Hond + Grijze wolf

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Bosch et al., 2015; Daniels & Bekoff, 1989; Dog Breed Info Center, 2020a; Dog Breed Info Center, 2020b; Fiszdon & Kowalczyk, 2009; Mech, 1974; Medisch Centrum voor Dieren, 2020; Sillero-Zubiri, 2009; Wilson & Reeder, 2005)
Familie Canidae
Subfamilie -
Genus Canis
Soort Canis lupus
Canis lupus familiaris
Gedomesticeerd

Hond: ja (Axelsson et al., 2013)

Wolf: nee

Kruising Nee
Volwassen grootte

Hond: verschillend

Wolf

  • Kop-romp: 87-130 cm
  • Staart: 35-52 cm
Gewicht

Hond: Verschillend. Een klein ras zoals de chihuahua weegt 1-3 kg, een groot ras zoals de Duitse dog weegt 50-70 kg.

Wolf: max. 62 kg.

Dieet

Hond: omnivoor

Wolf: carnivoor

Natuurlijke leefomgeving
Hond
  • Verspreiding: In grote delen van de wereld, commensaal met mensen.
  • Habitat: Komen in alle habitats voor waar mensen voorkomen.
Wolf:
  • Verspreiding: Voornamelijk het noorden van Noord-Amerika, grote delen van Europa en vrijwel geheel Azië.
  • Habitat: Vele habitats, van koudere gebieden op het noordelijk halfrond tot aan aride gebieden en tropische wetlands.
Levensverwachting

Hond: verschillend, meeste rassen 9-17 jaar

Wolf: 16 jaar

IUCN-status "Least concern"
CITES Bijlage A en B

Risicoklasse C,D en F

Hond: Bij de hond zijn in ten minste twee risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” meerdere risicofactoren vastgesteld. Vanwege de variatie tussen rassen op LG2 en T1 bestaat er een bandbreedte van C-D of F.

Wolf: Wolven zijn in staat ernstige letselschade te veroorzaken bij de mens. Daarnaast zijn in drie risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” meerdere risicofactoren vastgesteld. Om deze redenen valt de wolf onder “risicoklasse F”.

Samenvatting beoordeling van de hond en de grijze wolf

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).

Gezondheid mens
Risicocategorie Gedomesticeerd Wild Toelichting
Zoönosen ! (signalerend) ! (signalerend)
  • Bij de hond zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans, rabiës, en Crimean-Congo hemorrhagic fever virus aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.
  • Bij de wolf zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans en rabiësvirus aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.
Letselschade 0-XF XF Bij wolven en sommige hondenrassen is er gevaar op zeer ernstig letsel bij de mens, waardoor wolven en sommige hondenrassen direct onder risicoklasse F vallen.

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Gedomesticeerd Wild Toelichting
Voedselopname     In deze risicocategorie zijn geen risicofactoren van toepassing.
Ruimtegebruik/veiligheid X X
  • Wolven en waak- en verdedigingshonden hebben een grote home range en vertonen territoriaal patrouilleer- en markeergedrag.
  • Honden en wolven gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Honden en wolven gebruiken zelf gegraven holen.
Thermoregulatie 0-X X
  • Haarloze honden zijn niet aangepast aan een gematigd zeeklimaat.
  • De wolf is lokaal aangepast aan veel verschillende klimaten.
Sociaal gedrag X X
  • Wolven hebben een paarsgewijze leefwijze.
  • Honden hebben een lineaire dominantiehiërarchie.
  • Wolven hebben een despotische en een lineaire dominantiehiërarchie.

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
LG1 ! (signalerend) ! (signalerend)

Bij de hond zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans (Burriel et al., 2003; Jansen et al., 2005; Jimenez-Coello et al., 2010; Prescott et al., 2002; Stokes et al., 2007; Ward et al., 2002) rabiësvirus (Aikimbayev et al., 2014; Fooks et al., 2017; Ma et al., 2018; Malerczyk et al., 2011; Yahiaoui et al., 2018) en Crimean-Congo hemorrhagic fever virus (Mangombi et al., 2020; Shepherd et al., 1987) aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.

