Woestijnslaapmuis

Gepubliceerd op:
30 november 2023

Hieronder leest u de beoordeling over dit dier.

Algemene informatie

Algemene informatie (Holden-Musser et al., 2016)
Familie Gliridae
Subfamilie Leithiinae
Genus Eliomys
Soort Eliomys melanurus
Gedomesticeerd Nee
Kruising Nee
Volwassen grootte
  • Kop-romp: 111-144 mm
  • Staart: 100-136 mm
  • Oor: 26-29 mm
Gewicht 38-63 g
Dieet Omnivoor
Natuurlijke leefomgeving
  • Verspreiding: Gefragmenteerde verspreiding in het Oostmediterraan, het Midden-Oosten en het Arabisch schiereiland van Oost-Libië, Egypte, Saoedi-Arabië, Noordoost-Syrië tot Noord-Irak.
  • Habitat: Rotsachtig kustgebied en aangrenzende landinwaartse hoge plateaus, Mediterraan kreupelhout, hellingen, steppe-woestijn, zandsteen, gebergte en tuinen van zeeniveau tot 2850 m hoogte.
Levensverwachting De maximale levensverwachting voor de meeste Gliridae is 6 jaar.
IUCN-status “Least Concern”
CITES Niet vermeld

Risicoklasse C

Bij de woestijnslaapmuis zijn in twee risicocategorieën voor “gezondheid en welzijn dier” één of meerdere risicofactor(en) vastgesteld. Omdat er onvoldoende wetenschappelijke literatuur is gevonden over LG1, scoort de woestijnslaapmuis minimaal een C.

Samenvatting beoordeling van de woestijnslaapmuis

Indien er sprake is van één of meerdere relevante ernstige zoönose(n) die slechts met gespecialiseerde maatregelen beheersbaar is/zijn wordt de risicofactor aangekruist (!), maar telt deze niet mee in de eindscore. Indien er sprake is van een relevante ernstige zoönose die niet of nauwelijks beheersbaar is of er sprake is van risico op ernstige letselschade komt de diersoort direct onder risicoklasse F te vallen (XF). Indien de risicofactor van toepassing is, wordt deze aangekruist (X).ns of the geosphere. Aachen, Germany: Springer.

Gezondheid mens
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Zoönosen G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet beoordeeld worden.
Letselschade   De risicofactor in deze risicocategorie is niet van toepassing.

 

Gezondheid en welzijn dier
Risicocategorie Van toepassing Toelichting
Voedselopname   In deze risicocategorie zijn geen risicofactoren van toepassing.
Ruimtegebruik/veiligheid X
  • Woestijnslaapmuizen gebruiken een afgezonderde nestplaats.
  • Woestijnslaapmuizen leven arboreaal.
Thermoregulatie X De woestijnslaapmuis is aangepast aan een subtropisch klimaat en een droog tropisch en subtropisch klimaat.
Sociaal gedrag   In deze risicocategorie zijn geen risicofactoren van toepassing.

Beoordeling per risicofactor

 

Risico's voor de mens

Zoönosen
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG1 G Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het aan- of afwezig zijn van (zeer) hoog-risico zoönotische pathogenen. Deze risicofactor kan daarom niet beoordeeld worden.

 

Letselschade
Risicofactor Van toepassing Toelichting
LG2   Op basis van de grootte, morfologie en het gedrag van woestijnslaapmuizen is het niet aannemelijk dat de dieren ernstig letsel zullen veroorzaken bij de mens (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Risico's voor dierenwelzijn/diergezondheid

Voedselopname
Risicofactor Van toepassing Toelichting
V1   De woestijnslaapmuis is een omnivoor (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V2   De woestijnslaapmuis heeft geen hypsodonte gebitselementen (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V3   Woestijnslaapmuizen hebben een lage activiteit en een laag metabolisme. Ook kunnen zij dagen achtereen inactief blijven (Haim & Rubal, 1994). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
V4   Het dieet van woestijnslaapmuizen bestaat uit insecten, ongewervelde dieren, kleine zoogdieren, reptielen, en zaden (Hendrie et al., 1998; Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Ruimtegebrek/veiligheid
Risicofactor Van toepassing Toelichting
R1   Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over de grootte van de home range. Aanverwante soorten met overeenkomstige ecologie binnen de subfamilie (Leithiinae) gebruiken geurmarkering, maar hebben grote, overlappende home ranges (Bertolino et al., 2003; Büchner et al., 2018; Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R2 X Woestijnslaapmuizen gebruiken een afgezonderde nestplaats voor het werpen en grootbrengen van jongen en als dagrustplaats (Haim & Rubal, 1994; Hendrie et al., 1998; Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom van toepassing.
R3   Bij gevaar houden woestijnslaapmuizen zich schuil en zijn daarnaast behendige klimmers (Alagaili et al., 2014; Hendrie et al., 1998). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R4   Woestijnslaapmuizen gebruiken natuurlijke schuilplaatsen, zoals rotsspleten (Hendrie et al., 1998; Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
R5 X Woestijnslaapmuizen leven semi-arboreaal (Holden-Musser et al., 2016). Ze zijn behendige klimmers die goed aangepast zijn aan het leven in bomen (Alagaili et al., 2014). Deze risicofactor is daarom van toepassing.

