Hoe beschermt u de natuur bij een windturbine?
Laatst gecontroleerd op: 30 maart 2026
Heeft u als ondernemer, burgercoöperatie of grondeigenaar plannen voor een windturbine of windpark? Dan bent u ‘initiatiefnemer’ en moet u rekening houden met het natuurbeleid. Windturbines kunnen namelijk gevolgen hebben voor beschermde planten, dieren en natuurgebieden. Lees op deze pagina welke regels er zijn.
Hoe beschermt u dieren tegen windturbines?
In de Omgevingswet staat de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Deze wet beschermt bijna 1.000 soorten vogels en andere dieren. Hierin staat dat het verboden is om vogels te verstoren of te doden. Ook mag u hun nest, rustplek of eieren niet verstoren.
Bij windprojecten is er een risico op verstoring of doding. Het is daarom belangrijk dat u als initiatiefnemer een milieueffectrapportage (MER-beoordeling) maakt, met aandacht voor vogel- en vleermuissoorten. In sommige gevallen moet u een speciale vergunning aanvragen: de omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteiten. U vraagt deze aan bij de provincie.
Vogels
Windturbines zorgen voor ongeveer 50.000 vogelslachtoffers per jaar. Dit is slechts een klein deel van de vogelslachtoffers dat door mensen wordt veroorzaakt. Door verkeer overlijden ongeveer 2 miljoen vogels per jaar en door katten ongeveer 18 miljoen per jaar. Windturbines kunnen vogels op 3 manieren schaden:
- Aanvaring: vogels kunnen zich doodvliegen tegen de bladen of tegen de mast.
- Barrièrewerking: vogels moeten om de windturbines heen vliegen tijdens de trek of op weg naar hun leefgebied.
- Verstoring: vogels gaan windturbines en hun omgeving uit de weg. Die gebieden zijn dan ongeschikt als voedsel-, rust- of broedgebied.
Om te weten wat het effect is van windturbines op vogels, moet u veldonderzoek laten doen. Daarbij laat u onderzoeken welke vogels er zijn en hoe ze het gebied gebruiken. Ook laat u inschatten hoeveel vogels tegen de turbine kunnen vliegen. Dit onderzoek gebeurt meestal in het voor- en najaar.
Vleermuizen
Windturbines kunnen ook nadelig zijn voor vleermuizen. Vleermuizen zijn kwetsbaarder dan vogels. Ze komen in kleinere aantallen voor en krijgen minder jongen.
De meeste vleermuisslachtoffers vallen in de nazomer en herfst. Dit is de tijd dat veel vleermuizen het meest actief zijn om vetreserves op te bouwen voor de winterslaap.
Als een windturbine of windpark invloed kan hebben op vleermuizen, moet u het vleermuisprotocol volgen. Dit is een stappenplan om te kijken hoe belangrijk een gebied is voor vleermuizen. Als u dit protocol volgt, laat u zien dat u alles doet om vleermuizen te beschermen.
Beschermde natuurgebieden en windturbines
Sommige natuurgebieden in Nederland zijn extra goed beschermd. Wilt u een windturbine bouwen in of bij een Natura 2000- of een Natuurnetwerk Nederland-gebied? Dan moet u een vergunning aanvragen. Dit geeft de zekerheid dat u goed nadenkt over projecten die gevolgen (kunnen) hebben voor natuurgebieden.
Natura 2000
Ligt uw windpark of windturbine in of bij een Natura 2000-gebied? Dan moet u altijd onderzoeken of het schadelijk is voor de natuur. Kunt u aantonen dat de windturbines geen belangrijke schade veroorzaken op de planten- en diersoorten of de leefomgeving in het Natura 2000-gebied? Dan kunt u een vergunning krijgen en de windturbines in of bij dit gebied laten plaatsen.
Is er wél schade voor het gebied? Dan mag u uw windturbine alleen plaatsen als er sprake is van groot openbaar belang en als er geen andere oplossingen zijn.
Lees meer over deze uitzondering in de richtlijn van de Europese Commissie
Natuurnetwerk Nederland
Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) ligt ook vast in de Omgevingswet. De regels voor deze bescherming lijken op die voor Natura 2000-gebieden. Als een windpark of windturbine een nadelig effect heeft op een gebied, dan mag u geen turbines laten plaatsen. Er is één uitzondering: u mag de windturbines toch laten plaatsen als uw project voldoet aan de zogenaamde ADC-toets. U moet dan aan alle 3 voorwaarden voldoen:
- U heeft onderzocht of er echt geen andere plek is voor het windpark of de windturbine(s).
- Er is een dwingende reden van openbaar belang voor het windpark of de windturbine(s).
- U neemt compenserende maatregelen om de schade aan de natuur te herstellen.
Stiltegebieden
Stiltegebieden zijn plekken op het platteland waar het nog echt stil is. De provincie wijst deze gebieden aan om de natuurlijke stilte te beschermen. Dat is goed voor mensen én voor dieren. In stiltegebieden gelden daarom regels die geluid beperken.
In de omgevingsverordening staan de stiltegebieden en de bijbehorende regels. Gemeenten moeten deze regels opnemen in hun omgevingsplan. Meestal geldt er een geluidsgrens. U moet windturbines ver genoeg van een stiltegebied plaatsen, zodat het daar stil blijft. Op de Atlas Leefomgeving vindt u een kaart met stiltegebieden:
Bekijk waar stiltegebieden zijn
Vogelgebieden
Meestal mag u geen windturbines laten plaatsen in of in de buurt van gebieden die belangrijk zijn voor vogels. Het gaat bijvoorbeeld om broedplekken voor vogels zoals de grutto en de kievit (weidevogelgebieden). Of gebieden waar beschermde ganzensoorten rusten en voedsel zoeken (ganzenrustgebieden). De provincie heeft deze gebieden opgenomen in de omgevingsverordening. De regels zorgen ervoor dat de vogels er kunnen blijven broeden.
Soms is het toch mogelijk om een windturbine te plaatsen, als u de natuur op een andere plek goed compenseert. Bijvoorbeeld door nieuwe broed- of foerageergebieden te creëren. En als u zorgt voor genoeg afstand tussen de windturbine en de vogels.
Op de Atlas Leefomgeving vindt u een kaart met weidevogelgebieden:
Vragen over windenergie op land?
- Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Uitgelicht

Copyrightinformatie
Bekijk uw mogelijkheden bij netcongestie
Elektriciteitsnet vol?