kunt even een scan doen daarvan. We kunnen gevraagd, ongevraagd advies geven. We hadden het ook al even over die matchmaking tussen partijen. Het kan namelijk zo zijn dat je een vraag hebt bijvoorbeeld... voor een bepaald type onderzoek of ondersteuning daarin. Dan gaan wij kijken: welke onderzoeksorganisatie is het best passend? Soms is dat een organisatie die in de buurt zit, wat juist makkelijk is. Maar soms zit er een bepaalde expertise ergens anders in het land... en dan wil je juist die laten invliegen. Hebben jullie ook een overzicht van zorginstellingen... die specifiek met bepaalde toepassingen bezig zijn of processen? Kunnen jullie zo matchen? Ja, we hebben dat vanuit een aantal programma's allemaal liggen. Maar die zijn we ook nog verder aan het doorontwikkelen. Wat dat betreft, hebben wij natuurlijk op onze website... een overzicht van alle projecten die binnen de STOZ subsidie hebben ontvangen. Daar zie je wie dat dan zijn. Dus je kunt wel zien op onze website wie waarmee bezig is. Het is alleen nog niet zo toegankelijk, niet ingedeeld per proces of iets dergelijks. Maar het is vrij goed te scrollen als je op zoek bent naar iets. Je kan in ieder geval weten wat er verder al gebeurt. En contact opnemen met die organisatie. Maar dan kan ik me voorstellen dat er ook een vraag is van: maar als we het nou over die puzzelstukjes hebben... hoe weet ik of ik met een zinvol puzzelstukje bezig ben? Is er ook al iemand die de durf heeft om de puzzel alvast te leggen... om te kijken: waar zijn dan nog stukjes die we niet weten... die misschien interessant zijn voor een eventueel volgende ronde van STOZ? Maar die staat nog in de sterren, dus ik wil er helemaal niks over suggereren. Ik kan alleen maar aangeven: ga vooral inderdaad naar het Consortium... en kijk of zij input kunnen geven... en dat kunnen ze, want die kennis en ervaring is er... of de aanpak logisch is... of de meetplannen die er zijn, of ze dat kunnen benutten daarin. Dan heb je in ieder geval dat je allemaal op de juiste momenten en tijden... met de juiste gegevens meet. Dan hebben we pas in heel Nederland een goede vergelijking van alle methodes die worden ingezet. Oké, dus daarmee wordt in ieder geval het fundament... om met elkaar onderzoek te doen en stappen hierin te zetten dan wel goed benut. En ik kan me voorstellen dat er aanvragers zijn die, dit verhaal horende, denken van: ik heb misschien voor mijn plan een beetje een te grote broek aangetrokken. Een aantal dingen zijn hier genoemd: kijk of je een onderzoek langzaam maar zeker kunt opschalen. Dat incrementele werd genoemd. Er werd ook al gezegd: houd het klein. Wees er even zorgvuldig in... dat je ook het idee hebt dat je iets kunt meten met wat je gaat doen... dat je de context zoveel mogelijk in de periferie wil kunnen houden. Zoiets begrijp ik eruit. Als er nou partijen morgen bellen: 'Zeg, Marion, ik geloof toch dat we ons plan anders moeten gaan inrichten.' Wat is dan jouw reactie? Dat kan, want een plan verandert altijd, dus dat is helemaal geen probleem. Dus daar ligt geen enkele zorg. Nee, want alles wat we vandaag op papier zetten, verandert morgen weer. Dus het is natuurlijk wel belangrijk dat we het doel voor ogen blijven houden. Dat is natuurlijk wel vastgelegd. Maar de wijze om daar te komen, daar kunnen we van afwijken. En de mate waarin? Ja, weet je, we hebben geen resultaatafrekening... maar wel een inspanningsverplichting die wij aan de subsidieverlening koppelen. Dus als de beoogde arbeidsbesparing of de beoogde kwaliteit of wat dan ook... niet behaald wordt, dan hoef je die subsidie niet terug te betalen. Maar we vinden het wel fijn om te weten hoe dat nu gegaan is, voor anderen. En dan ook werken aan die centrale kennisdeling... want we willen heel graag van elkaar leren... ook wat de barrières waren binnen verschillende trajecten... en hoe we elkaar kunnen versterken. -Ik vind wel... en dat ervaar ik ook wel uit andere instrumenten voor andere doelgroepen... dat, zeker bij zorginstellingen... men nooit terughoudend is in met elkaar overleggen... en delen van kennis, dus dat is heel fijn. Het is eerder van: joh, bij wie kan ik me melden? Ik heb zo voor u nog een paar vragen over wat dit webinar... wellicht voor u heeft opgeleverd. Maar er zijn nog een paar vragen die ik jullie hier aan tafel niet wil onthouden. En eentje is: hoe