Bij de wolf zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans (Åkerstedt et al., 2010; Millán et al., 2014; Zarnke et al., 2004) en rabiësvirus (Gholami et al., 2017; Krebs et al., 2003; Linnell et al., 2002) aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.

 

Letselschade
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
LG2 0-XF XF

De wolf weegt tot 62 kg en beschikt over goed ontwikkelde kaken en tanden waarmee ze door vlees kunnen snijden (Sillero-Zubiri, 2009). Wolven jagen onder andere op men-sen, en kunnen voor mensen fatale verwondingen aan-richten (Behdarvand & Kaboli, 2015; Linnell et al., 2002).

De domesticatie van honden is gericht op het gebruik van honden als gezelschapsdier en heeft er veelal toe geleid dat offensieve en defensieve agressie zijn afgenomen bij honden. Gedomesticeerde honden zijn sociaal toleranter en gevoeliger voor sociale signalen van mensen (Axelsson et al., 2013; Hare et al., 2012). Er zijn echter ook hondenrassen die op toenemende agressie worden geselecteerd en ernstig letsel kunnen veroorzaken (Mora et al., 2018). Andere factoren spelen ook een rol bij bijtincidenten bij mensen, zoals de opvoeding van de honden (Cornelissen & Hopster, 2010; Nilson et al., 2018; Reese & Vertalka, 2020).

Gezien de grootte, morfologie en het gedrag van wolven kunnen ze zeer ernstig letsel bij de mens veroorzaken, waardoor de wolf direct onder risicoklasse F valt.

Op basis van het gedrag van honden is het niet aannemelijk dat de dieren ernstig letsel zullen veroorzaken bij de mens. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. Sommige hondenrassen kunnen echter wel ernstig letsel veroorzaken, en vallen derhalve direct onder risicoklasse F.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
V1     De hond is een omnivoor en de wolf is een carnivoor (Bosch et al., 2015). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V2     De hond en de wolf hebben geen hypsodonte gebitselementen (Bosch et al., 2015; Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V3     De hond en de wolf zijn fysiologisch aangepast aan fluctuaties in het jachtsucces en kunnen tot 22% van hun lichaamsgewicht per keer eten, om daarna dagen lang niets te eten (Bosch et al., 2015). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V4     Het dieet van wolven bestaat uit grotere hoefdieren zoals elanden, rendieren, hertachtigen en wilde zwijnen, maar ook kleinere prooien en aas (Sillero-Zubiri, 2009). Het dieet van honden bestaat uit materiaal uit de natuur, zoals zoogdieren en kleinere carnivoren, maar voornamelijk van mensen afkomstig materiaal, zoals afval, gewassen, vee, en feces (Vanak & Gompper, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
R1 0-X X Jedrzejewski et al., 2001; Sillero-Zubiri, 2009). Wolven verdedigen hun territorium door te huilen en de grenzen te patrouilleren en te markeren. Dit gedrag neemt toe in het paarseizoen (Jedrzejewski et al., 2001; Sillero-Zubiri, 2009). In het proces van domesticatie is de territorialiteit bij veel hondenrassen afgezwakt in vergelijking met de wolf (Hare et al., 2012). Bij waak- en verdedigingshonden is er nog wel sprake van sterk territoriaal- en patrouilleergedrag (Hulet et al., 1987). Deze risicofactor is daarom alleen van toepassing op de wolf en waak- en verdedigingshonden.
R2 X X Honden en wolven gebruiken een afgezonderde nestplaats voor het werpen en grootbrengen van jongen (Majumder et al., 2016; Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3     Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over een sterke, blindelingse vluchtreactie, maar het bestaan hiervan wordt ook niet aannemelijk geacht, gezien honden gedomesticeerd zijn en gewend zijn aan contact met mensen (Bosch et al., 2015), en wolven een rol als predator hebben in hun leefgebied (Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R4 X X Honden en wolven gebruiken zelf gegraven holen en kuilen (Majumder et al., 2016; Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R5     Voor honden en wolven zijn er geen specifieke omgevingselementen essentieel (Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Thermoregulatie
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
T1 0-X X

