Steppelemming

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Gębczyńska, 1967; Pardiñas et al., 2017; Tsytsulina et al., 2016) 
Familie Cricetidae
Subfamilie Arvicolinae
Stam Lagurini
Genus Lagurus
Soort Lagurus lagurus
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 73-125 mm
  • Staart: 6-16 mm
Gewicht 17-46 g
Dieet Omnivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Oekraïne, Zuid-Rusland, Kazachstan, Kyrgyzstan, Noord-China en WestMongolië. 
  • Habitat: Steppes, beboste steppes, semi-woestijnen, woestijnen en bergweide tot een hoogte van 3000 m. 
Levensverwachting 12-18 maanden wild, 18-39 maanden gevangenschap.
IUCN-status “Least Concern” 
CITES Niet vermeld

Risicoklasse E

Bij de steppelemming zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Hierdoor valt de steppelemming in risicoklasse E.

Samenvatting beoordeling van de steppelemming

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).  

 

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen ! (signalerend) Bij de steppelemming zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen het Tula hantavirus, Yersinia pestis en Francisella tularensis aangetoond. Bij meerdere sympatrische en aanverwante soorten binnen de familie (Cricetidae) zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen influenza A virus H5N1, Anaplasma phagocytophilum en Tick Borne Encephalitis aangetoond. Dit leidt in het geval van wildvang tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.
Letselschade  

De risicofactor in deze risicocategorie is niet van toepassing. 

 

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X
  • De steppelemming heeft hypsodonte gebitselementen.
  • Steppelemmings moeten dagelijks langdurig foerageren.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Steppelemmings gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Steppelemmings gebruiken zelf-gegraven holen. 
Thermoregulatie X De steppelemming is aangepast aan een boreaal- en steppeklimaat. 
Sociaal gedrag X
  • Steppelemmings hebben een monogame leefwijze.
  • Steppelemmings hebben een lineaire dominantiehiërarchie.
  • Steppelemmings hebben een grote kans op overbevolking. 

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 ! (signalerend) Bij de steppelemming zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen het Tula hantavirus (Yashina et al., 2015), Yersinia pestis (Kiefer et al., 2012) en Francisella tularensis (Hubálek & Rudolf, 2010; Starikov, 2020) aangetoond. Bij meerdere sympatrische en aanverwante soorten binnen de familie (Cricetidae) zijn de hoog-risico en zeer hoog-risico zoönotische pathogenen influenza A virus H5N1 (Pavlova et al., 2016; Shriner et al., 2012), Anaplasma phagocytophilum (Pulscher et al., 2018) en Tick Borne Encephalitis (Bakhvalova et al., 2006) aangetoond. Dit leidt in het geval van import van wildvang tot een signalerende toepassing van deze risicofactor. 

 

Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2   Op basis van de grootte, morfologie en het gedrag van de steppelemming is het niet aannemelijk dat de dieren ernstig letsel zullen veroorzaken bij de mens (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1   De steppelemming is een omnivoor (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
V2 X De steppelemming heeft elodonte snijtanden en hypsodonte kiezen (Chaline et al., 1999; Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
V3 X De steppelemming is zowel dag- als nachtactief. De piek in activiteit is afhankelijk van het seizoen. Vanaf einde herfst t/m de vroege lente is de activiteit voornamelijk overdag, in de zomer is de activiteit voornamelijk ’s nachts en in de schemering. De steppelemming spendeert een groot deel van deze actieve tijd aan foerageren (Pardiñas et al., 2017). De steppelemming heeft een verlengd caecum en kleine darm als aanpassing aan het verteren van vezelrijk plantaardig materiaal. Ook doet de steppelemming aan coprofagie en heeft het een hoge behoefte aan voedselinname (Hagen et al., 2018; Lee & Houston, 1993). Steppelemmings doen normaliter niet aan het maken van een voedselopslag. Een populatie in West-Kazachstan is een uitzondering. Deze populatie maakt een voedselopslag in hun hol om de winter door te komen (Pardiñas et al., 2017). Steppelemmings moeten langdurig foerageren en zijn daar fysiologisch op aangepast. Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
V4   Het dieet van de steppelemming bestaat voornamelijk uit groene plantdelen. Zaden, wortels, knollen en insecten vormen een klein deel van het dieet (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1   Steppelemmings leven in monogame familiegroepen. Elke familiegroep heeft een home range van c.0,25 ha rondom hun hol. Mannetjes verdedigen hun territorium tegen indringende mannetjes door de home range te patrouilleren, maar hebben een kleine home range (Gromov & Voznesenskaya, 2010; Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
R2 X Steppelemmings gebruiken een afgezonderde nestplaats voor het werpen en grootbrengen van jongen en als rustplaats (Pardiñas et al., 2017; Potapov et al., 2012; Rutovskaya, 2019). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3   De steppelemming is schichtig en vlucht behendig en doelgericht naar dekking bij tekenen van gevaar (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R4 X Steppelemmings graven een holensysteem met een nestkamer van 10-20 cm breed 20-40 cm diep onder de grond. Het holensysteem bestaat uit meerdere tunnels van 3-28 m lang verspreid over een oppervlak van 1,5-8 m2. Het holensysteem heeft 5-10 verschillende ingangen (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
R5   Voor steppelemmings zijn er geen specifieke omgevingselementen essentieel (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

