Veelgestelde vragen SDE Algemeen | RVO.nl | Rijksdienst

Service menu right

Veelgestelde vragen SDE Algemeen

Veelgestelde vragen

Als ik één jaar ontheffing op de realisatietermijn (= uiterlijke termijn ingebruikname) ontvang, schuift dan de maximale looptijd van de subsidie (= de subsidiabele periode) dan ook met één jaar op?

Nee, er is geen uitstel mogelijk op de startdatum subsidie. Uitstel van realisatie gaat alleen om een ontheffing om de installatie één jaar later in gebruik te nemen. De subsidiabele periode start dus op de oorspronkelijke uiterste datum ingebruikname.

Komt alleen de producent van hernieuwbare energie in aanmerking voor SDE+-subsidie?

Ja, alleen de beoogd producent kan in aanmerking komen voor SDE+-subsidie. Is er sprake van een samenwerkingsverband, dan is het samenwerkingsverband de beoogde producent. Op het aanvraagformulier vult u bij subsidieaanvrager de beoogde producent in. Als de aanvrager niet van plan is zelf de productie-installatie in bedrijf te nemen en te exploiteren, is hij geen beoogd producent en komt hij niet in aanmerking voor SDE+-subsidie.

Kan ik SDE++-subsidie krijgen wanneer de vereiste vergunningen nog niet zijn afgegeven?

De vereiste vergunningen niet aanwezig? Dan geen SDE++-subsidie. In de meeste gevallen zijn voor de productie-installatie een of meer vergunningen vereist. Op het moment dat u uw aanvraag indient, moeten deze vergunningen zijn verleend door het bevoegd gezag. Stuur de verleende vergunning(en) mee met uw subsidieaanvraag, samen met uw Omgevingsvergunningaanvraag. Voor de zon-categorieën geldt dat u de Omgevingsvergunningsaanvraag niet bij uw subsidieaanvraag hoeft toe te voegen.
 
Bij uw SDE++-subsidieaanvraag stuurt u de verleende vergunning(en) mee, dus niet de ontwerpvergunning(en). Let op: Als een bezwaar of beroep is aangetekend, is de verleende vergunning nog niet onherroepelijk

maar kunt u al wel een aanvraag indienen.

Uitzondering: Als u een subsidieaanvraag doet voor de categorie windenergie op zee dan vraagt u subsidie en vergunning tegelijk aan. In dit geval is er geen vergunningseis vooraf, immers de winnaar van de tender krijgt naast de SDE-beschikking ook de vergunning.

Waarom moeten de vereiste vergunningen met de SDE+(+)-aanvraag meegestuurd worden?

Omdat aanvragers met elkaar concurreren om het beschikbare subsidiebudget is het van groot belang om zoveel mogelijk zekerheid te verkrijgen over de realisatie van het project. Deze zekerheid verkrijgen we onder andere door te vragen naar de voor de realisatie van het project noodzakelijke vergunningen die als verplichte bijlage bij de aanvraag verstrekt moeten worden.

RVO toetst of er een vergunning nodig is en of de bij de aanvraag verstrekte vergunning(en) inderdaad betrekking heb(ben) op het aangevraagde project. Het is aan het bevoegd gezag (de gemeente of provincie) om een vergunning al dan niet te verlenen. RVO staat hier verder buiten en toetst dit niet inhoudelijk.

Kortom, als de voor de realisatie van de productie-installatie noodzakelijke vergunningen door het bevoegd gezag zijn verstrekt dan kan er, als ook aan alle andere voorwaarden wordt voldaan, subsidie verleend worden. Mocht er naderhand discussie ontstaan over de vergunning(en) dan staat dit los van het besluit om subsidie te verlenen. Wel kan dit van invloed zijn op de voortgang van het project.

Is btw verschuldigd over de SDE+-subsidie?

Nee, de Belastingdienst heeft het standpunt ingenomen dat SDE+-subsidies niet belast zijn met btw. Er is een onvoldoende verband gebleken tussen de toekenning van de subsidie en een prestatie die verbruikt wordt om tot btw-heffing over te kunnen gaan.

Hoe wordt de SDE+-bijdrage berekend?

Bekijk ook de Voorlichtingsfilm SDE+ 2019. Afhankelijk van het opgegeven vermogen en het maximale aantal vollasturen voor de technologie, respectievelijk uw windproject stelt Rijksdienst voor Ondernemend Nederland het maximale subsidiebedrag vast voor de gehele looptijd van de subsidie (5, 8, 12 of 15 jaar).