Honden komen onder andere voor in een gematigd zeeklimaat (Daniels & Bekoff, 1989; Schultz, 2005; Sillero-Zubiri, 2009). Bij haarloze hondenrassen bestaat het gevaar van onderkoeling in een gematigd zeeklimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing op sommige rassen.

Wolven leven in een droog tropisch en subtropisch klimaat, een droog klimaat met koude periodes, een subtropisch klimaat, een tropisch klimaat, een gematigd klimaat, een boreaal klimaat, en een arctisch klimaat (Boitani et al., 2018; Schultz, 2005). De wolf is verdeeld in verschillende ondersoorten, die een eigen verspreiding hebben (Sillero-Zubiri, 2009; Wilson & Reeder, 2005), waardoor lokale aanpassingen aan het klimaat te verwachten zijn bij sommige ondersoorten. Deze risicofactor is daarom van toepassing.

T2     Uit gedetailleerd gedragsonderzoek is niet gebleken dat honden en wolven gebruik maken van een speciale zoel-, koel- of opwarmplaats (Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
T3     Honden en wolven zijn jaarrond actief (Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Gedomesticeerd Wild Toelichting
S1   X Honden hebben een flexibele leefwijze, die monogaam en polygaam kan zijn (Pal, 2005). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
Wolven hebben een paarsgewijze leefwijze (Sillero-Zubiri, 2009). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S2 X X Wolven leven in roedels, wat vaak familiegroepen zijn, waarvan de kern bestaat uit een alfapaartje (Sillero-Zubiri, 2009). Het alfamannetje is dominant over het alfavrouwtje en de jongen. De jongen hebben onderling een lineaire dominantiehiërarchie (Mech, 1974). Er is sprake van een despotische en een lineaire dominantiehiërarchie. Honden hebben een lineaire dominantiehiërarchie (Cafazzo et al., 2010). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S3    

Honden hebben een inter-oestrus cyclus van 5-12 maanden, die meestal 6-7 maanden duren (Concannon, 2011). Vrouwtjes zijn ongeveer 62-65 dagen drachtig en krijgen een verschillend aantal puppy’s per worp per ras. Chihuahua’s krijgen gemiddeld 2-3 puppy’s, terwijl Duitse doggen gemiddeld 8-9 puppy’s krijgen (Borge et al., 2011; Fiszdon & Kowalczyk, 2009; Scantlebury et al., 2001). Honden hebben geen grote kans op overbevolking.

Wolven zijn vanaf 22-46 maanden oud geslachtsrijp. Vrouwtjes zijn 9 weken drachtig en krijgen per worp gemiddeld 6 puppy’s. Er is suppressie van de voortplanting van subordinate vrouwtjes (Sillero-Zubiri, 2009). Wolven hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Verwijzingen

Aikimbayev, A., Briggs, D., Coltan, G., Dodet, B., Farahtaj, F., Imnadze, P., . . . Vranješ, N. (2014). Fighting Rabies in Eastern Europe, the Middle East and Central Asia ‐ Experts Call for a Regional Initiative for Rabies Elimination. Zoonoses and Public Health, 61(3), 219-226. doi:10.1111/zph.12060

Åkerstedt, J., Lillehaug, A., Larsen, I.-L., Eide, N., Arnemo, J., & Handeland, K. (2010). SEROSURVEY FOR CANINE DISTEMPER VIRUS, CANINE ADENOVIRUS, LEPTOSPIRA INTERROGANS, AND TOXOPLASMA GONDII IN FREE-RANGING CANIDS IN SCANDINAVIA AND SVALBARD. Journal of Wildlife Diseases, 46(2), 474-480. doi:10.7589/0090-3558-46.2.474

