Samenhang tussen ANLb, conditionaliteiten en eco-regeling GLB 2026
Het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb), de conditionaliteiten en de eco-regeling zijn met elkaar verbonden in het Gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB). Kunt u voor een ANLb- en eco-activiteit op hetzelfde perceel een uitbetaling krijgen? Voor welke percelen stopt de telling van grasland en bij welke loopt hij door?
ANLb en eco-regeling
Bent u lid van een collectief en bent u actieve landbouwer? Dan kunt u aan de eco-regeling en aan het ANLb deelnemen. De eco-regeling vraagt u zelf aan. Meedoen met het ANLb kan door lid te worden van een collectief. Neem hiervoor contact op met het collectief in uw regio.
De eco-regeling vraagt u jaarlijks opnieuw aan. Voor het ANLb sluit u met het collectief een overeenkomst voor een bepaalde periode.
- U houdt zich bij beide regelingen aan de conditionaliteiten. Verder op deze pagina leest u meer informatie over welke conditionaliteiten invloed hebben op het ANLb en de eco-regeling.
- Voor het ANLb doet u beheeractiviteiten, voor de eco-regeling voert u eco-activiteiten uit.
- Sommige ANLb- en eco-activiteiten kunnen overlappen op een perceel.
- Voor het ANLb hoeft u niet actieve landbouwer te zijn.
Is de waarde van de eco-activiteit gebaseerd op dezelfde kosten of omzetverlies als de vergoeding van de ANLb-activiteit? Dan is er overlap in de berekende vergoeding. In dit geval betalen we de activiteit uit via het ANLb. Bij de eco-regeling krijgt u voor het overlappende deel van het perceel dan niet de waarde van de activiteit, maar wel de punten. Is er geen overlap in de berekende vergoeding? Dan is zowel vanuit de eco-regeling als het ANLb een vergoeding mogelijk.
In de tabel hieronder ziet u welke ANLb- en eco-activiteiten kunnen samengaan op hetzelfde perceel. U ziet ook of er overlap is in de vergoedingen.
De wijzigingen in 2026 ziet u in de Tabel overlap Eco-regeling en Agrarisch Natuur- en landschapsbeheer (ANLb) op het tabblad Wijzigingen.
Conditionaliteiten en ANLb
De conditionaliteiten bestaan uit goede landbouw- en milieuconditie (GLMC) en beheerseisen (RBE). Daarmee draagt u bij aan betere landbouwgrond en biodiversiteit. U krijgt geen vergoeding voor het voldoen aan de conditionaliteiten.
Voor het ANLb zijn er aanvullingen en uitzonderingen op de conditionaliteiten. Bekijk wanneer u niet aan GLMC 6 of GLMC 7 hoeft te voldoen.
Op verplichte bufferstroken mag u ANLb-beheeractiviteiten uitvoeren. U mag geen activiteiten uitvoeren die gericht zijn op bemesten en chemische onkruidbestrijding of het (gedeeltelijk) afzien daarvan. Vanuit de conditionaliteiten GLMC 4 en 10 is het namelijk al verboden om de bufferstrook te bemesten of chemische gewasbescherming toe te passen. In sommige gevallen kunt u gewassen alleen chemisch bestrijden. Daar leest u meer over op Bufferstroken.
De volgende ANLb-pakketten mogen daarom niet op een verplichte bufferstrook liggen:
- Pakket 7 Ruige mest
- Pakket 55 Beperking chemische onkruidbestrijding
- Pakket 39b en 39c Bodemverbetering (als de bodemverbeteraar bestaat uit dierlijke mest en/of compost)
Er is geen ANLb-vergoeding mogelijk voor het uitvoeren van de activiteiten A06, A07 en A30 in een verplichte bufferstrook. Voert u deze activiteiten toch uit in een verplichte bufferstrook? Dan kunt u een korting krijgen.
Voert u beheer uit voor het ANLb? En kunt u daardoor op een perceel bouwland niet het gewas telen dat u vanuit GLMC 6 zou moeten telen? Dan hoeft u op dat perceel niet aan GLMC 6 te voldoen.
Voert u beheer uit voor het ANLb? En kunt u daardoor op een perceel bouwland niet aan de voorwaarden van gewasrotatie voldoen? Dan hoeft u op dat perceel niet aan GLMC 7 te voldoen. Dit geldt alleen als het om ecologische redenen wenselijk is dat het beheer voor 2 of meer beheerjaren op dezelfde plek gebeurt. U spreekt dit af met uw collectief. Op zand- en lössgrond moet u tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2027 wel één keer een rustgewas als hoofdteelt telen.
Lees in de tabel per ANLb-pakket wanneer u niet aan gewasrotatie hoeft te voldoen:
| ANLb-pakket | U hoeft niet aan GLMC 7 te voldoen als deze voorwaarden voor u gelden: |
| 10a | Een gedeelte van de natuurvriendelijke oever ligt op landbouwgrond. Voor het ANLb is dit een landschapselement. U vraagt dat meestal voor 6 jaar aan. Het moet dus meerjarig zijn (voortzetting van beheer uit het vorige beheerjaar). |
| 10b | Een gedeelte van de natuurvriendelijke oever ligt op landbouwgrond. Voor het ANLb is dit een landschapselement. U vraagt dat meestal voor 6 jaar aan. Het moet dus meerjarig zijn (voortzetting van beheer uit het vorige beheerjaar). |
| 14e | In jaar x voert u eerst pakket 14d uit. Dus de graanstoppel blijft staan tot 1 februari van jaar x+1. Meteen daarna gaat pakket 14e in, tot 15 augustus van jaar x+1. |
| 15c | U voert het pakket uit van 1 oktober jaar x tot 15 augustus jaar x+1. |
| 16a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 16b | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 17a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 17b | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 17c | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 17d | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 19a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 40a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 43a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 44a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 46a | Als het meerjarig is (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 47a | Als het meerjarig is en op bouwland (voortzetting van beheer uit voorgaand beheerjaar). |
| 80a | U voert eerst de eco-activiteit Bufferstrook met kruiden (langs bouwland of blijvende teelt) uit (tot 1 oktober). Meteen daarna gaat ANLb-pakket 80a in, tot 1 maart van jaar x+1. Daarna zaait u tussen 1 maart en 1 mei van jaar x+1 opnieuw in. Zodat de oppervlakte met ingang van 1 juni weer een eco-kruidenrijke bufferstrook kan zijn. |
| 82a | U voert eerst de eco-activiteit Groene braak op bouwland uit. Meteen daarna gaat ANLb-pakket 82a in, tot 1 februari van jaar x+1. |
Conditionaliteiten en eco-regeling
In de eco-regeling krijgt u punten en waarde voor eco-activiteiten die u uitvoert. Een van de voorwaarden is dat u zich houdt aan de conditionaliteiten. Tussen sommige eco-activiteiten en conditionaliteiten is er een speciale samenhang.
Er zijn 2 eco-activiteiten die moeten overlappen met een verplichte bufferstrook. Dit zijn Bufferstrook met kruiden langs bouwland of blijvende teelt en Bufferstrook met kruiden langs grasland. De strook met kruiden mag breder zijn dan de verplichte bufferstrook.
De volgende eco-activiteiten mogen in 2026 niet overlappen met de verplichte bufferstrook:
- Groene braak
- Precisiegewasbescherming
- Precisiebemesting
- Fertigatie
Andere eco-activiteiten mogen wel overlappen met de bufferstrook. U leest meer over alle activiteiten op Eco-activiteiten, punten en waarde. Op Bufferstroken in Mijn percelen leest u hoe u de eco-activiteiten intekent.
Zet u ecologische kwetsbaar blijvend grasland in voor de eco-activiteit Langjarig grasland? Dan krijgt u voor de eco-activiteit Langjarig grasland geen waarde, wel de punten. Vanuit GLMC 9 mag u soms ploegen om het grasland te herstellen. Dit geldt niet voor de eco-regeling. Dus ploegt u blijvend grasland om, dan kunt u dat perceel niet inzetten voor de eco-activiteit Langjarig grasland.
