Gewassen op bouwland roteren (GLMC 7) GLB 2026
Sinds 2024 is het verplicht om gewassen op uw bouwland te roteren. Dit is een van de conditionaliteiten. Er zijn normen waar u zich aan moet houden. U krijgt in een aantal gevallen vrijstelling van gewasrotatie op uw percelen.
Biologische teelt
Teelt u biologisch of is (een deel van) uw bedrijf in omschakeling naar biologische teelten, dan heeft u vrijstelling van GLMC 7. Voorwaarde: (een deel van) uw bedrijf is biologisch gecertificeerd of geregistreerd als bedrijf in omschakeling bij Skal. De vrijstelling geldt voor de percelen waarop u de biologische productiemethode toepast.
Waarom gewassen op bouwland roteren
Gewasrotatie is goed voor de bodemgezondheid. Het maakt de bodem weerbaarder, voorkomt ziektes en verbetert de bodemstructuur. En dat zorgt voor een betere opbrengst.
Wat is bouwland
Bouwland is grond die u gebruikt voor de teelt van gewassen, maar niet voor blijvende teelt en blijvend grasland. Of die u kunt gebruiken voor de teelt van gewassen, maar die nu nog braak ligt. Lees meer over bouwland op Landbouwareaal.
Normen
U houdt zich aan deze 3 normen:
- U teelt elk jaar op minimaal 1/3 van uw bouwland een ander gewas als hoofdteelt (andere gewascode) vergeleken met het vorige jaar. Of u teelt een of meer volgteelten (andere gewassoort) na de hoofdteelt. Het 1/3 deel waarop u moet roteren is het deel van de totale oppervlakte van uw bouwland. Inclusief de vrijgestelde oppervlakte.
- U teelt op uw percelen eens per 4 jaar een ander gewas (andere gewascode) als hoofdteelt.
- U teelt op zand- en lössgrond in de periode van 1 januari 2023 tot 1 januari 2027 één keer een rustgewas als hoofdteelt. Of u combineert teelten als rustgewas. Lees meer op Rustgewassen.
Volgteelt na hoofdteelt (uitleg norm 1)
Kiest u bij norm 1 voor een nateelt na de hoofdteelt in hetzelfde jaar om aan rotatie te voldoen? Dan is de nateelt een andere gewassoort dan de hoofdteelt.
Bijvoorbeeld: uw hoofdteelt is snijmais. Uw nateelt is Engels raaigras. De nateelt teelt u zo snel mogelijk na de hoofdteelt. De nateelt blijft staan tot de hoofdteelt in het volgende jaar.
Bij meer dan één nateelt is de laatst ingezaaide nateelt een andere gewassoort dan de hoofdteelt. De laatste nateelt blijft staan tot de hoofdteelt in het volgende jaar.
In de Gewascodelijst ziet u per gewas de gewassoort bij GLMC 7.U kunt onder GLB het filter GLMC 7 aanvinken.
Eén keer in 4 jaar andere hoofdteelt (uitleg norm 2)
Teelde u in 2023, 2024 en 2025 dezelfde hoofdteelt? Zorg dat u in 2026 een andere hoofdteelt teelt dan in de vorige jaren.
Zand- en lössgrond één keer een rustgewas als hoofdteelt (uitleg norm 3)
Teelde u in 2023, 2024 en 2025 geen rustgewas? Zorg dat u in 2026 een rustgewas teelt.
Vrijstellingen
Gewasrotatie (norm 1 en 2)
U bent vrijgesteld van gewasrotatie op uw bedrijf als:
- u meer dan 75% van uw totale bouwland gebruikt voor tijdelijk grasland, braak en/of vlinderbloemige gewassen;
- u meer dan 75% van al uw landbouwareaal gebruikt voor blijvend grasland, tijdelijk grasland of natte teelt.