Axelsson, E., Ratnakumar, A., Arendt, M., Maqbool, K., Webster, M., Perloski, M., . . . Lindblad-Toh, K. (2013). The genomic signature of dog domestication reveals adaptation to a starch-rich diet. Nature, 495, 360-364. doi:10.1038/nature11837

Behdarvand, N., & Kaboli, M. (2015). Characteristics of Gray Wolf Attacks on Humans in an Altered Landscape in the West of Iran. Human Dimensions of Wildlife, 20(2), 112-122. doi:10.1080/10871209.2015.963747

Boitani, L., Phillips, M., & Jhala, Y. (2018). Grey Wolf. doi:10.2305/IUCN.UK.2018-2.RLTS.T3746A163508960.en

Borge, K., Tonnessen, R., Nodtvedt, A., & Indrebo, A. (2011). Litter size at birth in purebred dogs—A retrospective study of 224 breeds. Theriogenology, 75(5), 911-919. doi:10.1016/j.theriogenology.2010.10.034

Bosch, G., Hagen-Plantinga, E., & Hendriks, W. (2015). Dietary nutrient profiles of wild wolves: Insights for optimal dog nutrition? British Journal of Nutrition, 113(1), 40-54. doi:10.1017/S0007114514002311

Burriel, A., Dalley, C., & Woodward, M. (2003). Prevalence of Leptospira species among farmed and domestic animals in Greece. Veterinary Record, 153(5), 146-148. doi:10.1136/vr.153.5.146

Cafazzo, S., Valsecchi, P., Bonanni, R., & Natoli, E. (2010). Dominance in relation to age, sex, and competitive contexts in a group of free-ranging domestic dogs. Behavioral Ecology, 21(3), 443-455. doi:10.1093/beheco/arq001

Concannon, P. (2011). Reproductive cycles of the domestic bitch. Animal Reproduction Science, 124(3-4), 200-210. doi:10.1016/j.anireprosci.2010.08.028

Cornelissen, J., & Hopster, H. (2010). Dog bites in The Netherlands: A study of victims, injuries, circumstances and aggressors to support evaluation of breed specific legislation. The Veterinary Journal, 186(3), 292-298. doi:10.1016/j.tvjl.2009.10.001

Daniels, T., & Bekoff, M. (1989). Population and Social Biology of Free-Ranging Dogs, Canis familiaris. Journal of Mammalogy, 70(4), 754-762. doi:10.2307/1381709

Dog Breed Info Center. (2020a). The Purebred Chihuahua. Opgeroepen op April 21, 2020, van Dog Breed Info: https://www.dogbreedinfo.com/chihuahua.htm

Dog Breed Info Center. (2020b). The Purebred Great Dane. Opgeroepen op April 21, 2020, van Dog Breed Info: https://www.dogbreedinfo.com/greatdane.htm

Fiszdon, K., & Kowalczyk, I. (2009).Litter size, puppy weight at birth and growth rates in different breeds of dogs. Annals of Warsaw University of Life Sciences - SGGW. Animal Science, 46, 161-168.

Fooks, A., Cliquet, F., Finke, S., Freuling, C., Hemachudha, T., Mani, R., . . . Banyard, A. (2017). Rabies. Nature Reviews Disease Primers, 3(17091). doi:10.1038/nrdp.2017.91

Gholami, A., Massoudi, S., Kharazian Moghaddam, M., Ghazi Marashi, M., Marashi, M., Bashar, R., . . . Shirzadi, M.-R. (2017). The Role of the Gray Wolf in Rabies Transmission in Iran and Preliminary Assessment of an Oral Rabies Vaccine in this Animal. Journal of Medical Microbiology and Infectious Diseases, 5(3-4), 56-61. doi:10.29252/JoMMID.5.3.4.56

Hare, B., Wobber, V., & Wrangham, R. (2012). The self-domestication hypothesis: evolution of bonobo psychology is due to selection against aggression. Animal Behaviour, 83(3), 573-585. doi:10.1016/j.anbehav.2011.12.007

Hulet, C., Shupe, W., & Howard, V. (1987).Coyotes, Guard Dogs, and Electric Fences. Rangelands, 9(3),102-105.

