Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK THE) 2027 - 2028

De inhoud van deze pagina is gecontroleerd op 9 juli 2026

Als omgevingsdienst kunt u opnieuw een specifieke uitkering aanvragen voor extra toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht. Met deze regeling kunt u in 2027 en 2028 extra capaciteit inzetten voor toezicht en handhaving. Op deze pagina leest u hoe u de uitkering aanvraagt en wanneer u moet rapporteren.

Budget en aanvraagperiode

Startdatum:
maandag 3 augustus 2026
09:00
Einddatum:
vrijdag 2 oktober 2026
17:00
Totaal budget:
€ 26.999.757
Aanvullende informatie:
De beschikbare bedragen per omgevingsdienst zijn te vinden in de publicatie in de Staatscourant (zie onderaan deze pagina).

Met de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK THE) kunt u over meerdere jaren extra capaciteit realiseren voor toezicht en handhaving. Zo kunt u uw organisatie in de periode van 2027 tot en met 2028 verder professionaliseren. En kunt u bedrijven bezoeken en de uitvoering van energiebesparende maatregelen verbeteren.

Voorwaarden

  • U gebruikt de specifieke uitkering alleen voor de activiteiten uit het projectplan. U besteedt de middelen in 2027 en 2028.
  • U besteedt minimaal 65% van de specifieke uitkering aan A-activiteiten. Dit zijn activiteiten voor toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht en informatieplicht.
  • U besteedt minimaal 5% van de specifieke uitkering aan B-activiteiten. Dit zijn activiteiten voor stimulerend toezicht.
  • U laat de A- en B-activiteiten alleen uitvoeren door medewerkers die in dienst zijn bij een omgevingsdienst.
  • U rondt alle activiteiten uit het projectplan uiterlijk op 31 december 2028 af.

Lees uitgebreider over A- en B-activiteiten in de regelingtekst van SPUK THE.

Aanpassingen SpUk THE 2027-2028

Op basis van de ervaringen van de afgelopen jaren hebben wij de regeling op een aantal punten aangepast. De belangrijkste wijzigingen zijn:

  • Omgevingsdiensten besteden minimaal 65% van de uitkering aan toezicht- en handhavingsactiviteiten (A-activiteiten). In de vorige regeling was dit 70%.
  • Omgevingsdiensten besteden minimaal 5% van de uitkering aan stimulerend toezicht (B-activiteiten). Het ondersteunen en motiveren van bedrijven om energiebesparende maatregelen te nemen is daarmee een verplicht onderdeel van de regeling.
  • Activiteiten voor doelgroepinzicht, opleidingen, trainingen en overhead vallen nu onder de nieuwe categorie C-activiteiten.
  • Apparatuur die het toezicht ondersteunt, zoals meet- en inspectieapparatuur, komt in aanmerking voor subsidie.
  • De verplichting om minimaal 1 extra fte aan te nemen (of 0,5 fte bij kleinere uitkeringen) vervalt.
  • De verplichting om jaarlijks minimaal 40% van de ontvangen middelen te besteden vervalt.
  • Omgevingsdiensten hoeven het projectplan niet meer ieder jaar te actualiseren. Hierdoor nemen de administratieve lasten af.
  • Omgevingsdiensten mogen medewerkers van andere omgevingsdiensten inzetten voor activiteiten binnen de regeling. Zo kunnen zij specialistische kennis eenvoudiger delen.
  • De monitoring wordt eenvoudiger. Naast de resultaten van het toezicht rapporteert u over de totale besteding van de uitkering en de verdeling van de uitgaven over de verschillende activiteitencategorieën.

Het doel van de regeling verandert niet. De regeling blijft gericht op voldoende toezicht, handhaving en stimulerend toezicht op de energiebesparingsplicht. Zo voeren bedrijven meer energiebesparende maatregelen uit en neemt de naleving van de energiebesparingsplicht toe.

Aandachtspunten

Verdeling uitgaves

U dient een aanvraag in tot ten hoogste het vastgelegde totaalbedrag. U ontvangt maximaal de vastgelegde jaarlijkse specifieke uitkering. Deze middelen hoeft u niet uit te geven in het betreffende jaar, zolang u dit maar wel voor het einde van 2028 doet.