zit het met het delen van databronnen? Zijn die makkelijk aan iedereen te delen? Of moet je daar dan toch specifiek even zelf een afspraak over maken? Hele goede vraag. Kijk, in principe werk je vanuit een datamanagement-plan... en is het heel belangrijk om voorzichtig met die data om te gaan... ook het delen van onderzoeksdata. Het hangt ook van het type data af. Maar goed, daar zijn wel methodes voor om dat netjes te doen. En wat we juist willen, is dat we die data wel kunnen delen en stapelen. Maar er zit natuurlijk nog wel iets qua wetgeving en juridisch onder. Dat is het belangrijkste. Maar de vraag stellen moet je niet achterwege laten. Precies, uiteraard. -Oké, dan heb ik ook nog een vraag over... de eis dat er een kennisinstituut betrokken moet zijn bij de evaluatie. Heeft Vilans daarin het monopolie of mogen er ook anderen betrokken worden? Het is geen eis van de regeling. Het wordt wel aanbevolen om bij een waardebepalingsonderzoek... een kennisinstelling te betrekken omdat zij gewoon gewend zijn... aan het opzetten van dit soort onderzoeksmethodes en dergelijke. Het is vooral een expertrol op het gebied van waardebepaling in evalueren. Klopt, en we zien daar natuurlijk diverse partijen die daar prima ondersteunen. Maar het hoeft niet. Zeker niet. Dan ben ik nu eventjes door de vragen heen... waarbij ik ook even naar de klok kijk... want er zijn nog een paar dingen die ik even heb te noemen. Wat we in ieder geval gedaan hebben... is dat we inzicht hebben gekregen in hoe of wat, de voetangels en klemmen... bij het evalueren. Of eigenlijk, ik zou bijna zeggen: moeten we het nog wel hebben over evalueren? Of gaan we het meer over de waardebepaling hebben van de uitkomsten van het onderzoek? Maar dat is even een vraag aan jou van mij nu, Marion. Ik zou zeggen allebei. Evalueer wat je doet en bepaal wat het effect is. Ten behoeve van de waardebepaling. -Ja, heel goed. Oké, dat is één. Ook gehoord dat als er vragen zijn over de subsidieaanvraag... of het subsidieproject over de voortgang of hoe daarmee om te gaan... bel vooral Marion en haar collega's. Wat ik zei, het webinar is opgenomen. Er is als we het webinar stoppen zo ook nog even een enquête voor u... want wij willen heel graag weten wat u van de webinar vond... om te zorgen dat het de volgende keer een nog beter webinar kan worden. Dan heb ik eigenlijk nog als laatste twee pollvragen voor u. Ik ben bijvoorbeeld heel erg benieuwd of er nu plannen zijn... om de plannen bij te stellen die tot nu toe bij de subsidieaanvragen waren ingediend. Ik zie... Wat denken jullie? Ik hou het even spannend. Hoe wordt er op die vraag gereageerd? Ik denk misschien niet direct bijstelling... maar wel dat ze misschien meer kennis gaan ophalen en dat nu vergelijken... en wellicht op basis daarvan gaan bijstellen. Dat hoop ik dan maar. -Henk Herman, wat denk jij? Ik denk dat het ook nog afhangt van de fase. In de beginnende fase dat die misschien wel wat gaan bijstellen. En als je wat verder bent al in het traject misschien een beetje finetunen. Bijna 30% gaat zijn plan aanpassen. Dus ik denk dat er heel veel ideeën zijn opgedaan... naar aanleiding van hoe tegen de zaken aan te kijken. Dus dat is fijn. En dan heb ik nog een laatste vraag. Die gaat over het werken aan de puzzelstukjes of het gebruikmaken van andermans kennis. Gaat u gebruikmaken van de kennis van anderen? Ja, van collega-organisaties. Ja, van een kennisinstelling. Ja, van de leverancier van de toepassing. Ja, van mijn regiopartners. Nee. Of voor mij is het niet van toepassing of ik weet het niet. Wat denken jullie? Alles behalve 'nee'. Henk Herman? -Ja, verwacht ik ook. Er is er toch nog eentje die zegt nee. Of twee. Maar inderdaad, de leverancier van de toepassing... de kennisinstelling, maar ook de collega-organisaties... hebben een gedeelde eerste plaats als het gaat om de beantwoording hiervan. Goed, lieve mensen. Daarmee zijn wij aan het eind gekomen van dit webinar... over de Stimuleringsregeling Technologie in Ondersteuning en Zorg. Marion, ik wil je heel hartelijk bedanken voor je uitleg. Henk Herman, jou ook voor de achtergronden en de aandachtspunten die spelen... bij een goede waardebepaling en evaluatie. Ik wens u, de kijkers thuis, mag ik dan zeggen... heel veel succes met het vervolg van het project. Verder nog een fijne dag en wellicht tot een andere keer.