Jansen, A., Schöneberg, I., Frank, C., Alpers, K., Schneider, T., & Stark, K. (2005). Leptospirosis in Germany, 1962–2003. Emerging Infectious Diseases, 11(7), 1048-1054. doi:10.3201/eid1107.041172

Jedrzejewski, W., Schmidt, K., Theuerkauf, J., Jedrzejewska, B., & Okarma, H. (2001). Daily movements and territory use by radio-collared wolves (Canis lupus) in Bialowieza Primeval Forest in Poland. Canadian Journal of Zoology, 79(11), 1993-2004. doi:10.1139/z01-147

Jimenez-Coello, M., Ortega-Pacheco, A., Guzman-Marin, E., Guiris-Andrade, D., Martinez-Figueroa, L., & Acosta-Viana, K. (2010). Stray Dogs as Reservoirs of the Zoonotic Agents Leptospira interrogans, Trypanosoma cruzi, and Aspergillus spp. in an Urban Area of Chiapas in Southern Mexico. Vector-Borne and Zoonotic Diseases, 10(2), 135-141. doi:10.1089/vbz.2008.0170

Krebs, J., Williams, S., Smith, J., Rupprecht, C., & Childs, J. (2003). Rabies among infrequently reported mammalian carnivores in the United States, 1960–2000. Journal of Wildlife Diseases, 39(2), 253-261. doi:10.7589/0090-3558-39.2.253

Linnell, J., Andersen, R., Andersone, Z., Balciauskas, L., Blanco, J., Boitani, L., . . . Wabakken, P. (2002). The fear of wolves: a review of wolf attacks on humans. Trondheim: NINA: Norsk institutt for naturforskning.

Ma, X., Monroe, B., Cleaton, J., Orciari, L., Li, Y., Kirby, J., . . . Blanton, J. (2018). Rabies surveillance in the United States during 2017. Journal of the American Veterinary Medical Association, 253(12), 1555-1568. doi:10.2460/javma.253.12.1555

Majumder, S., Paul, M., Sau, S., & Bhadra, A. (2016). Denning habits of free-ranging dogs reveal preference for human proximity. Scientific Reports, 6(32014). doi:10.1038/srep32014

Malerczyk, C., DeTora, L., & Gniel, D. (2011). Imported Human Rabies Cases in Europe, the United States, and Japan, 1990 to 2010. Journal of Travel Medicine, 18(6), 402-407. doi:10.1111/j.1708-8305.2011.00557.x

Mangombi, J., Roqueplo, C., Sambou, M., Dahmani, M., Mediannikov, O., Comtet, L., & Davoust, B. (2020). Seroprevalence of Crimean-Congo Hemorrhagic Fever in Domesticated Animals in Northwestern Senegal. Vector-Borne and Zoonotic Diseases, 20(10), 797-799. doi:10.1089/vbz.2019.2592

Mech, L. (1974). Canis lupus. Mammalian Species, 37, 1-6. doi:10.2307/3503924

Medisch Centrum voor Dieren. (2020). Hoe oud kan een hond worden? Opgeroepen op April 21, 2020, van Medisch Centrum voor Dieren: https://www.mcvoordieren.nl/hoe-oud-wordt-een-hond

Millán, J., García, E., Oleaga, Á., López-Bao, J., Llaneza, L., Palacios, V., . . . León-Vizcaíno, L. (2014). Using a top predator as a sentinel for environmental contamination with pathogenic bacteria: the Iberian wolf and leptospires. Memórias do Instituto Oswaldo Cruz, 109(8), 1041-1044. doi:10.1590/0074-0276140258