Toezicht ETS-bedrijf in andere regio

Voert u het toezicht uit voor een ETS bedrijf in de regio van een andere omgevingsdienst? Dat kan! De middelen voor energiebesparingstoezicht op ETS bedrijven zijn verdeeld in overleg met omgevingsdiensten en op basis van een wegingsfactor en verdeelde verantwoordelijkheden. Aanvullende afspraken over de verdeling kunt u met de omgevingsdiensten onderling maken.

Administratieve lasten en uurtarieven

U mag de tarieven gedurende de looptijd van de SpUk THE aanpassen, omdat personeelskosten toenemen. U moet hierbij rekening houden dat tarieven die omhoog worden bijgesteld gevolgen hebben voor het aantal controles of andere activiteiten die onder SpUk THE vallen. 

Hoe verantwoordt u via single information, single audit - SiSa

U moet uiterlijk op 15 juli van elk jaar verantwoording afleggen over de besteding van deze specifieke uitkering. Dit is op grond van artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.  U verantwoordt via het systeem van single information, single audit (SiSa), zoals bepaald in de Regeling informatieverstrekking SiSa. 

U moet de kosten verantwoorden onder K21. Dit is het zogenoemde indicatornummer in de SiSa verantwoording. U verantwoordt daarna over volgende indicatoren:

  • Besteding jaar T – aard van de controle; R (= accountantscontrole vereist)
  • Cumulatieve bestedingen tot en met jaar T – aard van de controle; n.v.t.
  • Voldoet u aan het bepaalde in artikel 6, tweede lid van de Regeling (ja/nee) – aard van de controle; R
  • Voldoet u aan het bepaalde in artikel 6, derde lid, van de Regeling (ja/nee) – aard van de controle; D2 (= accountantscontrole op deugdelijke totstandkoming vereist)
  • Eindverantwoording (ja/nee) – aard van de controle; R 

Bij niet tijdig indienen van de verantwoordingsinformatie, treedt het maatregelenbeleid van het ministerie van BZK in werking. Er volgt opschorting van uitbetaling van de middelen totdat de verantwoordingsinformatie is ontvangen, tot een maximum van 26 weken. 

Meer informatie over SiSa vindt u via Rijksoverheid: Single information, Single audit (SiSa) | Financiën gemeenten en provincies.

Uw aanvraag voorbereiden

Bereid uw aanvraag goed voor door deze stappen te volgen. 

  • Regel inloggegevens van eHerkenning op niveau 3. Hiermee logt u in wanneer u uw aanvraagt doet.
  • Maak een gedetailleerd projectvoorstel. Het projectplan (uw aanvraag) bestaat uit de volgende onderdelen:
    • de gegevens van de omgevingsdienst en de contactpersoon;
    • het bedrag dat u aanvraagt;
    • een beschrijving van de doelgroep waarop de activiteiten zijn gericht, inclusief een onderverdeling naar verschillende categorieën bedrijven;
    • een toelichting op de inrichting, uitvoering en monitoring van de activiteiten in 2027 en 2028;
    • een beschrijving van de startsituatie (nulsituatie). Hiermee onderbouwt u de extra capaciteit die u met deze specifieke uitkering inzet;
    • een verklaring dat u de activiteiten uit het projectplan uitvoert volgens de kwaliteitscriteria voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH).

Vul de aanvraag volledig in. Controleer of de informatie in het aanvraagformulier overeenkomt met de begroting en voldoet aan de voorwaarden van de regeling.

Als onderdeel van uw aanvraag vult u het bestand 'Kwantitatieve gegevens en begroting THE 2027 & 2028' in.

Voeg het volledig ingevulde bestand als bijlage toe aan het aanvraagformulier. Zo kunnen wij uw aanvraag compleet in behandeling nemen.

Aanvragen

Vraag deze subsidie aan vanaf 3 augustus 2027, 9:00 uur tot 2 oktober 2027, 17:00 uur. U logt in met eHerkenning. Voor uw aanvraag heeft u minimaal eHerkenning niveau 3 nodig.

Na uw aanvraag

Na uw subsidieaanvraag ontvangt u een bevestiging per e-mail. Wij behandelen de aanvragen op volgorde van binnenkomst. De beoordeling duurt maximaal 13 weken. Maar we doen ons best uw aanvraag binnen 4 weken te beoordelen. U ontvangt dan een brief met ons besluit.

Uw aanvraag is goedgekeurd

U ontvangt binnen 8 weken na de beslissing het subsidiebedrag. U kunt dan direct starten met de uitvoering van uw projectvoorstel.