De SDE+ vergoedt het verschil tussen de kostprijs van hernieuwbare energie en de opbrengst van grijze energie, het zogenaamde correctiebedrag. De kostprijs van hernieuwbare energie wordt ook wel het basisbedrag genoemd. Per categorie productie-installaties en per openstellingronde is er een basisbedrag. Vanaf 2016 kunt u voor een bepaald fasebedrag in de vrije categorie of voor het basisbedrag een subsidieaanvraag indienen. De SDE+-bijdrage wordt samengesteld door het vastgestelde basisbedrag of het gekozen fasebedrag in de vrije categorie te verminderen met het correctiebedrag.

Het Planbureau voor de leefomgeving (PBL), DNV-GL, en TNO brengen in opdracht van het ministerie van Economische Zaken per SDE+-ronde advies uit over de basisbedragen van de categorieën productie-installaties. De minister stelt vervolgens de basisbedragen vast. Deze basisbedragen gelden vervolgens de gehele subsidieperiode.

In het najaar worden door ECN de voorlopige correctiebedragen voor het komende jaar vastgesteld aan de hand van de ontwikkeling van de energieprijs. Het correctiebedrag wordt gebruikt bij de berekening van het voorschotbedrag voor de verwachte subsidiabele energieproductie in het komende jaar.

De voorlopige correctiebedragen worden in het kalenderjaar volgende op het productiejaar definitief vastgesteld, waarop een bijstelling van reeds uitbetaalde voorschotbedragen plaatsvindt. Er wordt dan gekeken of in het afgelopen kalenderjaar te weinig of te veel SDE+-subsidie is ontvangen.

Uitzondering: Voor de categorie windenergie op zee adviseert ECN geen basisbedrag, maar wordt het winnende tenderbedrag vastgesteld. De verdere systematiek is gelijk aan de andere categorieën. Lees meer over windenergie op zee.

Maakt het uit op welk moment ik een subsidieaanvraag indien?

Ja, RVO behandelt de aanvragen op volgorde van binnenkomst per werkdag. Aanvragen die zijn ontvangen om 17.00 uur of later, tellen de volgende werkdag mee. Een dag loopt dus van 17.00 uur tot 17.00 uur de volgende werkdag. Binnen deze 24 uur maakt het tijdstip van ontvangst van de subsidieaanvraag niet uit. Een openstellingsronde voorjaar of najaar heeft meerdere fases. Bovenstaande geldt ook bij de start van een nieuwe fase.

Als er op een dag meer aanvragen binnenkomen dan er budget beschikbaar is, rangschikken wij de aanvragen op volgorde van de aanvraagbedragen. De aanvraag met het laagste bedrag is als eerste aan de beurt. Als de budgetgrens tussen aanvragen met een gelijk bedrag valt, loten we tussen deze aanvragen. Aanvragen die wij om 17.00 uur of later ontvangen, merken wij voor de verdeling van het subsidiebudget aan als ontvangen op de volgende werkdag.

Het bedrag waarvoor u subsidie aanvraagt kan variëren. Het  basisbedrag is afhankelijk van de technologie. Ook kunt u subsidie aanvragen voor een lager bedrag in de vrije categorie op tienden van eurocenten per kilowattuur. De SDE+ gaat gefaseerd open. In de eerste fase kunnen projecten voor een fasebedrag van 9 €ct/kWh voor de productie van hernieuwbare elektriciteit en/of hernieuwbare warmte en 6,4 €ct/kWh voor de productie van hernieuwbaar gas subsidie aanvragen.

In elke opeenvolgende fase gaat, met het overgebleven budget, deze bovengrens een stap omhoog, tot het maximum fasebedrag van 13 €ct/kWh voor de productie van hernieuwbare elektriciteit en/of hernieuwbare warmte en 9,2 €ct/kWh voor de productie van hernieuwbaar gas in de laatste fase is bereikt. Voor iedere categorie productie-installatie geldt dat er een basisbedrag is vastgesteld waarboven wij geen subsidie uitkeren.

Wat houdt de 'vrije categorie' in en voor welke technologieën geldt het?

In de vrije categorie kunt u voor alle technologieën een subsidieaanvraag indienen op tienden van eurocenten per kilowattuur. Uw bedrag is lager dan of gelijk aan het maximum fasebedrag en hoger dan de basisenergieprijs. Ook is uw bedrag lager dan het vastgestelde basisbedrag van de categorie productie-installatie. Zo kunt u de subsidieaanvraag nog meer toespitsen op uw businesscase.

