Laaglandtapir

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Dit dier staat niet op de huis- en hobbydierenlijst.

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Medici, 2011)
Familie Tapiridae
Subfamilie -
Genus Tapirus
Soort Tapirus terrestris
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 191-242 cm
  • Schofthoogte: 83-118 cm
Gewicht 180-300 kg
Dieet Herbivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Brazilië, Venezuela, Guyana, Argentinië, Ecuador, Bolivia, Paraguay, en Peru.
  • Habitat: Tropisch laagland van Zuid-Amerika, waaronder vochtig en moerasachtig bos, maar ook seizoensdroge Chaco en Cerrado bos, savanne wetlands en laaggelegen bergbos tot 2000 m hoogte.
Levensverwachting 35 jaar in gevangenschap
IUCN-status “Vulnerable”
CITES Bijlage B

Risicoklasse F

Laaglandtapirs zijn in staat ernstige letselschade te veroorzaken bij de mens. Daarnaast zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Om deze reden valt de laaglandtapir onder “risicoklasse F”.

Samenvatting beoordeling van de laaglandtapir

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. ndien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen ! (signalerend) Bij de laaglandtapir zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans en Mycobacterium bovis aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.
Letselschade XF  Bij laaglandtapirs is er gevaar op zeer ernstig letsel bij de mens, waardoor de laaglandtapir direct onder risicoklasse F valt.

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X
  • De laaglandtapir is een herbivore browser.
  • Laaglandtapirs moeten dagelijks frequent foerageren.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Laaglandtapirs hebben een grote home range en vertonen territoriaal patrouilleer- en/of markeergedrag.
  • Laaglandtapirs gebruiken een beschutte verstopplaats.
  • Laaglandtapirs hebben een sterke vluchtreactie.
  • Laaglandtapirs leven semi-aquatisch.
Thermoregulatie X
  • De laaglandtapir is aangepast aan een tropisch klimaat.
  • Laaglandtapirs gebruiken speciale zoelplaatsen.
Sociaal gedrag X Laaglandtapirs hebben een dominantiehiërarchie.

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 ! (signalerend) Bij de laaglandtapir zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Leptospira interrogans (Medici et al., 2014) en Mycobacterium bovis (Augustynowicz-Kopeć et al., 2011; Michel et al., 2003; Murakami et al., 2012) aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.

 

Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2 XF

De laaglandtapir weegt 180-300 kg en beschikt over scherpe, lange hoektanden. Laaglandtapirs hebben een offensieve houding naar mensen toe en verdedigen zichzelf door te bijten, waarbij zij mensen ernstig of dodelijk kunnen verwonden (Haddad et al., 2005; Medici, 2011).

Gezien de grootte, morfologie en het gedrag van laaglandtapirs kunnen ze zeer ernstig letsel bij de mens veroorzaken, waardoor de laaglandtapir direct onder risicoklasse F valt.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1 X De laaglandtapir is een herbivore browser. Laaglandtapirs eten gebladerte, knoppen, twijgen, bast, bloemen, gevallen fruit en fruit van laag groeiende vegetatie. Zowel de slurf als de maag van de laaglandtapir is aangepast aan een browser dieet (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
V2   De laaglandtapir heeft geen hypsodonte gebitselementen (Damuth & Janis, 2011; Kaiser et al., 2013; Medoza & Palmqvist, 2007). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V3 X Laaglandtapirs besteden tot 90% van hun actieve tijd aan foerageren. Laaglandtapirs consumeren veel kleine maaltijden, hetgeen een aanpassing is aan de kleine maagcapaciteit van de tapirs (Medici, 2011). Als browsers hebben laaglandtapirs een snelle passeersnelheid in de pens, waardoor dagelijks frequent foerageren noodzakelijk is (Hofmann, 1989). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
V4   Het dieet van laaglandtapirs bestaat uit een grote verscheidenheid aan plantensoorten en veel verschillende plantendelen, zoals het gebladerte, knoppen, twijgen, bast, bloemen, gevallen vruchten, en vruchten van laag groeiende vegetatie (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1 X Laaglandtapirs hebben een home range van 1-14 km2. Er is sprake van overlap (33-43%) tussen home ranges (Medici, 2011). Laaglandtapirs patrouilleren de grenzen van hun territorium. De aanverwante soort binnen hetzelfde genus (Tapirus) met overeenkomsten in ecologie en gedrag, de Baird’s tapir (T. bairdii), maakt gebruik van latrines langs de grenzen en verjagen soortgenoten uit hun territorium (Pinho et al., 2014). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R2 X De jongen van laaglandtapirs gebruiken een beschutte verstopplaats (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3 X Laaglandtapirs en aanverwante soorten binnen hetzelfde genus (Tapirus) zijn gevoelig voor capture myopathy (Cañas, 2010; Lira-Torres et al., 2014). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R4   Laaglandtapirs gebruiken geen holen of kuilen (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R5 X Laaglandtapirs leven semi-aquatisch (Medici, 2011; Rose et al., 2006). Zij gebruiken het water als rustplaats, om in te defeceren, als manier om van ectoparasieten af te komen, om in af te koelen, soms om in te vluchten, en gedeeltelijk om in te paren (Cruz et al., 2014; Medici, 2011). Doordat zij hun slurf kunnen gebruiken als snorkel, kunnen laaglandtapirs lang onder water blijven (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing.

 

Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Laaglandtapirs leven in een tropisch klimaat (Schultz, 2005; Varela et al., 2019). De gemiddelde maandelijkse temperatuur komt niet onder de 18 °C. In sommige hoger gelegen gebieden kan in het droge seizoen de minimumtemperatuur onder het vriespunt komen en laaglandtapirs komen tot op een hoogte van 2000 meter voor (Noss et al., 2003; Schultz, 2005). In de warmste maanden ligt de gemiddelde temperatuur rond de 30 °C met maximumtemperaturen van boven de 40 °C. De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheid varieert van 500-1500 mm in gebieden met een regenseizoen in de zomer tot 2000-4000 mm in tropisch regenwoudgebieden met jaarrond regen. Het tropisch regenwoud heeft een zeer hoge luchtvochtigheid van 90-100% (Schultz, 2005). De laaglandtapir kan temperaturen rond het vriespunt tolereren, mits het niet waait of regenachtig is, maar neonatale sterfte komt voor door hypothermie (Barongi et al., 2013; Mangini et al., 2012).

De laaglandtapir is aangepast aan een tropisch klimaat. Deze risicofactor is daarom van toeassing.

T2 X Laaglandtapirs maken gebruik van modderbaden (Mangini et al., 2012). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
T3   Laaglandtapirs zijn jaarrond actief (Cruz et al., 2014). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1   Laaglandtapirs hebben een polygame leefwijze (Medici, 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
S2 X Laaglandtapirs leven voornamelijk solitair maar hebben overlap in home ranges (Medici, 2011; Pinho et al., 2014). Er is sprake van een dominantiehiërarchie, waarschijnlijk gebaseerd op leeftijd (Montenegro, 1998). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S3   Laaglandtapirs kunnen vanaf 2 jaar oud geslachtsrijp zijn, maar dit komt meestal pas na 4-5 jaar voor. Vrouwtjes zijn 390-410 dagen drachtig en krijgen per worp 1 jong (Medici, 2011). Laaglandtapirs hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Verwijzingen

Augustynowicz-Kopeć, E., Krajewska, M., Zabost, A., Napiorkowska, A. & Zwolska, Z. (2011). Characterisation of Mycobacterium bovis strains isolated from farm and wild animals from Poland. Bulletin Veterinary Institute in Pulawy. 55. 381-383.

Barongi, R., Edwards, M., Flanagan, J., Janssen, D., Shoemaker, A., Stancer, M. & Zimmerman, D. (2013). Tapir (Tapiridae) Care Manual. Association of Zoos and Aquariums, Silver Spring, MD.

Cañas, L. F. S. (2010). Uso do espaço e atividade de Tapirus terrestris em uma área do pantanal sul. Master's Dissertation. Federal University of Mato Grosso do Sul.

Cruz, P., Paviolo, A., Bó, R. F., Thompson, J. J. & Di Bitetti, M. S. (2014). Daily activity patterns and habitat use of the lowland tapir (Tapirus terrestris) in the Atlantic Forest. Mammalian Biology. 79. 376-383.

Damuth, J. & Janis, C. M. (2011). On the relationship between hypsodonty and feeding ecology in ungulate mammals, and its utility in palaeoecology. Biological Reviews. 86. 733-758.