Wilt u de eco-activiteit Precisiegewasbescherming inzetten? Dan moet u zich houden aan Toegestaan gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (eis 7) en Duurzaam gebruik van pesticiden (eis 8). Op Conditionaliteiten leest u hier meer over.
Wilt u de eco-activiteit Precisiebemesting of Fertigatie inzetten? Dan moet u De Nitraatrichtlijn volgen (eis 2). Op Conditionaliteiten leest u hier meer over.
Telling percelen grasland bij ANLb of eco-activiteiten
Mijn percelen houdt voor u bij hoeveel jaar uw perceel grasland is. In de kaartlaag Grasland ziet u in uw perceel bouw- of grasland een getal staan. Dat getal is het aantal jaren dat het perceel is opgegeven als grasland.
Telling grasland stopt alleen voor bepaalde percelen
De telling van het aantal jaren grasland bleef tot nu toe stilstaan voor percelen met een ANLb-pakket. Vanaf 2025 blijft de telling alleen stilstaan op percelen met ANLb-pakketten of eco-activiteiten waarbij:
- u grassen en/of kruidenrijke voedergewassen teelt, en;
- u de grond niet-productief gebruikt.
U mag deze percelen beweiden met maximaal 0,5 GrootVeeEenheden (GVE) per hectare. Dat geldt voor de graslandtelling niet als productief gebruik. Houd daarbij rekening met de voorwaarden van het gekozen ANLb-pakket of de eco-activiteit.
Wat kunt u doen
U hoeft niets te doen als u het goedvindt dat uw perceel blijvend grasland wordt.
U wilt geen blijvend grasland
Heeft u een perceel met ANLb en/of een eco-activiteit, controleer dan of de telling doorloopt. Om te voorkomen dat uw perceel in blijvend grasland verandert, kunt u uw ANLb-pakket veranderen. Overleg dit met uw collectief. Of houd hier rekening mee bij het kiezen van een eco-activiteit.
Overzicht pakketten en activiteiten
Voor welke ANLb-pakketten
De graslandtelling loopt in 2026 door voor alle ANLb-pakketten, behalve:
| 80a | Kruidenrijke akkerrand - in aanvulling op eco-activiteit Bufferstrook met kruiden langs bouwland of blijvende teelt. Dit ANLb-pakket is de voortzetting van de eco-activiteit Bufferstrook met kruiden langs bouwland of blijvende teelt. U houdt zich daarbij aan de voorwaarden van deze eco-activiteit. |
| 81b | Gefaseerd maaien – in aanvulling op eco-activiteit Bufferstrook met kruiden langs grasland. Dit ANLb-pakket voert u tegelijk uit met de eco-activiteit Bufferstrook met kruiden langs grasland. U houdt zich daarbij aan de voorwaarden van deze eco-activiteit. |
| 82b | Groene braak – in aanvulling op eco-activiteit Groene braak. Dit ANLb-pakket is de voortzetting van de eco-activiteit Groene braak. U houdt zich daarbij aan de voorwaarden van deze eco-activiteit. |
Voor welke eco-activiteiten
De graslandtelling loopt voor alle eco-activiteiten door in 2026, behalve:
| N03 | Groene braak |
| N04 | Bufferstrook met kruiden langs bouwland of blijvende teelt |
| N05 | Bufferstrook met kruiden langs grasland |
Welke conditionaliteiten bij blijvend grasland
Staat uw perceel dit jaar op 5 jaar grasland? Dan wordt het blijvend grasland in 2027. En het perceel valt dan vanaf 2027 onder GLMC 1. Het perceel telt mee met het percentage blijvend grasland in Nederland.
Uw perceel ligt in een veenweidegebied. Als uw perceel in 2026 op 5 jaar grasland staat, verandert uw perceel in 2027 in blijvend grasland. U houdt zich dan vanaf 2027 aan GLMC 2 (bescherming van veengebieden).
Uw perceel ligt in Natura 2000-gebied. Als uw perceel in 2026 op 5 jaar grasland staat, verandert uw perceel in 2027 in blijvend grasland. U houdt zich dan vanaf 2027 aan de GLMC 9 (bescherming ecologisch kwetsbaar blijvend grasland, omzetverplichting en ploegvoorschriften).
- Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur



