Waterbok

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Groves et al., 2011; IUCN SSC Antelope Specialist Group, 2016; Wilson & Reeder, 2005)
Familie Bovidae
Subfamilie Reduncinae
Genus Kobus
Soort Kobus ellipsiprymnus 
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 175-235 cm
  • Schofthoogte: 120-136 cm 
Gewicht  250-275 kg (m), 160-180 kg (v)
Dieet  250-275 kg (m), 160-180 kg (v)
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Grote delen van Afrika: Angola, Benin, Botswana, Burkina Faso, Burundi, Kameroen, Centraal Afrikaanse Republiek, Chad, Congo, Ivoorkust, Eritrea, Ethiopië, Gabon, Ghana, Guinea, Guinea-Bissau, Kenia, Malawi, Mali, Mozambique, Namibië, Niger, Nigeria, Rwanda, Senegal, Sierra Leone, Somalië, Zuid-Afrika, Zuid-Soedan, Soedan, Swaziland, Tanzania, Togo, Oeganda, Zambia en Zimbabwe.  
  • Habitat: Open graslanden en beboste savanne, nabij water. 
Levensverwachting 11 jaar wild, 20 jaar gevangenschap 
IUCN-status “Least Concern” 
CITES Niet vermeld

Risicoklasse F

Waterbokken zijn in staat ernstige letselschade te veroorzaken bij de mens. Daarnaast zijn in vier risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Om deze redenen valt de waterbok onder risicoklasse F. 

Samenvatting beoordeling van de waterbok

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).  

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen ! (signalerend) Bij waterbokken zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Rift Valley fever virus, Brucella spp. Coxiella burnetii en Mycobacterium bovis aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor. 
Letselschade XF Bij waterbokken is er gevaar op zeer ernstig letsel bij de mens, waardoor de waterbok direct onder risicoklasse F valt. 

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname X
  • De waterbok heeft hypsodonte gebitselementen.
  • Waterbokken moeten dagelijks langdurig foerageren. 
Ruimtegebruik/veiligheid X Waterbokken gebruiken een beschutte verstopplaats.
Thermoregulatie X De waterbok is aangepast aan een savanneklimaat. 
Sociaal gedrag X Waterbokken hebben een dominantiehiërarchie. 

Beoordeling per risicofactor

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 ! (signalerend) Bij waterbokken zijn de hoog-risico zoönotische pathogenen Rift Valley fever virus (Anderson & Rowe, 1998; Evans et al., 2008; Magwedere et al., 2012; Olive et al., 2012), Brucella spp. (Godfroid, 2002; Gradwell, 1977; Magwedere et al., 2012), Coxiella burnetii (Clemente et al., 2008; García et al., 2017; Gonzáles-Barrio & Ruiz-Fons, 2019) en Mycobacterium bovis (Rocha et al., 2011) aangetoond. Dit leidt tot een signalerende toepassing van deze risicofactor.

 

Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2 XF

De waterbok weegt 250-275 kg (m) of 160-180 kg (v) en alleen de mannetjes beschikken over hoorns van 79-92 cm (Groves et al., 2011). Bij gevechten tussen mannetjes worden de hoorns als wapens gebruikt. Een dikke, sterke nek en dikke huid in de nek beschermt tegen de scherpe hoornpunten (Estes, 1991). Waterbokken zijn wilde dieren en het hanteren van waterbokken vereist ervaring en deskundigheid van de houder (Wolfe, 2015).

Gezien de grootte, morfologie en het gedrag van waterbokken kunnen ze zeer ernstig letsel bij de mens veroorzaken, waardoor de waterbok direct onder risicoklasse F valt. 

