Geluidnormering windturbines

De inhoud van deze pagina is gecontroleerd op 18 juni 2026

Er zijn regels voor de hoeveelheid geluid die een windpark mag maken. Als windparkontwikkelaar moet u zich aan deze geluidnormen houden. Op deze pagina leest u welke normen gelden. En vindt u uitleg over veelgebruikte termen die met deze normen te maken hebben.

Let op

Voor 2 of meer windturbines mogen lokale overheden windturbinenormen uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling voor geluid, slagschaduw en veiligheid niet gebruiken zolang er geen milieubeoordeling (plan MER) is gemaakt. Zie de uitspraak 202003882/1/R3 - Raad van State. Voor de meest actuele informatie over de gevolgen van deze uitspraak en antwoord op veelgestelde vragen kunt u terecht bij Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) en de Helpdesk Wind op Land.

Geluidnormen bij geluidgevoelige gebouwen

Het geluid van een windturbine of windpark mag in de buurt van een geluidgevoelig gebouw (bijvoorbeeld een woning) in een jaar gemiddeld niet harder zijn dan 47 decibel (Lden). 's Nachts mag het geluid in een jaar gemiddeld niet harder zijn dan 41 decibel (Lnight). Staat uw windpark in de buurt van een ander windpark? Dan maken de windparken samen misschien meer geluid. Daarom kan het bevoegd gezag (meestal de provincie of de gemeente) in zo'n geval een strengere geluidnorm toepassen.

Betekenis van Lden / Lnight

Lden staat voor Level day, evening, night, ofwel het tijdgewogen jaargemiddelde geluidniveau in de dag, de avond en de nachtperiode. ’s Avonds geldt er een correctie van +5 dB en ‘s nachts van +10 dB. Er is gekozen voor deze weging om recht te doen aan de omstandigheden. ’s Avonds en ’s nachts zijn mensen vaker in rust, is het omgevingsgeluid minder, maar waait het vaak harder. Daarom wegen de avond en de nachtperiode zwaarder mee dan de dagperiode.

Bovendien is er een afzonderlijke norm opgenomen voor de nachtperiode om slaapverstoring te voorkomen: Lnight =41 dB. Dit is het jaargemiddelde geluidniveau in de nachtperiode. Door de verschillende wegingen en methoden van middeling zijn de getalswaarden van Lden, dB en dB(A) niet vergelijkbaar. Hierdoor is Lden 47 dB niet hetzelfde als 47 dB(A), maar minder.

Jaargemiddelde waarde

Het voordeel van het gebruik van een jaargemiddelde waarde is de middeling over de weersomstandigheden. Het geluid van een windturbine is afhankelijk van de windsnelheid. Deze afhankelijkheid van weersomstandigheden is een belangrijke factor bij prognoseonderzoeken, bij metingen en bij de handhaving van geluidnormen. De jaarmiddelingsmethode houdt rekening met deze wisselende omstandigheden.

Het is een misverstand dat deze middeling ervoor zorgt dat de turbine ’s nachts meer geluid mag maken als dit op een ander tijdstip gecompenseerd wordt. De Lnight is namelijk altijd maatgevend. Bij de keuze van deze dosismaat is aansluiting gezocht bij de Europese richtlijnen voor de evaluatie en beheersing van omgevingslawaai (richtlijn 2002/49/EG).

Grenswaarden

Zoals bij alle geluidnormstellingen, is de grenswaarde een afweging tussen ruimte voor een activiteit en beperking van hinder bij omwonenden. Bij het voldoen aan de grenswaarde is het niet zo dat de windturbines onhoorbaar zijn, of dat er helemaal geen gehinderden te verwachten zijn. De grenswaarden van 47 en 41 dB voor Lden en Lnight zijn gebaseerd op onderzoek door TNO naar de dosis-effectrelatie van windturbinegeluid.

De grenswaarde is gebaseerd op een aanvaardbaar geacht aandeel ‘ernstig gehinderden’. Dit aandeel is hetzelfde als de bij de grenswaarden van andere geluidsbronnen, zoals wegverkeer.

Lagere geluidsnorm

Wij vroegen M+P een quick scan te maken over de vergroting van de geluidscontour van een windturbine (hoe ver geluid van bepaalde niveaus te horen is) als we in plaats van Lden 47 dB een geluidsnorm van Lden 45 dB aanhouden. Hieruit blijkt dat windturbines bij die lagere geluidsnorm 35% verder van een geluidsgevoelig object af zouden moeten staan. Er is geen direct verband tussen de grootte van de windturbine en de grootte van de geluidscontour. Wel zijn er stillere en minder stille windturbines.

Daarna onderzocht Generation Energy per energieregio wat de invloed van deze lagere geluidsnorm zou zijn op de theoretische plaatsingsmogelijkheden en de opwekpotentie van windturbines in Nederland. Op land neemt de opwekcapaciteit dan met circa 30% af.

In opdracht van:
  • Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Uitgelicht

Laatste nieuws over Klimaat & Energie

Evenementen over Klimaat & Energie

Elektriciteitsnet overbelast?