Voortgangsrapportage

Ontvangt u SPUK THE 2027-2028? U dient dan in totaal 4 voortgangsrapportages in. De rapportagemomenten openen op:

  1. Donderdag 1 juli 2027 
    (uiterste indieningsdatum: 13 augustus 2027)
     
  2. Maandag 3 januari 2028 
    (uiterste indieningsdatum: 11 februari 2028)
     
  3. Maandag 3 juli 2028 
    (uiterste indieningsdatum11 augustus 2028)
     
  4. Dinsdag 2 januari 2029 
    (uiterste indieningsdatum: 9 februari 2029)

U ontvangt hierover op tijd een notificatiemail van ons. In deze mail leest u hoe u de voortgangsrapportage indient. 

Is uw project klaar? Dan vraagt u vaststelling aan via de knop 'Aanvraag beheren'. Als wij uw vaststelling hebben goedgekeurd, is uw subsidieaanvraag afgerond.

Waarover moet u rapporteren?

  • A1 - De bedrijfsbezoeken en (her)controles bij bedrijven of instellingen op basis van de informatie- of onderzoeksplicht, waarbij indien nodig een afdwingbare hersteltermijn wordt opgelegd.
  • A2 - De administratieve controles op de informatieplicht- of onderzoeksplicht.
  • A3 - Wat u verbetert in het inzicht in de doelgroep van de informatie- of onderzoeksplicht door het aanschrijven van bedrijven, waarbij indien nodig een afdwingbare hersteltermijn wordt opgelegd.
  • A4 - Wat u doet voor de benodigde juridische of specialistische werkzaamheden voor bovenstaande bullets.
  • A5 - Uw deelname aan de landelijke structuur van OmgevingsdienstNL voor toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht.
     
  • B. Stimulerend toezicht is het actief informeren, aansporen en motiveren van bedrijven en instellingen om energiebesparende maatregelen te nemen. Hierbij ligt de nadruk niet op regulier toezicht en handhaving.
     
  • C1. Het verbeteren van het inzicht in de doelgroep op andere wijze dan via aanschrijvingen.
  • C2. Opleiding en training van toezichthouders op het gebied van energiebesparing via (externe) cursussen en trainingen.
  • C3. Overheadkosten, zoals het inrichten van monitoringssystemen, aanschaf van apparatuur voor toezicht en rapportage, en management- en wervingskosten.

Wat is de stand per regio?

Bekijk hoe ver de omgevingsdiensten zijn met het toezicht en de handhaving op de energiebesparingsplicht en welke activiteiten zij daarvoor uitvoeren via de Regionale klimaatmonitor

Veelgestelde vragen

Welk percentage moet ik minimaal besteden aan A-, B- en C-activiteiten?

U besteedt minimaal 65% van de totale uitkering aan A-activiteiten en minimaal 5% aan B-activiteiten. Houd daarom goed in de gaten dat de uitgaven aan C-activiteiten niet te hoog worden.

Mag ik apparatuur aanschaffen met de SPUK THE?

Ja, dat mag binnen activiteit C3 (overheadkosten). De apparatuur moet het toezicht ondersteunen. Voorbeelden zijn persluchtdetectiecamera's en warmtedetectiecamera's. Twijfelt u of een aanschaf is toegestaan? Neem dan contact op via spukthe@rvo.nl.

Moet ik als omgevingsdienst minimaal 1 fte aannemen?

Nee. Deze eis geldt vanaf 2027 niet meer. In de afgelopen jaren is voldoende capaciteit opgebouwd. Daarom is deze verplichting vervallen.

Hoeveel van de middelen moet ik jaarlijks uitgeven? 

Anders dan bij de regeling 2022-2026 geldt deze eis vanaf 2027 niet meer voor de specifieke uitkering.

Ik moet minimaal 65% van de middelen uitgeven aan A-activiteiten en 5% aan B-stimulerend toezicht. Wat als ik in het begin meer geld moet reserveren voor bijvoorbeeld opleiding (Activiteit C2) en hierdoor de eerste jaren de 65%-5%-30% verdeling niet haal?

