Javaans wrattenzwijn

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Meijaard et al., 2011; Semiadi et al., 2016)
Familie Suidae
Subfamilie Suinae
Genus Sus
Soort Sus verrucosus
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte Kop-romp: 90-190 cm
Gewicht 35-150 kg
Dieet Omnivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Indonesië (Java)
  • Habitat: Gecultiveerde landschappen en teak bossen, afgewisseld met lalang graslanden, struiken en secundaire bossen. Ook komen ze voor bij stukken mangrove en moerasbossen. Ze komen voor tot 800 m hoogte.
Levensverwachting Circa 8 jaar
IUCN-status "Endangered"
CITES Niet vermeld

Risicoklasse F

Javaanse wrattenzwijnen zijn in staat ernstige letselschade te veroorzaken bij de mens. Daarnaast zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Om deze redenen valt het Javaanse wrattenzwijn onder “risicoklasse F”.

Samenvatting beoordeling van het Javaanse wrattenzwijn

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen ! (signalerend) Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen, maar bij de sympatrische en aanverwante soort Sus scrofa zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Brucella suis, Francisella tularensis, Leptospira spp., en Mycobacterium tuberculosis aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.
Letselschade XF Bij Javaanse wrattenzwijnen is er gevaar op zeer ernstig letsel bij de mens, waardoor het Javaanse wrattenzwijn direct onder risicoklasse F valt.

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X Javaanse wrattenzwijnen moeten dagelijks langdurig foerageren.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Javaanse wrattenzwijnen gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Javaanse wrattenzwijnen hebben een sterke vluchtreactie.
  • Javaanse wrattenzwijnen gebruiken zelf gegraven kuilen.
Thermoregulatie X
  • Het Javaanse wrattenzwijn is aangepast aan een tropisch klimaat.
  • Javaanse wrattenzwijnen gebruiken speciale zoelplaatsen.
Sociaal gedrag X Javaanse wrattenzwijnen hebben een dominantiehiërarchie.

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 ! (signalerend) Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen, maar bij de sympatrische en aanverwante soort Sus scrofa zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Brucella suis (Cvetnic et al., 2009; Dahouk et al., 2005), Francisella tularensis (Dahouk et al., 2005), Leptospira spp. (Ebani et al., 2003), en Mycobacterium tuberculosis (Martin-Hernando et al., 2007) aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.

 

Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2 XF Het Javaanse wrattenzwijn weegt 35-150 kg en beschikt over grote slagtanden (Meijaard et al., 2011). Zwijnen kunnen agressief zijn wanneer ze bedreigd worden en gebruiken hun slagtanden om zich te verdedigen (Sutherland-Smith, 2015). Gezien de grootte, morfologie en het gedrag van Javaanse wrattenzwijnen kunnen ze zeer ernstig letsel bij de mens veroorzaken, waardoor het Javaanse wrattenzwijn direct onder risicoklasse F valt.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1   Het Javaanse wrattenzwijn is een omnivoor (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V2   Het Javaanse wrattenzwijn heeft geen hypsodonte gebitselementen (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V3 X Javaanse wrattenzwijnen leggen grote afstanden af om aan voedsel te komen (Frädrich, 1974), en moeten hier onder andere naar wroeten in de grond (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
V4   Het dieet van Javaanse wrattenzwijnen bestaat uit planten, gevallen vruchten, wortels, wormen, en insecten (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1   Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over de grootte van de home range. Javaanse wrattenzwijnen verdedigen hun home range niet en brengen geen markeringen aan (Frädrich, 1974). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R2 X Javaanse wrattenzwijnen gebruiken een afgezonderde nestplaats voor het werpen en grootbrengen van jongen (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3 X Javaanse wrattenzwijnen zijn gevoelig voor capture myopathy, wat optreedt tijdens de vluchtreactie (Sutherland-Smith, 2015). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R4 X Javaanse wrattenzwijnen gebruiken zelf gegraven kuilen (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R5   Voor Javaanse wrattenzwijnen zijn er geen specifieke omgevingselementen essentieel (Meijaard et al., 2011; Semiadi et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Javaanse wrattenzwijnen komen voor in een tropisch klimaat (Schultz, 2005; Semiadi et al., 2016). De gemiddelde maandelijkse temperatuur komt niet onder de 18 °C. Gedurende het hele jaar ligt de temperatuur rond de 25 en 27 °C met dagelijkse temperatuurverschillen van maximaal 6 tot 11 °C. De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheid ligt tussen de 2000-4000 mm. Dit klimaat kent een zeer hoge luchtvochtigheid van 90-100% (Schultz, 2005).

Het Javaanse wrattenzwijn is aangepast aan een tropisch klimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing.

T2 X Javaanse wrattenzwijnen maken gebruik van modderbaden (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
T3   Javaanse wrattenzwijnen zijn jaarrond actief (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1   Javaanse wrattenzwijnen hebben een polygame leefwijze (Meijaard et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
S2 X Javaanse wrattenzwijnen leven in groepen van meestal 4-6, maar maximaal tot 20 individuen (Meijaard et al., 2011; Semiadi et al., 2016). In groepen zwijnen bestaat er gewoonlijk een dominantiehiërarchie (Sutherland-Smith, 2015). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S3   Vrouwtjes zijn circa 4 maanden drachtig en krijgen per worp 3-9 jongen. De meeste geboortes vinden plaats in het regenseizoen (Meijaard et al., 2011). Javaanse wrattenzwijnen hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Verwijzingen

Cvetnic, Z., Toncic, J., Majnaric, D., Benic, M., Albert, D., Thiébaud, M., & Garin-Bastuji, B. (2009). Brucella suis infection in domestic pigs and wild boar in Croatia. Rev. sci. tech off. int. Epiz. (28), 1057-1067.

Dahouk, S., Nöckler, K., Tomaso, H., Splettstoesser, W., Jungersen, G., Riber, U., . . . Neubauer, H. (2005). Seroprevalence of Brucellosis, Tularemia and Yersiniosis in Wild boars from North-Eastern Germany. Journal Veterinary Medicine, 444- 455.

Ebani, V., Cerri, D., Poll, A., & Andreani, E. (2003). Prevalence of Leptospira and Brucella antibodies in Wild boars in Tuscany, Italy. Journal of wildlife diseases 39 (3), 718-722.

Frädrich, H. (1974). A comparison of behaviour in the Suidae. In V. Geist, & F. Walther, Behaviour of ungulates and its relation to management. (pp. 133-143). International Union for Conservation of Nature and Natural Resources.

Martin-Hernando, M., Höfle, U., Vicente, J., Ruiz-Fons, F., Vidal, D., Barral, M., . . . Gortazar, C. (2007). Lesions associated with Mycobacterium tuberculosis complex infection in European wild boar. Tuberculosis 87, 360-367.

Meijaard, E., d'Huart, J., & Oliver, W. (2011). Sus verrucosus. In D. Wilson, & R. Mittermeier, Handbook of the mammals of the world, Hoofed mammals Volume 2. Lynx Edicions.

Schultz, J. (2005). The ecozones of the world, the ecological divisions of the geosphere. Aachen, Germany: Springer.

Semiadi, G., Rademaker, M., & Meijaard, E. (2016). Sus verrucosus. Opgehaald van The IUCN Red List of Threatened Species: http://dx.doi.org/10.2305/IUCN.UK.2016-1.RLTS.T21174A44139369.en

Sutherland-Smith, M. (2015). Suidae and Tayassuidae. In E. Miller, & M. Fowler, Fowler's Zoo and Wild Animal Medicine, Volume 8. Elsevier Health Sciences.

Bent u tevreden over deze pagina?