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1   De waterbok is een grazer (Groves et al., 2011; Mendoza & Palmqvist, 2007). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
V2 X De waterbok heeft hypsodonte kiezen (Damuth & Janis, 2011; Kaiser et al., 2013; Mendoza & Palmqvist, 2007). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
V3 X Vrouwelijke waterbokken besteden circa 37% van de dag aan foerageren. Mannelijke waterbokken doen dit 26,8% van de tijd (Wirtz & Oldekop, 1991). In het droge seizoen spenderen vrouwtjes circa 62% van de dag aan foerageren, mannetjes 44% (Estes, 1991). Om aan energiebehoeften te kunnen voldoen moeten grazende herkauwers betrekkelijk veel consumeren en besteden zij dagelijks enkele lange periodes aan foerageren om de grote pens, die is geoptimaliseerd voor de fermentatie van vezels, maximaal te vullen (Hofmann, 1989). Waterbokken moeten dagelijks langdurig foerageren. Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
V4   Het dieet van waterbokken bestaat voor circa 92-100% uit grassen en wordt aangevuld met browse materiaal, kruiden en waterplanten (Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1   Waterbokmannetjes hebben een homerange van 0,9 km2 en verdedigen niet altijd de homerange. Vrouwtjes hebben een homerange van 3,6-6,5 km2. De territoria van mannetjes overlappen nabij de grenzen en grenzen worden gepatrouilleerd. Mannetjes verdedigen voedselbronnen om vrouwtjes naar hun territorium toe aan te trekken. Tijdens het droge seizoen moeten bachelor mannetjes binnen territoria van andere mannetjes foerageren. Tijdens deze periode worden ze getolereerd, behalve rondom habitat wat onder vrouwtjes een sterke voorkeur heeft. Wanneer er meer voedselbronnen zijn vermijden bachelor mannetjes de territoria (Groves et al., 2011; Estes, 1991; Wirtz, 1981). Waterbokken verdedigen en patrouilleren een kleine home range. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
R2 X De jongen van waterbokken gebruiken een beschutte verstopplaats (Estes, 1991; Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
R3   De jongen van waterbokken gebruiken een beschutte verstopplaats (Estes, 1991; Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
R4   De jongen van waterbokken gebruiken een beschutte verstopplaats (Estes, 1991; Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom van toepassing. 
R5   Voor waterbokken zijn er geen specifieke omgevingselementen essentieel (Groves et al., 2011; IUCN SSC Antelope Specialist Group, 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

 

Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Waterbokken leven in een savanneklimaat (Groves et al., 2011; Schultz, 2005). De gemiddelde minimumtemperatuur in de savannes in het Zuidoosten van Afrika waar waterbokken voorkomen is 14 °C (met een uiterste minimumtemperatuur van -2 °C) en de gemiddelde maximumtemperatuur is 25 °C (met een uiterste maximumtemperatuur van 33 °C). De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheid is 600 mm en de luchtvochtigheid is gemiddeld 60%, fluctuerend tussen 4080% (Meteoblue, 2020; Schultz, 2005).  

De waterbok is aangepast aan een savanneklimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing. 

T2   Uit gedetailleerd gedragsonderzoek is niet gebleken dat waterbokken gebruik maken van een speciale zoel-, koel- of opwarmplaats (Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
T3   Waterbokken zijn jaarrond actief (Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1   Waterbokken hebben een polygame leefwijze (Groves et al., 2011). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 
S2 X Waterbokken leven in groepen van 4-20 individuen, afhankelijk van het seizoen. De groepssamenstelling is zeer flexibel en verandert regelmatig. Mannetjes leven solitair of in bachelorgroepen van 5-60 individuen. Er is geen sprake van een dominantiehiërarchie bij de vrouwtjes en bij de mannetjes is een lineaire dominantiehiërarchie aanwezig gebaseerd op leeftijd (Estes, 1991; Groves et al., 2011; Wirtz & Oldekop, 1991). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
S3   Vrouwtjes zijn vanaf 3 jaar geslachtsrijp en kunnen één keer per jaar werpen. Vrouwtjes zijn 8 maanden drachtig en krijgen per worp één jong. Waterbokken kunnen zich jaarrond voortplanten met een geboortepiek tussen december en juni, afhankelijk van voedselbeschikbaarheid (Estes, 1991; Groves et al., 2011). Waterbokken hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing. 

Verwijzingen

Anderson, E. & Rowe, L. (1998). The prevalence of antibody to the viruses of bovine virusdiarrhoea, bovine herpes virus 1, rift valley fever, ephemeral fever and bluetongue and to Leptospira sp in free-ranging wildlife in Zimbabwe. Epidemiology & Infection. 121(2). 441-449. 

Clemente, L., Fernandes, T., Barahona, M., Bernardino, R. & Botelho, A. (2008). Confirmation by PCR of Coxiella burnetii infection in animals at a zoo in Lisbon, Portugal. Short communications. 1-2. 

Damuth, J. & Janis, C. (2011). On the relationship between hypsodonty and feeding ecology in ungulate mammals, and its utility in palaeoecology. Biological Reviews. 86(3). 733-758. 

Estes, R. (1991). The behavior guide to African mammals. Berkeley, Los Angeles, London: The University of California Press. Evans, A., Gakuya, F., Paweska, J., Rostal, M., Akoolo, L., Van Vuren , P. & Breiman , R. (2008). Prevalence of antibodies against Rift Valley fever virus in Kenyan wildlife. Epidemiology & Infection. 136(9). 1261-1269. 