 

Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Steppelemmings leven in een boreaal- en steppeklimaat (Pardiñas et al., 2017; Schultz, 2005). De gemiddelde minimumtemperatuur in steppes, woestijnen en bergweides van Kazachstan waar steppelemmings voorkomen is -1 °C (met een uiterste minimumtemperatuur van -40 °C) en de gemiddelde maximumtemperatuur is 13 °C (met een uiterste maximumtemperatuur van 41 °C). De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheid is 300 mm en de luchtvochtigheid is gemiddeld 65%, maar fluctueert tussen de 30 en 90% afhankelijk van het seizoen (Meteoblue, 2020; Schultz, 2005).  

De thermoneutrale zone van de steppelemming ligt tussen de 20 en 30 °C (Markova et al. 2018).  

De steppelemming is aangepast aan een boreaal- en steppeklimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing. 

T2   Uit gedetailleerd gedragsonderzoek is niet gebleken dat steppelemmings gebruik maken van een speciale zoel-, koel- of opwarmplaats (Markova et al., 2018; Pardiñas et al., 2017). Bovendien maken steppelemmings gebruik van een hol. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
T3   Steppelemmings zijn jaarrond actief (Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1 X Steppelemmings hebben een monogame leefwijze (Evsikov et al., 2006; Pardiñas et al., 2017; Potapov et al., 2012; Rutovskaya, 2019). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
S2 X Steppelemmings leven in monogame familiegroepen, bestaande uit het ouderlijk paar en 1-2 generaties aan nakomelingen. Elk lid van de familiegroep deelt hetzelfde nest en helpt bij het grootbrengen van de jongen (Evsikov et al., 2006; Pardiñas et al., 2017; Potapov et al., 2012; Rutovskaya, 2019). Mannelijke steppelemmings hebben een lineaire dominantiehiërarchie positief correlerend met lichaamsgewicht en gedragen zich zeer agressief naar nietverwante mannetjes (Gromov & Voznesenskaya, 2010; Pardiñas et al., 2017). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
S3 X Vrouwtjes zijn vanaf 13-35 (meestal 30) dagen geslachtsrijp en kunnen 3-4 keer per jaar werpen. Vrouwtjes zijn 19-23 dagen drachtig en krijgen per worp 1-14 (gemiddeld 6,4-8,9) jongen. Steppelemmings hebben een paarseizoen van maart tot en met september, maar enkele vrouwtjes kunnen zich jaarrond voortplanten. Vrouwtjes kunnen in hun eerste levensjaar al 2-3 nesten hebben (Pardiñas et al., 2017). Steppelemmings hebben een grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom van toepassing. 

Verwijzingen

Bakhvalova, V. N., Dobrotvorsky, A. K., Panov, V. V., Matveeva, V. A., Tkachev, S. E. & Morozova, O. V. (2006). Natural Tick-Borne Encephalitis Virus Infection among Wild Small Mammals in the Southeastern Part of Western Siberia, Russia. Tick-Borne and Zoonotic Diseases. 6(1). 32-41.

Chaline, J., Brunet-Lecomte, P., Montuire, S., Viriot, L. & Courant, F. (1999). Anatomy of the arvicoline radiation (Rodentia): palaeogeographical, palaeoecological history and evolutionary data. Annales Zoologici Fennici. 36(4). 239-267.

Evsikov, V. I., Kokenova, G. T., Zadubrovskii, P. A., Potapova, O. F. & Potapov, M. A. (2006). Monogamy as One of the Ways of Realization of the Adaptive Potential in Mammals as Exemplified by the Steppe Lemming Lagurus lagurus Pallas. Doklady Biological Sciences. 411. 501-503.

Gębczyńska, Z. (1967). Morphologic Variability of Lagurus lagurus (Pallas, 1773) in Laboratory Conditions. Acta Theriologica. 12(38). 533-543.

Gromov, V. S. & Voznesenskaya, V. V. (2010). Parental care, aggressiveness, and testosterone secretion in male common voles (Microtus arvalis) and steppe lemmings (Lagurus lagurus). Doklady Biological Sciences. 431(1). 86-88.

