Jaarcijfers MIA\Vamil 2025

Laatst gecontroleerd op: 13 mei 2026

Bedrijven maakten in 2025 voor ruim € 3 miljard aan milieu-investeringen gebruik van het belastingvoordeel van de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Het grootste deel, een kleine € 2 miljard, waren investeringen in het verduurzamen van gebouwen en het voorbereiden van bedrijven op de gevolgen van klimaatverandering (klimaatadaptatie).

Innovatieve milieutechnieken aanmoedigen

De overheid wil dat bedrijven investeren in nieuwe en innovatieve milieutechnieken. Daarom krijgen bedrijven belastingvoordeel als zij investeren in technieken die op de Milieulijst staan. In 2025 was dit belastingvoordeel naar schatting € 152 miljoen. Hiervan ging 38% naar investeringen die bijdragen aan een circulaire economie. Dit jaarverslag laat zien welke milieuvriendelijke investeringen bedrijven in 2025 hebben gedaan.

Opvallendste conclusies

Circulair bouwen

Bij circulair bouwen gaat het om maximaal (her)gebruik van materiaal. Bedrijven blijven ook in 2025 veel investeren in circulaire en duurzame gebouwen. Voorbeelden hiervan zijn circulaire (prefab) woningen en duurzame gebouwen met een BREEAM- of GPR-certificaat. BREEAM (Building Research Establishment Environmental Assessment Method) en GPR (Gemeentelijke Praktijk Richtlijn) zijn keurmerken die aangeven hoe duurzaam een gebouw is. Hoe hoger de score, hoe beter het gebouw scoort op het gebied van milieu, energieverbruik en gezondheid.

Aandeel van circulaire economie groeit

Bedrijven investeerden het meest in de al genoemde circulaire en duurzame woningen en grondstofbesparende productieapparatuur.

Veel verschillende investeringen in de landbouw

Van de bijna € 400 miljoen aan investeringen in de landbouw werd € 140 miljoen geïnvesteerd in energiezuinige en milieuvriendelijke Groen Label Kassen. Ook investeringen in precisielandbouw, mulchapparatuur en duurzame stallen waren populair.

Duurzaam verkeer en vervoer

In de vervoerssector (mobiliteit) investeerden ondernemers ruim € 500 miljoen. Voorbeelden zijn investeringen in elektrische bussen (touring cars en OV-bussen), elektrische mobiele werktuigen en vrachtwagens (accu-elektrisch of waterstof).

Jaarcijfers in vogelvlucht

De afbeeldingen geven de jaarcijfers weer. Daaronder geven we deze informatie ook in tekst of met een tabel. Onderaan deze pagina vindt u een uitleg over de interpretatie en manier van berekenen van deze jaarcijfers. En een bestand (download) met voor elk thema ook de jaarcijfers per code van de Milieulijst.

Uitgeschreven tekst

  • In 2025 deden in totaal 3.422 ondernemers en intermediairs een aanvraag: 40% door ondernemers en 60% door intermediairs.
  • We ontvingen in totaal 4.738 aanvragen.
  • Het totaal gemelde investeringsbedrag is € 3.124 miljoen.
  • Budgetrealisatie: het totaal beschikbare budget is € 209 miljoen en het geschatte fiscale voordeel is € 152 miljoen.

Totaal uitgegeven aan belastingvoordeel (netto fiscaal voordeel)

Uitgeschreven tekst

Budgetrealisatie 2025
Regeling   Beschikbaar budget
(miljoen euro)
Geschat fiscaal voordeel
(miljoen euro)
MIA 189 135
Vamil 20 17
Totaal MIA en Vamil 209 152

 

Budgetrealisatie 2015 tot en met 2025
Milieulijst
(jaar)
Beschikbaar budget
(miljoen euro)
Geschat fiscaal voordeel
(miljoen euro)
2015 131 132
2016 137 128
2017 137 141
2018 139 157
2019 139 146
2020 149 90
2021 139 119
2022 169 229
2023 217 329
2024 217 270
2025 209 152