García, E., Espeso, G., Fernández, R., Gómez-Martín, A., Rodríguez-Linde, J. & de la Fe, C. (2017). Coxiella burnetii detected in three species of endangered North African gazelles that recently aborted. Theriogenology. 88. 131-133. 

Godfroid, J. (2002). Brucellosis in wildlife. Revue Scientifique et Technique-Office international des épizooties. 21(1). 277-286. 

Gonzáles-Barrio, D. & Ruiz-Fons, F. (2019). Coxiella burnetii in wild mammals: A systematic review. Transboundary and Emerging Diseases. 66(2). 662-671.

Gradwell, D. (1977). The isolation of Brucella abortus biotype I from African buffalo in the Kruger National Park. Journal of the South African Veterinary Association. 48(1). 41-44. 

Groves, C. P., Leslie Jr., D. M., Huffman, B. A., Valdez, R., Habibi, K., Weinberg, P. J., Burton, J. A., Jarman, P. J. & Robichaud, W. G. (2011). Family Bovidae (Hollow-horned Ruminants). In D. E. Wilson & R. A. Mittermeier, Handbook of the mammals of the world (pp. 444-779). Barcelona: Lynx Edicions. 

Hofmann, R. (1989). Evolutionary steps of ecophysiological adaptation and diversification of ruminants: a comparative view of their digestive system. Oecologia. 78(4). 443-457. 

IUCN SSC Antelope Specialist Group. (2016). Kobus ellipsiprymnus. The IUCN Red List of Threatened Species 2016. Opgehaald van IUCN: http://dx.doi.org/10.2305/IUCN.UK.20162.RLTS.T11035A50189324.en 

Kaiser, T., Müller, D., Fortelius, M., Schulz, E., Codron, D. & Clauss, M. (2013). Hypsodonty and tooth facet development in relation to diet and habitat in herbivorous ungulates: implications for understanding tooth wear. Mammal Review. 43(1). 34-46. 

Magwedere, K., Hemberger, M., Hoffman, L. & Dziva, F. (2012). Zoonoses: a potential obstacle to the growing wildlife industry of Namibia. Infection Ecology & Epidemiology. 2(1). 1-16. 

Mendoza, M. & Palmqvist, P. (2007). Hypsodonty in ungulates: an adaptation for grass consumption or for foraging in open habitats? Journal of Zoology. 274(2). 1-9. 

Meteoblue. (2020). Kasama, Zambia. Opgehaald van Meteoblue: https://www.meteoblue.com/en/weather/historyclimate/climatemodelled/kas… 64 

Olive, M. M., Goodman, S. M., & Reynes, J. M. (2012). The role of wild mammals in the maintenance of Rift Valley fever virus. Journal of wildlife diseases, 48(2), 241-266.  

Rocha, V., Corrêa, S., Oliveira, E., Rodriguez, C., Fedullo, J., Matrone, M. & Ferreira Neto, J. (2011). Tuberculosis determined by Mycobacterium bovis in captive waterbucks (Kobus ellipsiprymnus) in São Paulo, Brazil. Brazilian Journal of Microbiology. 42(2). 726-728. 

Schultz, J. (2005). The ecozones of the world, the ecological divisions of the geosphere. Aachen, Germany: Springer.  

Tsegaye, A., Bekele, A. & Balakrishnan, M. (2015). Population Status, Distribution and Habitat Association of Waterbuck (Kobus ellipsiprymnus ellipsiprymnus) in Chebera Churchura National Park, Southwestern Ethiopia. Journal of Biological Sciences. 14(1). 31-43. 

Wilson, D. & Reeder, D. (2005). Mammal species of the world. A taxonomic and geographic reference (3rd ed). Opgehaald van Mammal species of the world: https://www.departments.bucknell.edu/biology/resources/msw3/ 

Wirtz, P. (1981). Territorial Defence and Territory Take-Over by Satellite Males in the Waterbuck Kobus ellipsiprymnus (Bovidae). Behavioral Ecology and Sociobiology. 8(2). 161-162. 

Wirtz, P. & Oldekop, G. (1991). Time budgets of waterbuck (Kobus ellipsiprymnus) of different age, sex and social status. Zeitschrift für Säugertierkunde. 56. 48-58. 

Wolfe, B. (2015). Chapter 63 Bovidae (except sheep and goats) and Antilocapridae. In R. Miller & M. Fowler, Fowler's Zoo and Wild Animal Medicine, Volume 8 (pp. 626-645). Saunders. 

Bent u tevreden over deze pagina?