Mora, E., Fonseca, G., Navarro, P., Castaño, A., & Lucena, J. (2018). Fatal dog attacks in Spain under a breed-specific legislation: A ten-year retrospective study. Journal of Veterinary Behavior, 25, 76-84. doi:10.1016/j.jveb.2018.03.011

Nilson, F., Damsager, J., Lauritsen, J., & Bonander, C. (2018). The effect of breed-specific dog legislation on hospital treated dog bites in Odense, Denmark—A time series intervention study. PLoS One, 13(12). doi:10.1371/journal.pone.0208393

Pal, S. (2005). Parental care in free-ranging dogs, Canis familiaris. Applied Animal Behaviour Science, 90(1), 31-47. doi:10.1016/j.applanim.2004.08.002

Prescott, J., McEwen, B., Taylor, J., Woods, J., Abrams-Ogg, A., & Wilcock, B. (2002). Resurgence of lep-tospirosis in dogs in Ontario: recent findings. The Canadian veterinary journal, 43(12), 955–961.

Reese, L., & Vertalka, J. (2020). Preventing Dog Bites: It Is Not Only about the Dog. Animals, 10(4), 666. doi:10.3390/ani10040666

Scantlebury, M., Butterwick, R., & Speakman, J. (2001). Energetics and litter size variation in domestic dog Canis familiaris breeds of two sizes. Comparative Biochemistry and Physiology Part A: Molecular & Integrative Physiology, 129(4), 919-931. doi:10.1016/S1095-6433(01)00359-2

Schultz, J. (2005). The ecozones of the world, the ecological divisions of the geosphere. Aachen, Germany: Springer.

Shepherd, A., Swanepoel, R., Shepherd, S., McGillivray, G., & Searle, L. (1987). Antibody to Crimean-Congo Hemorrhagic Fever Virus in Wild Mammals from Southern Africa. The American Journal of Tropical Medicine and Hygiene, 36(1), 133-142. doi:10.4269/ajtmh.1987.36.133

Sillero-Zubiri, C. (2009). Family Canidae. In D. E. Wilson, & R. A. Mittermeier, Handbook of the mammals of the world. Vol. 1. Carnivores (pp. 352-446). Barcelona: Lynx.

Stokes, J., Kaneene, J., Schall, W., Kruger, J., Miller, R., Kaiser, L., & Bolin, C. (2007). Prevalence of serum antibodies against six Leptospira serovars in healthy dogs. Journal of the American Veterinary Medical Association, 230(11), 1657-1664. doi:10.2460/javma.230.11.1657

Vanak, A., & Gompper, M. (2009). Dogs Canis familiaris as carnivores: their role and function in intraguild competition. Mammals Review, 39(4), 265-283. doi:10.1111/j.1365-2907.2009.00148.x

Ward, M., Glickman, L., & Guptill, L. (2002). Prevalence of and risk factors for leptospirosis among dogs in the United States and Canada: 677 cases (1970–1998). Journal of the American Veterinary Medical Association, 220(1), 53-58. doi:10.2460/javma.2002.220.53

Wilson, D., & Reeder, D. (2005). Mammal species of the world. A taxonomic and geographic reference (3rd ed). Opgehaald van Mammal species of the world: https://www.departments.bucknell.edu/biology/resources/msw3/

Yahiaoui, F., Kardjadj, M., Laidoudi, Y., Medkour, H., & Ben-Mahdi, M. (2018). The epidemiology of dog rabies in Algeria: Retrospective national study of dog rabies cases, determination of vaccination coverage and immune response evaluation of three commercial used vaccines. Preventive Veterinary Medicine, 158, 65-70. doi:10.1016/j.prevetmed.2018.07.011

Zarnke, R., Ver Hoef, J., & DeLong, R. (2004). Serologic survey for selected disease agents in wolves (Canis lupus) from Alaska and the Yukon Territory, 1984–2000. Journal of Wildlife Diseases, 40(4), 632-638. doi:10.7589/0090-3558-40.4.632

Bent u tevreden over deze pagina?