Tekst in beeld: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Heeft u vragen over het meten van de impact van digitalisering van uw zorgprocessen? Bezoek dan de webpagina van Consortium Waardebepaling op vilans.nl.

Zorgnetwerken per sector

In het onderstaande zorgnetwerken-overzicht vindt u per sector verschillende kennisplatforms die u ondersteunen bij kennisopbouw, kennisuitwisseling implementatie en onderzoek. Kies uw sector en ontdek welke relevant zijn voor uw project. In het overzicht staan een aantal begrippen. Deze worden onder aan het overzicht toegelicht.

Verpleeg- en Verzorgingshuizen en Thuiszorg (VVT)

Beschikbare zorgnetwerken:

Gehandicaptenzorg (GHZ)

Beschikbare zorgnetwerken:

Huisartsenzorg (HAZ)

Beschikbare zorgnetwerken:

Geestelijke gezondheidszorg (GGZ)

Beschikbare zorgnetwerken:

Medisch-specialistische zorg/Ziekenhuizen (MSZ/ZKH)

Beschikbare zorgnetwerken:

Sociaal domein (SD)

Beschikbare zorgnetwerken:

Jeugdzorg (JZ)

Beschikbare zorgnetwerken:

Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD)

Beschikbare zorgnetwerken:

  • Kennis: op de websites van deze partijen vindt u kennis over verschillende digitale zorgtoepassingen of tips en tools voor het implementatieproces.
  • Kennisuitwisseling: deze organisatie of project faciliteert kennisuitwisseling tussen verschillende partijen in bijvoorbeeld een lerend netwerk
  • Ondersteuning implementatie: deze organisatie of project helpt bij de implementatie van digitale zorg door bijvoorbeeld het aanbieden van een coach.
  • Ondersteuning onderzoek: deze partij kan ondersteunen bij het uitvoeren van het onderzoek. 

Implementatiehulp voor zorginstellingen

Bent u bezig met de implementatie van uw project? Deze handboeken en wegwijzers van Vilans kunnen daarbij helpen: ze sluiten direct aan op de processen op de STOZ-lijst. 

Leren van anderen met STOZ-praktijkverhalen

Wilt u weten hoe andere organisaties technologie succesvol inzetten met ondersteuning van STOZ? Bekijk praktijkverhalen uit verschillende sectoren.

  • STMG biedt ondersteuning, verpleging en verzorging bij mensen thuis in Midden-Gelderland en investeerde in spraakgestuurd rapporteren. 
""Rapportages inspreken vergroot de betrokkenheid bij cliënt en levert tijd op voor medewerkers.""
Tjitske VervloedProjectleider bij STMG
  • De Zijlen zet volop in op digitalisering bij het ontwikkelen van toekomstbestendige zorg voor mensen met een verstandelijke beperking.
""Efficiënter werken zorgt voor meer tijd en ruimte voor persoonlijk contact.""
Menthe WarrinkLocatiehoofd bij De Zijlen
  • Stichting JY biedt ambulante begeleiding aan mensen met psychische kwetsbaarheid. Om digitale technologie structureel in te kunnen zetten, maakte de stichting gebruik van de STOZ. 
""Onze cliënten dachten actief mee over digitale zorgtechnologie.""
Yvonne MeijerOprichter en directeur bestuurder van Stichting JY
  • STOZ-adviseur Marije Konijnenberg was aanwezig tijdens de STOZ-netwerkbijeenkomst op 7 mei. 
"Zorgtechnologie werkt pas als de praktijk meebeweegt. In mijn blog lees je de 4 belangrijkste inzichten over het inzetten van innovatieve technologieën, zoals gedeeld door sprekers en deelnemers tijdens de bijeenkomst. "
Marije KonijnenbergSTOZ-adviseur

STOZ helpt u verder

Heeft u vragen over uw aanvraag? Neem dan contact op met uw projectadviseur. Als u niet weet wie uw projectadviseur is, neem dan contact met ons op.

In opdracht van:
  • Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport