Koeroero

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

 

Algemene informatie (Ojeda, 2016)
Familie Octodontidae
Subfamilie -
Genus Spalacopus
Soort Spalacopus cyanus
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 115-165 mm
  • Staart: 40-57 mm
Gewicht 80-120 g
Dieet Herbivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Noord- tot Centraal-Chili.
  • Habitat: Alpine graslanden in de Andes, Acacia savannes en gestabiliseerde zandduinen aan de kust. Van zeeniveau tot 3400 m hoogte.
Levensverwachting 3-4 jaar
IUCN-status "Least concern"
CITES Niet vermeld

 

Risicoklasse E

Bij de koeroero zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Omdat er onvoldoende wetenschappelijke literatuur is gevonden over LG1, scoort de koeroero minimaal een E.

Samenvatting beoordeling van de koeroero

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet beoordeeld worden.
Letselschade   De risicofactor in deze risicocategorie is niet van toepassing.
Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X De koeroero heeft hypsodonte gebitselementen.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Koeroero’s gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Koeroero’s gebruiken uitsluitend zelf gegraven holen.
  • Koeroero’s leven subterraan.
Thermoregulatie X De koeroero is aangepast aan een subtropisch klimaat.
Sociaal gedrag X Koeroero’s hebben een despotische dominantiehiërarchie.

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet worden beoordeeld.
Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2   Op basis van de grootte, morfologie en het gedrag van koeroero’s is het niet aannemelijk dat de dieren ernstig letsel zullen veroorzaken bij de mens (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1   De koeroero is een herbivoor mixed-feeder. Koeroero’s voeden zich met wortels, knollen, bollen, en bladeren (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V2 X De koeroero heeft hypsodonte kiezen en elodonte snijtanden (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
V3   Het is niet bekend hoe veel tijd de koeroero dagelijks besteedt aan foerageren. Echter, koeroero’s hebben een eenvoudige maag, wat past bij een dieet dat laag in cellulose en gemakkelijk verteerbaar is, hebben een laag metabolisme, en slaan voedsel op, waardoor het aannemelijk is dat zij niet langdurig hoeven te foerageren (Contreras, 1986; Ojeda, 2016; Torres-Mura & Contreras, 1998). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V4   Het dieet van koeroero’s bestaat uit wortels, knollen en bollen van meerdere planten uit verschillende families en bladeren van Convolulaceae soorten (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1   Koeroero’s hebben een home range van gemiddeld 40,3 m2 (Ojeda, 2016). Ze hebben een sterke interkoloniale agressiviteit, maar laten geen markeer- of patrouilleergedrag zien (Hagemayer & Begall, 2006; Torres-Mura & Contreras, 1998). Daarnaast wagen de koeroero’s zich niet te ver van de opening van hun holen (Torres-Mura & Contreras, 1998). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R2 X Koeroero’s gebruiken een afgezonderde nestplaats voor het werpen en grootbrengen van jongen en als dag- en nachtrustplaats (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3   Koeroero’s wagen zich niet te ver van de openingen van hun holensystemen (Torres-Mura & Contreras, 1998). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R4 X Koeroero’s gebruiken uitsluitend zelf gegraven holen (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R5 X Koeroero’s leven subterraan (Ojeda, 2016; Reig, 1970; Torres-Mura & Contreras, 1998). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Koeroero’s leven in een subtropisch klimaat (Roach, 2016; Schultz, 2005). De gemiddelde temperatuur in een subtropisch klimaat ligt in de koudste maanden normaal gesproken niet onder de 5 °C. De absolute minimumtemperatuur in de winter kan gedurende korte periodes sterk afnemen tot onder het vriespunt. De gemiddelde maandelijkse temperatuur ligt in de warmste maanden boven de 18 °C, maar komt zelden boven de 20 °C uit (Schultz, 2005). Koeroero’s komen voor in semi-aride gebieden (Rezende et al., 2003). De koeroero heeft een thermoneutrale zone boven de 26 °C (Contreras, 1986), kan haar lichaamsgewicht niet onderhouden onder de 15 °C, en heeft een kritische ondergrens op 2 °C (Nespolo et al., 2001; Torres-Mura & Contreras, 1998).

De koeroero is aangepast aan een subtropisch klimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing.

T2   Uit gedetailleerd gedragsonderzoek is niet gebleken dat koeroero’s gebruik maken van een speciale zoel-, koel- of opwarmplaats (Ojeda, 2016; Rezende et al., 2003). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
T3   Koeroero’s zijn jaarrond actief (Rezende et al., 2003). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1   Koeroero’s hebben een polygame leefwijze (Hagemeyer & Begall, 2006; Veitl et al., 2000). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
S2 X Koeroero’s leven in kolonies die bestaan uit ongeveer 15 individuen (Ojeda, 2016). In deze kolonies is er één mannetje met een harem van tot vijf vrouwtjes en zijn er meerdere niet reproducerende mannetjes aanwezig (Hagemeyer & Begall, 2006). Er is sprake van een despotische dominantiehiërarchie. Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S3   Vrouwtjes kunnen 2 keer per jaar werpen. Vrouwtjes zijn ca. 77 dagen drachtig en krijgen per worp 2-5 jongen. Koeroero’s hebben een voortplantingsseizoen tussen maart en juni (Ojeda, 2016). Koeroero’s hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Verwijzingen

Contreras, L. (1986). Bioenergetics and distribution of fossorial Spalacopus cyanus (Rodentia): Thermal stress, or cost of burrowing? Physiological Zoology. 59(1). 20-28.

Hagemeyer, P. & Begall, S. (2006). Individual Odour Similarity and Discrimination in the Coruro (Spalacopus cyanus, Octodontidae). Ethology. 112(6). 529-536.

Nespolo, R., Bacigalupe, L., Rezende, E. & Bozinovic, F. (2001). When Nonshivering Thermogenesis Equals Maximum Metabolic Rate: Thermal Acclimation and Phenotypic Plasticity of Fossorial Spalacopus cyanus (Rodentia). Physiological and Biochemical Zoology. 74(3). 325-332.

Ojeda, A. (2016). Family Octodontidae (Viscacha rats, Degus, Rock rats and Coruro). In D. Wilson, T. Lacher & R. Mittermeier, Handbook of the Mammals of the World. Vol. 6. Lagomorphs and rodents I. (pp. 536-551). Barcelona: Lynx Edicions.

Reig, O. (1970). Ecological Notess on the Fossorial Octodont Rodent Spalacopus cyanus (Molina). Journal of Mammalogy. 51(3). 592-601.

Rezende, E., Cortés, A., Bacigalupe, L., Nespolo, R. & Bozinovic, F. (2003). Ambient temperature limits above-ground activity of the subterranean rodent Spalacopus cyanus. Journal of Arid Environments. 55. 63-74.

Roach, N. (2016). Spalacopus cyanus. The IUCN Red List of Threatened Species 2016. Opgehaald van IUCN: doi:10.2305/IUCN.UK.2016-2.RLTS.T20427A78323110.en

Schultz, J. (2005). The Ecozones of the World. Berlin: Springer Verlag.

Torres-Mura, J. & Contreras, L. (1998). Spalacopus cyanus. Mammalian Species. 594. 1-5.

Veitl, S., Begall, S. & Burda, H. (2000). Ecological determinants of vocalisation parameters: the case of the coruro Spalacopus cyanus (Octodontidae), a fossorial social rodent. Bioacoustics. 11. 129-148.

 

Algemene informatie (Ojeda, 2016)
Familie Octodontidae
Subfamilie -
Genus Spalacopus
Soort Spalacopus cyanus
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 115-165 mm
  • Staart: 40-57 mm
Gewicht 80-120 g
Dieet Herbivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Noord- tot Centraal-Chili.
  • Habitat: Alpine graslanden in de Andes, Acacia savannes en gestabiliseerde zandduinen aan de kust. Van zeeniveau tot 3400 m hoogte.
Levensverwachting 3-4 jaar
IUCN-status "Least concern"
CITES Niet vermeld

Risicoklasse E

Bij de koeroero zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Omdat er onvoldoende wetenschappelijke literatuur is gevonden over LG1, scoort de koeroero minimaal een E.

Samenvatting beoordeling van de koeroero

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet beoordeeld worden.
Letselschade   De risicofactor in deze risicocategorie is niet van toepassing.
Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X De koeroero heeft hypsodonte gebitselementen.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Koeroero’s gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Koeroero’s gebruiken uitsluitend zelf gegraven holen.
  • Koeroero’s leven subterraan.
Thermoregulatie X De koeroero is aangepast aan een subtropisch klimaat.
Sociaal gedrag X Koeroero’s hebben een despotische dominantiehiërarchie.

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet worden beoordeeld.
Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2   Op basis van de grootte, morfologie en het gedrag van koeroero’s is het niet aannemelijk dat de dieren ernstig letsel zullen veroorzaken bij de mens (Ojeda, 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
Bent u tevreden over deze pagina?