1. Home
  2. IPCEI - Proces, voorwaarden en financiering

IPCEI - Proces, voorwaarden en financiering

De inhoud van deze pagina is gecontroleerd op 2 oktober 2026

Een IPCEI-proces is een intensief traject, voor zowel bedrijven en kennisinstellingen als nationale overheden. Tijdens het traject is er nog geen verplichting tot investering voor zowel de overheid als de deelnemende bedrijven en kennisinstellingen. 

Nederland selecteert de nationale projectvoorstellen die kunnen deelnemen in het Europese IPCEI project, hiervoor gelden enkele voorwaarden.

De Europese Commissie doet een staatsteuntoets. Wanneer de Europese Commissie instemt met de projectvoorstellen, mag er meer steun gegeven worden dan binnen de gebruikelijke staatssteunkaders mogelijk is.

Algemeen IPCEI-proces

Het IPCEI-proces doorloopt op hoofdlijnen de volgende stappen. 

Uitgeschreven tekst

Infographic van het IPCEI proces met de volgende stappen:

  1. Intentieverklaring lidstaten
  2. Nationale interessepeiling 
  3. Onderhandeling tussen lidstaten + Europese matchmaking
  4. Nationale subsidieaanvraag 
  5. (Pre)notificatie proces
  6. Start IPCEI project

1. Intentieverklaring lidstaten

  1. Het initiatief voor een IPCEI komt vanuit één of meer lidstaten. Deze werken, meestal na consultatie met hun industrie, een voorstel uit waarin het doel van de IPCEI beschreven staat en een analyse is gemaakt van het marktfalen dat duidelijk maakt waarom deze overheidsinterventie nodig is.
  2. Naar aanleiding van dit voorstel onderzoeken de initiatiefnemers of er meer geïnteresseerde lidstaten zijn. 
  3. Hieruit volgen gesprekken over de scope van het initiatief. Denk aan doelstellingen, deadlines, beoogde resultaten en reikwijdte. 
  4. Hierna volgt een intentieverklaring die ondertekend wordt door de geïnteresseerde lidstaten. Hierin geven zij aan verdere uitwerking te willen onderzoeken. 
  5. Aan de hand van de scope die is beschreven in de intentieverklaring worden er interessepeilingen gehouden in de geïnteresseerde lidstaten.

2. Nationale interessepeiling

  1. Wanneer de Nederlandse overheid besluit om een interessepeiling te houden onder Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen, wordt dit gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van de Rijkdienst voor Ondernemend Nederlaind (RVO). Geïnteresseerde bedrijven en kennisinstellingen kunnen dan hun interesse kenbaar maken. 
  2. Om uitleg te geven over het proces organiseren we een algemene informatiebijeenkomst waarin een toelichting komt op: 
    1. wat het IPCEI instrument inhoudt;
    2. hoe het beoogde proces zal verlopen;
    3. wat de reikwijdte is van de projecten binnen de betreffende IPCEI. 

Bij het kenbaar maken van de interesse moet u de volgende gegevens aanleveren:

  • uw contactgegevens 
  • een beknopt projectplan
  • een (voorlopige) begroting en een indicatieve exploitatieberekening
  • een project portfolio 
  • optioneel*: een funding gap analyse (berekening onrendabele top van uw project) 

*Ook kleinere projecten kunnen medingen met een begroting en/of funding gap analyse.

Het is nog niet noodzakelijk dat deze gegevens definitief zijn, het is bedoeld om de overheid een beeld te krijgen van de ideeën die er spelen in de sector. Echter, hoe concreter u deze formulieren invult, hoe beter we kunnen beoordelen of het project in potentie past binnen de betreffende IPCEI en mogelijk deel kan nemen aan het vervolgproces. 

Het project portfolio en de funding gap analyse zijn belangrijke documenten die een rol spelen bij: 

  • de afweging of Nederland gaat deelnemen in het overkoepelend Europees IPCEI project; 
  • Nederlandse budgetindicaties;
  • de uiteindelijke staatssteuntoets door de Europese Commissie. 

Let op: voor deelname aan het verdere proces is het noodzakelijk dat u uw interesse kenbaar heeft gemaakt tijdens de openstelling van de interessepeiling, anders kunt u niet deelnemen.

3. Overleg met andere landen en beoogde deelnemers

  1. De informatie uit de projectvoorstellen die zijn ingediend tijdens de interessepeiling, wordt na de sluitingsdatum geëvalueerd op onder andere: 
    1. de aansluiting van het voorstel binnen de in de IPCEI-mededeling geschetste kaders; 
    2. de aansluiting op de beoogde overkoepelende Europese waardeketen van de IPCEI.