Waar moet de haalbaarheidsstudie aan voldoen?

Lees hiervoor de pagina Haalbaarheidsstudie SDE.

Ik ben geen eigenaar van de locatie. Heb ik toestemming nodig van de eigenaar?

Ja, op het aanvraagformulier geeft u aan of u al dan niet de eigenaar bent van de locatie waar de productie-installatie wordt geplaatst. Bent u geen eigenaar van de locatie, dan bent u verplicht om een verklaring van de eigenaar met uw aanvraag mee te sturen. In deze verklaring geeft de eigenaar toestemming dat u de productie-installatie op de beoogde locatie installeert en exploiteert. Met ingang van de SDE+-najaarsronde 2019 moet u hiervoor het uniforme toestemmingsformulier 'Model toestemming locatie-eigenaar' gebruiken. Dit vindt u op de pagina Bijlagen bij uw aanvraag.

Kan RVO mijn adresgegevens aan derden verstrekken?

Ja, dat kan. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland is een overheidsorganisatie. Burgers en bedrijven kunnen een beroep doen op de Wet openbaarheid bestuur (WOB) en bij een overheidsorganisatie vragen om uitlevering van gegevens.
 
Op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming zijn particulieren, vof’s en maatschappen, die tot personen herleidbaar zijn uitgesloten van de informatieverplichting. De gegevens van particulieren, vof's en maatschappen, die tot personen herleidbaar zijn, worden dan ook niet verstrekt.

Krijg ik ook subsidie voor elektriciteit die ik niet invoer op een net, maar zelf gebruik of via een directe lijn aan een ander lever?

Ja, voor toekomstige en bestaande beschikkingen SDE(+) geldt dat elektriciteit die niet op een net wordt ingevoed ook zal worden gesubsidieerd. CertiQ is gemandateerd voor uitvoering van de Garanties van oorsprong (GVO) regeling voor wat betreft elektriciteit, HR-WKK-elektriciteit en warmte. CertiQ geeft garanties van oorsprong uit voor netlevering en niet-netlevering van elektriciteit. Op grond van beide certificaten zal subsidie worden verstrekt voor elektriciteit.

Daarnaast is vereist dat de elektriciteitsproductie correct wordt gemeten. Mogelijk is voor bestaande productie-installaties een aanpassing voor het meetsysteem nodig.
 
Uitzondering: Vraagt u subsidie aan voor de tender Windenergie op zee dan geldt dat alleen elektriciteit die op een net wordt ingevoed zal worden gesubsidieerd.

Ik heb afgelopen jaar niet alle productie kunnen benutten. Kan ik dit meenemen naar een volgend jaar?

Het is mogelijk om subsidiabele productie die niet is benut mee te nemen naar een volgend jaar. We noemen dit ‘forward banking’. Dit is mogelijk voor alle categorieën, met uitzondering voor de windcategorieën waarop de windfactor van toepassing is. Na de reguliere subsidieperiode kan de producent van hernieuwbare energie nog één jaar de tijd krijgen om eventueel niet benutte productie in te halen.
 
In 2015 is in het Besluit SDE ‘banking’ uitgebreid. Het is mogelijk om ook productie die hoger is dan de maximaal subsidiabele productie mee te nemen naar een volgend jaar (backward banking). Dit kan gebruikt worden als in een later jaar de productie tegenvalt. Deze vorm van banking is gemaximeerd op 25% van de subsidiabele jaarproductie en geldt voor alle categorieën. Uitzondering hierbij zijn bij- en meestook en windprojecten waarop de windfactor van toepassing is. De windfactor is een alternatief voor banking, waarmee het risico voor de exploitant om subsidie mis te lopen wordt afgedekt.
 
Uitzondering: Vraagt u subsidie aan voor windenergie op zee dan geldt dat u alle productie hoger dan de maximale subsidiabele jaarproductie mag meenemen naar de volgende jaren. Dit kan worden verrekend met jaren dat u minder produceert dan de maximale subsidiabele jaarproductie

Mijn subsidieaanvraag SDE+ is gehonoreerd, kan ik ook nog gebruik maken van de postcoderoosregeling of de Energie-investeringsaftrek (EIA)?

Als u gebruik maakt van SDE+-subsidie kunt u geen gebruik maken van de postcoderoosregeling en/of de Energie-investeringsaftrek (EIA).