Aantal aanvragen en investeringsbedragen (2015 - 2025)

Uitgeschreven tekst

Aantal aanvragen en investeringsbedragen (2015 - 2025)
Milieulijst
(jaar)
Aanvragen
(aantal)
Totaal gemeld investeringsbedrag
(miljoen euro)
2015 25.580 3.369
2016 9.698 2.616
2017 13.430 3.394
2018 21.147 4.383
2019 34.738 3.660
2020 28.880 2.820
2021 19.193 3.488
2022 11.185 3.978
2023 12.757 5.841
2024 11.954 5.692
2025 4.738 3.124

Budgetverdeling 2025

Budgetverdeling 2025
Onderwerp (hoofdstuk Milieulijst 2025) Aanvragen (aantal) Investeringsbedrag (miljoen euro) Geschat fiscaal voordeel (miljoen euro)
Grondstoffen- en watergebruik 316 233,5 16,5
Voedselvoorziening en landbouwproductie 2.077 398,1 27,4
Mobiliteit 1.680 507,8 24
Klimaat en lucht 144 52 3,4
Gebouwde omgeving en klimaatadaptatie 521 1.933 80,6
Eindtotaal 4.738 3.124 151,9
Circulaire economie 2.008 1.040 57,7
% van totaal 42% 33% 38%

Top 20 bedrijfsmiddelen

Top 20 bedrijfsmiddelen
    Aanvragen (aantal) Investeringsbedrag (miljoen euro) Geschat fiscaal voordeel (miljoen euro)
1 Circulaire woning 36 482,6 23,7
2 Zeer duurzaam gerenoveerd of verdergaand zeer duurzaam nieuw utiliteitsgebouw volgens GPR Gebouw 121 482,3 21,5
3 Duurzaam gerenoveerd of zeer duurzaam nieuw utiliteitsgebouw volgens GPR Gebouw 96 522,6 17,3
4 Groen Label Kas 80 140,2 9,6
5 Zeer duurzaam gerenoveerd of verdergaand zeer duurzaam nieuw utiliteitsgebouw volgens BREEAM-NL 20 207,9 8,9
6 Elektrisch aangedreven bus (touringcar en OV-bus) 28 145,3 7,5
7 Nieuwe en innovatieve grondstofbesparende productieapparatuur 32 66,2 5
8 Elektrisch aangedreven mobiel werktuig 555 129,9 4,2
9 Duurzaam gerenoveerd of zeer duurzaam nieuw utiliteitsgebouw volgens BREEAM-NL 11 145,7 3,3
10 Elektrisch of waterstof aangedreven vrachtwagen 121 52,8 3
11 Duurzame pluimveestal (aanpassen bestaande situatie) 70 40,1 2,8
12 Grondstofbesparende productieapparatuur 51 32,5 2,2
13 Apparatuur voor de chemische recycling van afvalstoffen 6 28,1 2,2
14 Elektrisch aangedreven AGV 9 37,9 1,9
15 Apparatuur voor de winning van eiwit 1 23 1,9
16 Circulair utiliteitsgebouw 15 27,8 1,8
17 Waterbesparende voorziening of installatie 39 22,9 1,6
18 Oplaadpunt voor elektrisch aangedreven zware voertuigen en mobiele werktuigen 96 19 1,5
19 Apparatuur voor elektrificatie van processen in de chemische industrie 5 18,6 1,5
20 Groendak 93 18,9 1,5