      Hierna krijgt u van ons advies over deelname aan het verdere proces.

  2. Om tot een geïntegreerd Europees project te komen, gaan alle lidstaten die de intentieverklaring hebben getekend met de ingeleverde informatie in gesprek over de scope van het IPCEI-project. Gezamelijk werken zij aan een aan een document (chapeau document) dat het geïntegreerde IPCEI-project beschrijft. 
  3. Daarnaast kunnen bedrijven en kennisinstellingen met hun voorstel deelnemen aan 1 of meerdere Europese matchmakingsbijeenkomsten om grensoverschrijdende samenwerkingsverbanden te vormen.

4. Nationale subsidieaanvraag indienen

Nederland zal verder deelnemen aan het proces wanneer er:

  1. voldoende belangstelling is vanuit de industrie;
  2. voldoende potentieel wordt gezien in de aangeleverde projectvoorstellen;
  3. het Nederlandse kabinet (voldoende) budget beschikbaar kan stellen. 

Na dit besluit volgt een publicatie in de Staatscourant waarmee we u oproepen om een definitief projectvoorstel in te dienen. Deze voorstellen worden als voorselectie op de beoordeling van de Europese Commissie beoordeeld op verschillende criteria, zoals hieronder beschreven onder ‘Voorwaarden’.

Afhankelijk van de openstelling en het type project dat u indient, moet u aanvullende documenten bij uw aanvraag mesturen, zoals:  

  • Nationaal aanvraagformulier (contactgegevens, gevraagde steun, handtekening etc.)
  • Deelnemer formulier (handtekening van overige deelnemers in nationale aanvraag)
  • Nationaal projectplan (met nadruk op toelichten nationale wegingscriteria) 
  • Budget template
  • Europese formulieren:
    • Project portfolio (EU projectplan)
    • Funding gap analyse (berekening van de onrendabele top van project)
    • Prodcom (codes waarin de bedrijven van plan zijn producten op de markt te brengen na de steunmaatregel onder IPCEI) 

5. Beoordeling nationale subsidieaanvragen

Selectie

Nederland selecteert de nationale projectvoorstellen die kunnen deelnemen in het Europese IPCEI-project. De nationale selectie van voorstellen gebeurt aan de hand van de voorwaarden/criteria die zijn afgeleid van het IPCEI-steunkader en vastgelegd in de nationale subsidieregeling, lees meer onder 'Voorwaarden'.

Deelname als directe of indirecte partner

Binnen de context van het Europese IPCEI-project is het mogelijk om deel te nemen als directe of indirecte/geassocieerde partner in een project.

  • Directe partners worden onder het IPCEI-kader genotificeerd en beoordeeld door de Europese Commissie. De industrie is meestal directe partner in een IPCEI-project. 
  • Bij indirecte/geassocieerde partners is notificatie door de Europese Commissie niet nodig. Zij kunnen steun ontvangen via een ander staatssteunkader, zoals de Algemene Groepsvrijstellings­verordening (AGVV). Kennisinstellingen zijn altijd indirecte partners in een project, omdat zij geen winst maken. De indirecte partners moeten wel samenwerken met een directe (buitenlandse) partner in een IPCEI-project, om deel uit te kunnen maken van het geïntegreerde Europese IPCEI-project. 
  • Voor het mkb verschilt het per project of zij als directe of indirecte partner worden aangemeld bij de Europese Commissie. Dit hangt mede af van het soort steun die zij vragen. We kijken hierbij naar de minst belastende route voor bedrijven en de overheid. 

Voor directe en indirecte partners gelden verschillende aanvraagvereisten en financieringsregimes. Deze vindt u in de Staatscourant-publicatie van de betreffende IPCEI-subsidieregeling. 

5. (Pre)notificatie proces

  1. Wanneer Nederland de beoordeling van de ingediende definitieve projectvoorstellen heeft afgerond, besluit de Nederlandse overheid welke projectvoorstellen worden ingediend voor het (pre)notificatie proces. 
  2. In het prenotificatie proces gaat de Europese Commissie in gesprek met de indieners en de lidstaten over de voorstellen en probeert met vragen erachter te komen of de projecten binnen het IPCEI-steunkader kunnen vallen. In deze periode kan de Europese Commissie nog verzoeken doen tot verduidelijking aan de projectvoorstellen en daarmee aan het chapeau document. Dit proces is zeer intensief en duurt meestal tussen de 6 en 12 maanden. 
  3. Wanneer het prenotificatie proces is afgerond, begint het notificatie proces. Hierin is het chapeau document geheel definitief, en daarmee ook de projectvoorstellen. De Europese Commissie vormt dan haar oordeel over de verschillende projecten en geeft door aan de lidstaten welke projecten zij goedkeurt om staatssteun onder IPCEI te ontvangen. De lidstaten bepalen vervolgens zelf of en in welke mate zij dit doen.

Start IPCEI-project

Uw project start na ontvangst van de nationale subsidiebeschikking en, als u een directe partner bent, na afronding van de notificatie van de Europese Commissie.

Tijdens de looptijd van de IPCEI moet u naast reguliere nationale projectrapportages ook een rapportage indienen bij RVO die betrekking heeft op de internationale samenwerking.

U vindt deze informatie en documenten-templates op de informatiepagina van de betreffende IPCEI waar u aan deelneemt. 

Voorwaarden

Let op: onderstaande voorwaarden zijn overgenomen uit de algemene IPCEI-regeling en kunnen bij elke nieuwe openstelling worden aangescherpt. De documenten die u moet aanleveren en de rankingscriteria kunnen per IPCEI verschillen. Raadpleeg daarom altijd de informatiepagina van de betreffende IPCEI waar u zich voor wilt aanmelden.

Nationale voorwaarden

Nederland selecteert de nationale projectvoorstellen die kunnen deelnemen in het Europese IPCEI project. De nationale selectie van voorstellen gebeurt aan de hand van de volgende voorwaarden/criteria, die zijn afgeleid van het IPCEI steunkader:   

  1. Volledigheidstoets: zijn alle vereiste documenten aangeleverd bij de projectaanvraag?  
  2. Toegangspoortcriteria: voldoet de projectaanvraag aan de minimum en de specifieke criteria? Deze specifieke criteria verschillen per IPCEI, maar bevatten meestal:
    1. innovatief gehalte
    2. Nederland is het land voor uitvoering van de plannen
    3. aantoonbare Europese 'spillover'-effecten, ook buiten direct betrokken projectpartners en direct betrokken lidstaten. Hiermee bedoelen we onbedoeld neveneffect waarbij het project ook gevolgen heeft voor andere ogenschijnlijk ongerelateerde gebied.
    4. bijdragen aan de versterking en toekomstbestendigheid van de waardeketen in Europa
    5. bijzonder groot in omvang of reikwijdte 
    6. aanzienlijke technologische of financiële risicograad
    7. een zo hoog ambitieniveau dat uitvoering zonder publieke financiering niet mogelijk is 
    8. een breed samenwerkingsverband van meerdere ondernemingen heeft de voorkeur. Als die uit andere Europese landen komen, is dat een voordeel, maar niet noodzakelijk. Samenwerken met kennisinstellingen en mkb'ers is een pre.
  3. Staatssteuntoets door de Europese Commissie: de Europese commissie toetst of het projectvoorstel aan de Europese voorwaarden voor staatssteun voldoet en bewaakt het integrale karakter van het IPCEI-project. Er vindt regelmatig afstemming plaats tussen lidstaten, consortia en de Europese commissie om deze staatsteuntoets, ook wel (pre)notificatie genoemd, optimaal te laten verlopen. 

Nederland selecteert de ‘beste’ nationale projectvoorstellen, omdat het nationale IPCEI-budget vaak niet voldoende is om alle projectvoorstellen te kunnen ondersteunen. De nationale ranking wordt gedaan aan de hand van 4 criteria: 

  1. Kwaliteit van projectvoorstel
  2. Samenwerking en governance
  3. Technologische excellentie en verwachte impact op de economie en de samenleving
  4. Redelijke verhouding tussen het projectvoorstel en de gevraagde financiële bijdrage (proportionaliteit)

Voor elk van deze 4 criteria geven we een cijfer tussen 1-10. Het criterium technologische excellentie en het criterium proportionaliteit tellen dubbel in de weging. Nederland maakt vaak (maar niet altijd) gebruik van een onafhankelijke expertcommissie/experts voor de nationale ranking.

Lees meer onder punt 5. Beoordeling nationale subsidieaanvragen van het IPCEI-proces.

Europese voorwaarden

De Europese Commissie kan goedkeuring geven om overheidssteun te verlenen aan IPCEI’s via een staatsteuntoets. Om als IPCEI te kunnen worden aangemerkt, moet een project: 

  • kwantitatief of kwalitatief innovatief en - meer dan het hoogste niveau van ontwikkeling of kennis dat momenteel beschikbaar is - vernieuwend zijn; 
  • aantoonbare Europese 'spillover'-effecten hebben;
  • gericht zijn op de desbetreffende Europese waardeketen;
  • bijzonder groot in omvang of reikwijdte te zijn en/of aanzienlijke technologische en/of financiële risicograad vertonen;
  • een dermate hoog ambitieniveau hebben dat zonder publieke financiering het project niet mogelijk is;
  • werken aan een robuuste Europese waardeketen op verschillende grote thema’s. Denk aan als batterijen, chips, cloud of waterstof.

Financiering

De Nederlandse overheid heeft budget gereserveerd voor Nederlandse deelname aan verschillende Europese IPCEI-initiatieven. Het nationale budget is per IPCEI verschillend. Deze vindt u op onze informatiepagina's van de verschillende IPCEI-projectinitiatieven.

Voor projecten die onderdeel zijn van een IPCEI mogen overheden meer steun geven dan binnen de gebruikelijke staatssteunkaders. Dit kan alleen als: 

De Europese Commissie staat hierbij toe dat een project tot maximaal 100% van de onrendabele top/'funding gap' (het deel van de investering dat niet kan worden terugverdiend via reguliere opbrengsten) gefinancierd kan worden. Door de onrendabele top te steunen kunnen bedrijven en kennisinstellingen meer risicovolle projecten uitvoeren, maar wordt uitsluitend de minimale noodzakelijke bijdrage gegeven die nodig is om het project door te laten gaan. Daarnaast moeten projecten niet uitvoerbaar zijn zonder de publieke investering. Hierdoor is de totale investering in een IPCEI-project meestal vele miljarden euro’s, afkomstig uit zowel nationale publieke als private investeringen.

Subsidiabele kosten

Kosten die in aanmerking komen voor ondersteuning zijn kosten uit: 

  • onderzoek & ontwikkeling en innovatie; 
  • de eerste industriële toepassing; 
  • de pre-commerciële fase;
  • infrastructuurprojecten die van groot belang zijn op het gebied van milieu, klimaat, energie (voorzieningszekerheid inbegrepen), vervoer, gezondheid, industrie of digitalisering, kunnen na aanleg worden ondersteund tot zij volledig operationeel zijn. 

Dit maakt de financiering onder IPCEI uniek vergeleken met andere instrumenten.

Terugbetalingsgarantie

Een garantie voor terugbetaling van staatssteun ('claw back') kan in werking treden als de Europese Commissie hiertoe verzoekt, en een project na afloop aanzienlijk meer winst maakt dan vooraf voorspeld. Dit is nooit meer dan de hoogte van de financiering.

Na uw aanvraag

Wordt uw project goedgekeurd?  Dan moet u regelmatig verslag doen van de voortgang van uw project. Daarnaast moet u een eindverslag opleveren met daarbij de aanvraag tot subsidievaststelling waarin in ieder geval staat:

  • een omschrijving van de projectresultaten van het IPCEI-deelproject;
  • op welke wijze het IPCEI-deelproject heeft bijgedragen aan de doelen en thema’s; 
  • de omvang van de vast te stellen subsidie.

Meer informatie over dit proces en de gevraagde bijlagen vindt u op de informatiepagina's van de verschillende IPCEI-projectinitiatieven.

Algemene vragen over IPCEI?

Neem contact met ons op via teamiris@rvo.nl. 

Achtergrond

Een IPCEI wordt opgezet door lidstaten die het initiatief hebben genomen om een specifiek strategisch beleidsdoel te behalen. Een IPCEI is bedoeld om bepaalde markt-, systeem- of transitiefalen en geopolitieke afhankelijkheden of maatschappelijke uitdagingen te overkomen. Binnen de reguliere programma's en staatssteunkaders is dit niet altijd mogelijk.

Door meerdere projecten te integreren in één groot project op Europese schaal kan de EU een grootschalige impuls geven aan de concurrentiekracht van de EU in een strategisch ecosysteem of waardeketen. Om een IPCEI-project te laten slagen gaat het dus niet alleen om de projecten die zich in Nederland aanmelden, maar zeker ook om het samenhangend geheel aan projecten uit andere lidstaten van de EU. Ook moet het project aantonen dat een oplossing vanuit de markt uitblijft om te rechtvaardigen dat de overheid ingrijpt.

Meer weten?

Lees de publicatie in de Staatscourant (17 december 2021). 

In opdracht van:
  • Logo Gefinancierd door Europese Unie (EU)
    Europese Unie (gefinancierd door)
  • Ministerie van Economische Zaken
  • Ministerie van Klimaat en Groene Groei