Hagen, K. B., Müller, D. W. H., Ortmann, S., Kreuzer, M. & Clauss, M. (2018). Digesta kinetics in two arvicoline rodents, the field vole (Microtus agrestis) and the steppe lemming (Lagurus lagurus). Mamm Biol. 89. 71-78.

Hubálek, Z., & Rudolf, I. (2010). Vertebrates as Hosts and Reservoirs of Zoonotic Microbial Agents. Microbial Zoonoses and Sapronoses. 83–128.

Kiefer, D., Dalantai, G., Damdindorj, T., Riehm, J. M., Tomaso, H., Zöller, L., Dashdavaa, O., Pfister, K. & Scholz, H. C. (2012). Phenotypical Characterization of Mongolian Yersinia pestis Strains. Vector-Borne and Zoonotic Diseases. 12(3). 183-188.

Lee, W.B. & Houston, D. C. (1993). The effect of diet quality on gut anatomy in British voles (Microtinae). J Comp Physiol B. 163(4). 337-339.

Markova, E. A., Strukova, T. V. & Borodin, A. V. (2018). Arvicolines (Arvicolinae, Rodentia) as Paleoenvironmental Proxies: Classification of Species Inhabiting the Central Part of Northern Eurasia Based on Environmental Preferences of Their Modern Representatives. Biology Bulletin. 45(7). 772-782.

Meteoblue. (2020). Aktobe, Kazakhstan. Opgehaald van Meteoblue: https://www.meteoblue.com/en/weather/historyclimate/climateobserved/akt….

Pardiñas, U. F. J., Myers, P., León-Paniagua, L., Ordóñez Garza, N., Cook, J. A., Kryštufek, B., Haslauer, R., Bradley, R. D., Shenbrot, G. I. & Patton, J. L. (2017). Family Cricetidae (True Hamsters, Voles, Lemmings and New World Rats and Mice). In D. E. Wilson, T. E. Lacher Jr. & R. A. Mittermeier, Handbook of the mammals of the world. 7. Rodents II (pp. 204-535). Barcelona: Lynx Edicions.

Pavlova, E. V., Kirilyuk, E. V. & Naidenko, S. V. (2016). Occurrence Pattern of Influenza A Virus, Coxiella burnetii, Toxoplasma gondii, and Trichinella sp. in the Pallas Cat and Domestic Cat and Their Potential Prey Under Arid Climate Conditions. Arid Ecosystems. 6(4). 277-283.

Potapov, M. A., Zadubrovskaya, I. V., Zadubrovskii, P. A., Potapova, O. F. & Evsikov, V. I. (2012). Mating Systems in the Steppe Lemming (Lagurus lagurus) and Narrow-Skulled Vole (Microtus gregalis) from the Northern Kulunda Steppe. Russian Journal of Ecology. 43(1). 40-44.

Pulscher, L. A., Moore, T. C., Caddell, L., Sukhbaatar, L., von Fricken, M. E., Anderson, B. D., Gonchigoo, B. & Gray, G. C. (2018). A cross-sectional study of small mammals for tick-borne pathogen infection in northern Mongolia. Infection Ecology & Epidemiology. 8(1). 1450591.

Rutovskaya, M. (2019). Vocal communication in two lemming species (Lagurus lagurus and Eolagurus luteus). Bioacoustics. 28(1). 42-56.

Schultz, J. (2005). The Ecozones of the World: The Ecological Divisions of the Geosphere (2nd ed.). Stuttgart: Springer.

Shriner, S. A., van Dalen, K. K., Mooers, N. L., Ellis, J. W., Sullivan, H. J., Root, J. J., Pelzel, A. M. & Franklin, A. B. (2012). Low-Pathogenic Avian Influenza Viruses in Wild House Mice. PLoS ONE. 7(6). e39206.

Starikov, V. P. (2020). Ectoparasites of a Steppe Lemming Lagurus lagurus Pallas, 1773 in the South Trans-Ural Region (Kurgan Oblast) in Connection with the Natural Foci of Tularemia. Bulletin of Nizhnevartovsk State University. 2. 102-109.

Tsytsulina, K., Formozov, N., Zagorodnyuk, I., Batsaikhan, N. & Sheftel, B. (2016). Lagurus lagurus. The IUCN Red List of Threatened Species 2016. Opgehaald van IUCN: https://www.iucnredlist.org/species/11179/115100995.

Yashina, L. N., Zaykovskaya, A. V., Protopopova, E. V., Babkin, I. V., Malyshev, B. S., Tovpinets, N. N. & Evstafiev, I. L. (2015). Tula Hantavirus in Crimea. Molecular Genetics, Microbiology and Virology. 30(4). 201-205.  

Bent u tevreden over deze pagina?