 

Thermoregulatie
Risicofactor Van toepassing Toelichting
T1 X

Woestijnslaapmuizen leven in een subtropisch klimaat en een droog tropisch en subtropisch klimaat (Amori et al., 2016; Schultz, 2005). De gemiddelde temperatuur in een subtropisch klimaat ligt in de koudste maanden normaal gesproken niet onder de 5 °C. De absolute minimumtemperatuur in de winter kan gedurende korte periodes sterk afnemen tot onder het vriespunt. De gemiddelde maandelijkse temperatuur ligt in de warmste maanden boven de 18 °C, maar komt zelden boven de 20 °C uit. De gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheid is maximaal 800-900 mm (Schultz, 2005). In het gebied waar woestijnslaapmuizen voorkomen varieert de omgevingstemperatuur van boven de 30 °C tot onder het nulpunt (Holden-Musser et al., 2016). De woestijnslaapmuis vermindert haar activiteit drastisch of gaat in torpor bij omgevingstemperaturen onder 10 °C (Alagaili et al., 2014; Holden-Musser et al., 2016).

De woestijnslaapmuis is aangepast aan een subtropisch klimaat en een droog tropisch en subtropisch klimaat. Deze risicofactor is daarom van toepassing.

T2   Er is geen wetenschappelijke literatuur gevonden over het gebruik van zoel-, koel-, of opwarmplaatsen. Het gebruik hiervan wordt ook niet aannemelijk geacht omdat woestijnslaapmuizen nachtdieren zijn (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
T3   Woestijnslaapmuizen gaan in torpor, maar houden geen obligate winterslaap (Alagaili et al., 2014; Holden-Musser et al., 2016; Haim & Rubal, 1994). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

 

Sociaal gedrag
Risicofactor Van toepassing Toelichting
S1   Woestijnslaapmuizen hebben hoogstwaarschijnlijk een solitaire en polygame leefwijze (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
S2   Woestijnslaapmuizen hebben waarschijnlijk overlappende home ranges, maar leven solitair (Holden-Musser et al., 2016). Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.
S3   Vrouwtjes zijn ongeveer 22 dagen drachtig en krijgen per worp gemiddeld 2,8 jongen. Woestijnslaapmuizen planten zich waarschijnlijk voort van januari tot mei. Aanverwante soorten krijgen meestal één, maar soms twee nesten per jaar (Holden-Musser et al., 2016). Woestijnslaapmuizen hebben geen grote kans op overbevolking. Deze risicofactor is daarom niet van toepassing.

Verwijzingen

Alagaili, A. N., Mohammed, O. B., Bennett, N. C. & Oosthuizen, M. K. (2014). Now you see me, now you don't: The locomotory activity rhythm of the Asian garden dormouse (Eliomys melanurus) from Saudi Arabia. Mammalian Biology. 79. 195-201.

Amori, G., Aulagnier, S., Hutterer, R., Kryštufek, B., Yigit, N., 

Mitsain, G. & Palomo, L. J. (2016). Eliomys melanurus (errata version published in 2017). The IUCN Red List of Threatened Species 2016. Opgehaald van IUCN: 10.2305/IUCN.UK.2016-3.RLTS.T7619A22223225.en

Bertolino, S., Cordero, N. & Currado, I. (2003). Home ranges and habitat use of the garden dormouse (Eliomys quercinus) in a mountain habitat in summer. Acta Zoologica Academiae Scientiarum Hungaricae. 49(1). 11-18.

Büchner, S., Trout, R. & Adamík, P. (2018). Conflicts with Glis glis and Eliomys quercinus in households: a practical guideline for sufferers (Rodentia: Gliridae). Lynx n s (Praha). 49. 19-26.

Haim, A. & Rubal, A. (1994). Thermoregulation and rhythmicity in Eliomys melanurus from the Negev Highlands, Israel. Hystrix. 6(1-2). 209-216.

Hendrie, C. A., Weiss, S. M. & Eilam, D. (1998). Behavioural response of wild rodents to the calls of an owl: a comparative study. Journal of Zoology. 245. 439-446.

Holden-Musser, M. E., Juškaitis, R. & Musser, G. M. (2016). Family Gliridae (Dormice). In D. E. Wilson, T. E. Lacher Jr. & R. A. Mittermeier, Handbook of the Mammals of the World (Vol. Vol 6, pp. 838-892). Barcelona: Lynx.

Schultz, J. (2005). The ecozones of the world, the ecological divisio

Bent u tevreden over deze pagina?