Dit hoeft geen probleem te zijn. De verplichting om minimaal 65% van de middelen uit te geven aan A-activiteiten en 5% aan B-stimulerend toezicht geldt voor de gehele looptijd van de regeling. Pas bij de eindverantwoording wordt dus de balans opgemaakt en moet u deze verdeling hebben bereikt. Wel wordt jaarlijks via SiSa uitgevraagd of u aan de verplichting voldoet. Mocht uit de SiSa-verantwoording blijken dat de de 65%-5%-30% verdeling niet gehaald lijkt te worden over de gehele looptijd, dan is dit aanleiding voor een gesprek.

Welke activiteiten mogen extern worden ingekocht?

In principe is het doel dat u meerjarige extra capaciteit kunt realiseren voor toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht. Dit gaat dus om interne capaciteit. De activiteiten die u bekostigt met deze SPUK moeten dus worden geleverd door extra interne capaciteit. 
Er geldt echter een uitzondering hierop voor de activiteiten C1 t/m C3, zie bijlage 1 van de regeling); deze mogen wel extern worden ingekocht met de middelen van de SPUK. Het is dus mogelijk om extern opleidingen of trainingen in te kopen, of extern iemand in te huren om de administratie van deze SPUK te organiseren. 

Is detachering onder de SpUk THE toegestaan? 

Detachering moet u zien als externe inhuur en is onder SpUk THE niet toegestaan, tenzij het gaat om de activiteiten C1 t/m C3 (zie ook het antwoord onder 'Welke activiteiten mogen extern worden ingekocht?'). De gedetacheerde mag dus geen werkzaamheden uitvoeren voor categorie A en B. 

Wat betekent Activiteit A4?

Voor toezicht en handhaving is soms een speciale ondersteunende expert nodig (voor het verrichten van benodigde juridische of specialistische werkzaamheden voor de onder A1, A2 en A3 bedoelde activiteiten). Bijvoorbeeld juridische expertise om een last onder dwangsom op te leggen, of speciale technische expertise om complexe installaties binnen een bedrijf te beoordelen. Ook ondersteunende capaciteit die nodig is om toezichtactiviteiten of het beoordelen van (onderdelen uit) een rapportage uit te voeren kan bekostigd worden vanuit de SPUK-middelen. 

Let op: u moet deze middelen wel inzetten voor interne capaciteit. Het is niet mogelijk hiervoor extern in te huren. In het Excel document, waarin u de activiteiten registreert, wordt gevraagd om onderscheid te maken tussen juridische werkzaamheden voor toezicht op informatieplichtige, onderzoeksplichtige bedrijven (niet EU ETS) en EU ETS bedrijven. Hiermee is een verwachting te schetsen over waar de juridische of specialistische werkzaamheden ingezet zullen worden.

Welke activiteiten vallen onder A5? 

De omgevingsdienst kan activiteiten en benodigde middelen opvoeren waarmee deelgenomen kan worden aan de landelijke structuur voor toezicht op de energiebesparings- en onderzoeksplicht. 

Mag ik de SPUK gebruiken voor energiebesparingsactiviteiten bij kleinverbruikers of toezicht op label C?

De SPUK middelen mogen alleen ingezet worden in lijn met het doel van de regeling zoals gedefinieerd in artikel 2: Deze regeling heeft tot doel om meerjarig additionele capaciteit voor toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht te realiseren. 
Het gaat dus om de energiebesparingsplicht (inclusief informatieplicht en onderzoeksplicht) en de doelgroep die onder deze plicht valt. Hieronder valt dus niet het financieren van activiteiten bij kleinverbruikers of voor toezicht op Label C. Voor die laatste heeft het ministerie van BZK via het Gemeentefonds middelen beschikbaar. 

Meer informatie

Voor een uitgebreide beschrijving van de voorwaarden leest u de Publicatie in de Staatscourant.

Heeft u een vraag of zoekt u informatie over de SPUK THE van 2022-2026? Kijk dan op Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SpUk THE).

Contact met SpUk THE

Heeft u vragen over uw voortgangsrapportage of andere vragen?

In opdracht van:
  • Ministerie van Klimaat en Groene Groei

Uitgelicht

Energie besparen?

Meld u aan voor onze nieuwsbrieven en mailings. Bepaal zelf welke onderwerpen u interessant vindt.

Zorgboerderij Hoeve Sprey wil een voorbeeld zijn voor andere zorginstellingen. De zorginstelling in het Gelderse Vorden zette daarom in op een zo duurzaam mogelijk gebouw.

Alles over de energiebesparingsplicht