Uitleg en jaarcijfers per code

Interpretatie en berekeningswijze van de jaarcijfers

  • Als we spreken over 'aanvragen' en 'investeringsbedragen' over 2025, gaat het om investeringen die ondernemers deden in de periode 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025. Zij deden de aanvragen in de periode 1 januari 2025 tot en met 31 maart 2026. 
  • Het aantal aanvragen hoeft niet gelijk te zijn aan het aantal investeringen in bedrijfsmiddelen. Ondernemers mogen per aanvraag meerdere investeringen tegelijk opgeven als deze onder dezelfde bedrijfsmiddelcode van de Milieulijst vallen. Ook mogen ondernemers één bedrijfsmiddel opsplitsen over meerdere aanvragen. Daarom is het aantal ondernemers/intermediairs dat een aanvraag deed, ook een stuk lager dan het totaal aantal aanvragen.
    Voorbeelden:
    • Eén aanvraag van een elektrisch aangedreven voertuig kan om 10 voertuigen gaan.
    • 10 verschillende aanvragen voor één duurzaam gebouw.
  • Aanvragen die niet correct waren (te laat, dubbel of ingetrokken door de ondernemer) namen we niet mee in het aantal aanvragen, de investeringsbedragen en het geschat fiscaal voordeel.
  • Het 'fiscaal voordeel' is een schatting van het uiteindelijke bedrag dat de overheid uitgeeft aan belastingvoordeel. En hoeveel er dus van het beschikbare MIA\Vamil-budget is gebruikt. We berekenen het fiscaal voordeel door:
    • voor MIA te rekenen met een gemiddeld marginaal belastingtarief van 25%;
    • voor Vamil te rekenen met een geschat gemiddeld voordeel van 3% van het investeringsbedrag. Een aantal factoren heeft invloed op het belastingvoordeel dat ondernemers met de Vamil kunnen halen: de winst die de ondernemer de komende jaren maakt, het belastingtarief, de rentestand en de afschrijvingstermijn. Daarom gaan we uit van een geschat gemiddeld voordeel.
    • een correctiepercentage aan te houden van 36% voor de Vamil en 46% voor de MIA. We gebruiken een correctiepercentage omdat we gemelde investeringsbedragen corrigeren of afwijzen. Daarnaast verrekenen ondernemers 5% van de toegekende MIA\Vamil-bedragen niet in hun belastingaangifte (bron: Belastingdienst). Dit percentage nemen we hierin ook mee.
      Het percentage van de MIA ligt hoger. Dit is omdat ondernemers vaker meer dan het maximale bedrag aanvragen voor fiscaal voordeel bij een aantal bedrijfsmiddelcodes waarvoor alleen MIA geldt.
  • We maken geen verschil tussen de MIA en de Vamil bij het investeringsbedrag en het geschat fiscaal voordeel per bedrijfsmiddelcode. We kiezen voor een totaalbeeld, omdat anders het overzicht verloren gaat en er geen aansluiting meer is op het geschat fiscaal voordeel per hoofdstuk of thema op de Milieulijst.
  • Bij het thema circulaire economie gaan we uit van een lijst aan bedrijfsmiddelen die ook voor de rapportage 'Monitoring voortgang circulaire economie' van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gebruikt wordt. Hier staat circulaire economie voor het bijdragen aan het verminderen van het gebruik van primaire grondstoffen (en water).
  • De 'top 20-bedrijfsmiddelen' maakten we door het geschat fiscaal voordeel van hoog tot laag te sorteren.
  • Bij de jaarcijfers zijn er soms afrondingsverschillen. Hierdoor kunnen de totalen iets afwijken.
  • Een bedrijfsmiddelcode met de status 'gewijzigd' is vergeleken met het jaar ervoor inhoudelijk aangepast of de tariefletter is veranderd. Hierdoor verandert het voordeelpercentage.

Voorbeelden uit de praktijk

"Zonder MIA\Vamil was ons houten flatgebouw er niet gekomen. "
Robbert GroeneveldProjectmanager
In opdracht van:
  • Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
In samenwerking met:
  • Ministerie van Financiën
Heeft deze informatie u geholpen?

Uitgelicht

Nieuws

Laatste nieuws over Klimaat & Energie

Evenementen

Evenementen over Klimaat & Energie

Bekijk uw mogelijkheden bij netcongestie

Elektriciteitsnet overbelast?