Haddad Jr, V., Assunção, M. C., Coelho de Mello, R. & Ribeiro Duarte, M. (2005). A fatal attack caused by a lowland tapir (Tapirus terrestris) in Southeastern Brazil. Wilderness and Environmental Medicine. 16. 97-100.

Hofmann, R. R. (1989). Evolutionary steps of ecophysiological adaptation and diversification of ruminants: a comparative view of their digestive system. Oecologia. 78. 443-457.

Kaiser, T. M., Müller, D. W., Fortelius, M., Schulz, E., Codron, D. & Clauss, M. (2013). Hypsodonty and tooth facet development in relation to diet and habitat in herbivorous ungulates: implications for understanding tooth wear. Mammal Review. 43(1). 34-46.

Lira-Torres, I., Pérez-Flores, J., Briones-Salas, M. & Carrera-Treviño, R. (2014). Methods of capture and chemical restraint of Baird's tapir (Tapirus bairdii) in the Southeast of Mexico. Quehacer Científico en Chiapas. 9(1). 35-46.

Mangini, P. R., Medici, E. P. & Fernandes-Santos, R. C. (2012). Tapir health and conservation medicine. ntegrative Zoology. 7. 331-345.

Medici, E. P. (2011). Family Tapiridae. In D. E. Wilson & R. A. Mittermeier, Handbook of the mammals of the world (Vol. 2, pp. 182-205). Barcelona: Lynx Edicions.

Medici, E. P., Mangini, P. R. & Fernandes-Santos, R. C. (2014). Health assessment of wild lowland tapir (Tapirus terrestris) populations in the atlantic forest and pantanal biomes, Brazil (1996-2012). Journal of Wildlife Diseases. 50(4). 817-828.

Mendoza, M. & Palmqvist, P. (2007). Hypsodonty in ungulates: an adaptation for grass consumption or for foraging in open habitat? Journal of Zoology. 274. 134-142.

Michel, A., Venter, L., Espie, I. & Coetzee, M. (2003). Mycobacterium tuberculosis infections in eight species at the national zoological gardens of South Africa, 1991-2001. Journal of Zoo and Wildlife Medicine. 34(4). 364-370.

Montenegro, O. L. (1998). The behavior of lowland tapir (Tapirus terrestris) at a natural mineral lick in the Peruvian Amazon. Master's Dissertation. University of Florida. 

Murakami, P. S., Monego, F., Ho, J. L., Gibson, A., Javorouski, M. L., Bonat, M., Lacerda, O., Brockelt, S. R., Biesdorf, S. M. Nakatani, S. M., Riediger, I. N., Fuverki, R. B. N., Biava, J. S., Vieira, R. F. C., do Santos, A. P., de Barros Filho, I. R. & Biondo, A. W. (2012). Detection of RD(Rio) strain of Mycobacterium tuberculosis in tapirs (Tapirus terrestris) from a zoo in Brazil. Journal of Zoo and Wildlife Medicine. 43(4). 872-875.

Noss, A. J., Cuéllar, R. L., Barrientos, J., Maffei, L., Cuéllar, E., Arispe, R., Rumiz, D. & Rivero, K. (2003). A camera trapping and radio telemetry study of lowland tapir (Tapirus terrestris) in Bolivian dry forests. Tapir Conservation. 12(1). 24-32.

Pinho, G. M., Gonçalves da Silva, A., Hrbek, T., Venticinque, E. M. & Farias, I. P. (2014) Kinship and Social Behavior of Lowland Tapirs (Tapirus terrestris) in a Central Amazon Landscape. PLoS ONE. 9(3). e92507.

Rose, P., Roffe, S. & Jermy, M. (2006). Enrichment methods used for Tapirus indicus (Malayan tapir) at the East Midland Zoological Society: Twycross Zoo. RATEL. 33. 8-13.

Schultz, J. (2005). The ecozones of the world, the ecological divisions of the geosphere. Aachen, Germany: Springer.

Varela, D., Flesher, K., Cartes, J., de Bustos, S., Chalukian, S., Ayala, G. & Richard-Hansen, C. (2019). Tapirus terrestris. The IUCN Red List of Threatened Species. Opgehaald van IUCN: 10.2305/IUCN.UK.2019-1.RLTS.T21474A45174127.en.

Bent u tevreden over deze pagina?