Uitzondering SDE-EIA

Voor projecten met een Zon-PV veldopstelling met een SDE-beschikking vanaf 2016 zijn er mogelijkheden om voor de investeringskosten ten behoeve van de netaansluiting EIA aan te vragen. Zie hiervoor de Energielijst van de EIA.

Wat houdt de postcoderoosregeling in?

In het Energieakkoord is een belastingkorting afgesproken voor teruglevering van hernieuwbare energie door een coöperatie of door een vereniging van eigenaren (VvE). De korting geldt alleen wanneer de opgewekte energie wordt gebruikt door kleinverbruikers waarvan de leden zich binnen de zogenaamde ‘postcoderoos’ (viercijferige postcode plus aangrenzende postcodes) van de coöperatie of VvE bevinden en alleen voor elektriciteit die aan het net wordt geleverd.
 
Vanaf 1 januari 2016 bedraagt deze korting de volle energiebelasting (2016: 10,07 eurocent per kWh excl. BTW) voor de eerste tranche (10.000 kWh). De korting is geldig voor een periode van 15 jaar.

Kan ik meerdere aanvragen op 1 adres indienen?

Tijdens een openstellingsronde van de SDE+ kunt u per categorie productie-installatie, per adres waarop de productie-installatie wordt geplaatst maximaal 1 aanvraag indienen. Wel is het mogelijk om op 1 adres voor verschillende categorieën productie-installaties subsidie aan te vragen.

Wat gebeurt er als ik mijn aanvraag intrek?

  • Als u uw aanvraag vóór subsidieverlening intrekt, dan mag u in deze openstellingsronde niet nogmaals in dezelfde categorie op hetzelfde adres een aanvraag indienen.
  • Als u uw aanvraag intrekt nadat er een positieve beschikking voor de productie-installatie is afgegeven, dan kan RVO in uitzonderlijke situaties deze locatie blokkeren voor een aanvraag in dezelfde categorie.  Deze blokkade geldt voor 3 jaar na datum subsidieverlening.

Binnen welke termijn moet ik, nadat ik de subsidiebeschikking heb ontvangen, opdracht verstrekken voor de bouw van de productie-installatie?

De uiterste termijn voor het verstrekken van de opdracht voor de bouw van de productie-installatie is 18 maanden na afgifte van de beschikking. Met de publicatie Wijziging van de algemene uitvoeringsregeling SDE op 18 september 2018 in de Staatscourant is deze uiterste termijn van 12 maanden gewijzigd in 18 maanden na afgifte van de beschikking.Deze ruimere termijn van 18 maanden geldt vanaf 19 september 2018 voor nieuwe en reeds afgegeven beschikkingen.
 

Kanttekening: Deze wijziging geldt niet voor Wind op Zee en Zon-PV < 1 MWp vanaf SDE+ najaar 2017.

Moet ik als aanvrager een haalbaarheidstudie voor elk project bijvoegen, als ik voor meerdere projecten subsidie aanvraag in dezelfde openingsronde?

Voorbeeld: U bent aanvrager en gaat in dezelfde openingsronde SDE+-subsidie aanvragen voor 5 projecten:

  • 2 projecten met elk een vermogen van 0,5 MW (500 kWp)
    Voor deze 2 projecten is het verplicht om een haalbaarheidsstudie bij te voegen.
     
  • 3 projecten met elk een vermogen kleiner dan 0,5 MW
    Voor deze 3 projecten is het niet verplicht om een haalbaarheidsstudie bij te voegen.

Belangrijk is dat de haalbaarheidsstudies van de 2 projecten (de projecten met een vermogen van 0,5 MW) de onderbouwing bevatten van het eigen vermogen voor het totaal van de 5 projecten.

Let op: neem in het financieringsplan ook de eventuele projecten mee die in voorgaande SDE+-rondes zijn toegekend, maar nog niet zijn gerealiseerd.

Komt productie die niet gesubsidieerd is vanwege een negatieve elektriciteitsprijs in aanmerking voor banking? 

Nee. Dit volgt uit art. 14c van de Algemene uitvoeringsregeling. Dit betreft SDE-projecten met een beschikkingsdatum vanaf 1 december 2015.

Bent u tevreden over deze pagina?

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *
Mogen wij u benaderen voor een gebruikersonderzoek?
De komende tijd zoeken wij testers voor het nieuwe ontwerp van onze website. Wij zijn benieuwd naar uw mening en gaan graag met u in gesprek. Een online interview duurt maximaal 45 minuten.