U bent vrijgesteld van gewasrotatie op een perceel als:
- u een perceel gebruikt voor braak, natte teelt, meerjarige gewassen en grassen;
- u op een perceel een biologische productiemethode toepast. En uw bedrijf biologisch gecertificeerd is. Op percelen zonder biologische productiemethode voldoet u aan de gewasrotatieplicht;
- u op de percelen beheer voor het ANLb of de Catalogus Groenblauwe diensten uitvoert en bovenstaande voorwaarden niet aansluiten;
- uw percelen in de regio Oldambt of Hoeksche Waard op zware kleigrond liggen. En u gewasdiversificatie toepast in combinatie met continuteelt van wintertarwe, wintergerst, winterkoolzaad of winterraapzaad. U moet dan minimaal 3 van deze winterteelten op uw bouwland hebben. Het gewas met de grootste oppervlakte staat op maximaal 75% van uw bouwland. En de teelt met de kleinste oppervlakte staat op minimaal 5% van uw bouwland.
Vrijgestelde gewassen (norm 1 en 2)
In de Gewascodelijst vindt u welke gewassen zijn vrijgesteld voor GLMC 7. U kunt onder GLB het filter GLMC 7 aanvinken. U ziet ook of een vrijgesteld gewas geldt voor alleen een perceel en/of uw bedrijf.
Vrijstelling rustgewas op zand- en lössgrond (norm 3)
U bent vrijgesteld van gewasrotatie als:
- de teelt in de periode van 2023 tot 2027 aaneengesloten op het perceel staat;
- u op een perceel een biologische productiemethode toepast. En uw bedrijf is biologisch gecertificeerd. Op percelen zonder biologische productiemethode voldoet u aan de gewasrotatieplicht;
- u op de percelen beheer voor het ANLb of de Catalogus Groenblauwe diensten uitvoert en bovenstaande voorwaarden niet aansluiten.
- uw bedrijf in de regio Oldambt of Hoeksche Waard op zware kleigrond ligt. En u gewasdiversificatie toepast in combinatie met continuteelt van wintertarwe, wintergerst, winterkoolzaad of winterraapzaad. U moet dan minimaal 3 van deze winterteelten op uw bouwland hebben. Het gewas met de grootste oppervlakte staat op maximaal 75% van uw bouwland. En de teelt met de kleinste oppervlakte staat op minimaal 5% van uw bouwland.
Voorbeelden
Hoe we 1/3 van uw bouwland berekenen in combinatie met vrijstellingen
| Voorbeeld 1 | U heeft 100 hectare bouwland, waarvan 20 hectare tijdelijk grasland. U moet dan 33 hectare van uw bouwland jaarlijks roteren. De 20 hectare aan tijdelijk grasland voldoet al aan de gewasrotatieplicht. Dan is er nog 13 hectare over waarop u uw gewassen moet roteren. |
| Voorbeeld 2 | U heeft 100 hectare bouwland, waarvan 40 hectare tijdelijk grasland. U moet dan 33 hectare van uw bouwland jaarlijks roteren. 40 hectare is tijdelijk grasland en dit is meer dan de 33 hectare die u nodig heeft. U voldoet dus aan de gewasrotatieplicht. |
| Voorbeeld 3 | U heeft 100 hectare bouwland met 25 hectare bieten, 25 hectare aardappelen en 50 hectare zomergerst. U heeft geen vrijstelling en moet dus 33 hectare van uw bouwland jaarlijks roteren. |
Hoe u gewassen kunt roteren
| 2024 | 2025 | 2026 | 2027 | |
| Voorbeeld 1 | Zomertarwe | Zomertarwe zonder volgteelt (= geen gewasrotatie) | Suikerbieten (= gewasrotatie) | |
| Voorbeeld 2 | Zomertarwe | Zomertarwe met volgteelt van andere gewassoort tot volgende hoofdteelt (= gewasrotatie) | Suikerbieten (= gewasrotatie) | |
| Voorbeeld 3 | Zomertarwe | Zomertarwe met volgteelt van andere gewassoort tot volgende hoofdteelt (= gewasrotatie) | Zomertarwe met volgteelt van andere gewassoort tot volgende hoofdteelt (= gewasrotatie) | |
| Voorbeeld 4 | Suikerbieten | Zomertarwe zonder volgteelt (= gewasrotatie) | Zomertarwe zonder volgteelt tot volgende hoofdteelt (= geen gewasrotatie) | Aardappelen (= gewasrotatie) |
Wetten en regels
- Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur



