Gesloten voor aanvragen

Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q1 2021 Startende ondernemingen

Gepubliceerd op:
30 april 2021
Laatst gecontroleerd op:
1 juni 2022

Startende ondernemers krijgen in het 1e kwartaal van 2021 hulp via de TVL Startende ondernemingen, een aparte TVL-subsidieregeling. De TVL Startende ondernemingen is er voor ondernemingen in het midden- en kleinbedrijf (mkb) en geldt ook voor zzp'ers met een aparte voordeur naar hun werkruimte. De hoogte van de subsidie baseren we op het omzetverlies én het percentage vaste lasten dat bij de SBI-code van de hoofdactiviteit hoort. 

Deze regeling is gesloten. U kunt niet meer aanvragen.

Bekijk in 1,5 minuut de video over wat TVL Q1 2021 Startende ondernemingen inhoudt.

Voor wie

Als startende ondernemer in Nederland kunt u subsidie aanvragen voor uw vaste lasten, als u aan de subsidievoorwaarden voldoet.

Budget

Voor de TVL Startersregeling Q1 2021 is in het 1e kwartaal van 2021 tot € 90 miljoen beschikbaar.

Voorwaarden

Voor TVL Startersregeling Q1 2021 gelden de volgende voorlopige voorwaarden. 

  • U heeft zich in de periode 1 oktober 2019 tot en met 30 juni 2020 nieuw ingeschreven in het Handelsregister van KVK.
  • Uw onderneming heeft een SBI-code én is gevestigd in Nederland, maar niet op uw huisadres. Voor deze vestigingseis gelden uitzonderingen, zoals voor: goederenvervoer, markthandel, kermisattracties, taxichauffeurs, rijinstructeurs en sommige horecagelegenheden. Deze uitzonderingen vindt u in de algemene voorwaarden TVL Q1 2021.
  • Uw onderneming heeft minimaal € 1.500 vaste lasten per kwartaal. Dit berekenen we met het percentage vaste lasten dat bij de SBI-code hoort.
  • U heeft aantoonbaar omzetverlies in het 1e kwartaal van 2021 van 30% of hoger, vergeleken met de omzet van het 3e kwartaal van 2020.
  • Het minimale subsidiebedrag per kwartaal is € 1.500.
  • Het maximale subsidiebedrag per kwartaal is € 124.999.
  • Is uw onderneming verbonden aan óf onderdeel van een andere onderneming en daarmee onderdeel van een bestaande groep? Dan komt u niet in aanmerking voor TVL Q1 2021 Startende ondernemingen als de inschrijfdatum van een verbonden onderneming in de groep ligt vóór 1 oktober 2019. Voorbeelden zijn:
    - dochterondernemingen;
    - werkmaatschappijen;
    - startende nieuwe filialen onder een aparte bv;
    - franchisenemers die niet los staan van de franchisegever.
  • U bent geen financiële instelling of overheidsbedrijf.
  • U bent niet failliet en heeft geen uitstel van betaling (surseance) aangevraagd bij de rechtbank.
  • De vestiging van uw bedrijf heeft een ander adres dan uw privé-adres of de vestiging staat los van de privéwoning en heeft een eigen opgang of toegang. 

Aanvullende voorwaarde bij een aanvraag van € 25.000 of meer én ingeschreven van 16 maart tot en met 30 juni 2020

Bent u ingeschreven in het Handelsregister van KVK in de periode van 16 maart 2020 tot en met 30 juni 2020 én vraagt u een subsidie aan van € 25.000 of hoger? Dan voegt u een verklaring bij uw aanvraag van een onafhankelijke deskundige: een accountant, fiscalist of boekhouder. De verklaring van een deskundige derde omvat:

  • het opgegeven omzetverlies;
  • de echtheid van de onderneming (een onderneming mag geen onderdeel zijn van een groep waarvan de inschrijfdatum van een verbonden onderneming in de groep ligt vóór 1 oktober 2019).

Lees meer over de verklaring van een deskundige derde op de Aanvraagprocespagina

Aanvragen

U kon TVL Q1 2021 Startende ondernemingen aanvragen van 31 mei om 09:00 uur tot 12 juli 17.00 uur.

Bekijk wat er na uw aanvraag gebeurt en wat u nodig had voor uw aanvraag

In Q2 2021 krijgen startende ondernemers ook een tegemoetkoming in hun vaste lasten. Zij kunnen dan meedoen met TVL Q2 2021.

Berekening subsidie

U kunt de Adviestool gebruiken voor een schatting van het bedrag waarvoor u mogelijk in aanmerking komt.

U gaat uit van uw omzet in het 3e kwartaal van 2020 als referentieperiode. De subsidie berekenen we dan als volgt:

  • subsidie = omzet 3e kwartaal 2020 x percentage omzetverlies x percentage vaste lasten van SBI-code x subsidiepercentage 85%.

Valt het berekende subsidiebedrag lager uit dan € 1.500? Dan ontvangt u het minimale subsidiebedrag van € 1.500.

Rekenvoorbeeld 1:

  • Startend bedrijf A had in het 3e kwartaal van 2020 een omzet van € 18.000.
  • Als gevolg van de coronacrisis was dit in het 1e kwartaal 2021 nog maar € 12.600.
  • Bedrijf A had dus een omzetverlies van 30%: € 18.000 - € 12.600 / € 18.000 * 100% = 30% (€ 5.400)
  • Het percentage vaste lasten dat bij de SBI-code van de hoofdactiviteit van bedrijf A hoort is 25%. Het percentage vaste lasten komt dan uit op: € 18.000 x 25% = € 4.500 vaste lasten per kwartaal.
  • De subsidie wordt vervolgens: € 18.000 x 30% (omzetverlies) x 25% (vaste lasten-percentage) x 85% (percentage vaste lasten dat vergoed wordt) = € 1.147,50.
  • Het minimale subsidiebedrag dat wordt uitgekeerd is € 1.500. Het startende bedrijf A ontvangt dus € 1.500 tegemoetkoming voor de vaste lasten van het 1e kwartaal van 2021.

Rekenvoorbeeld 2:

  • Startend bedrijf B had in het 3e kwartaal van 2020 een omzet van € 170.000.
  • Als gevolg van de coronacrisis was dit in het 1e kwartaal 2021 nog maar € 76.500.
  • Bedrijf B had dus een omzetverlies van 45%: € 170.000 - € 93.500 / € 170.000 * 100% = 45% (€ 76.500)
  • Het percentage vaste lasten dat bij de SBI-code van de hoofdactiviteit van bedrijf B hoort is 30%. Het percentage vaste lasten komt dan uit op: € 170.000 x 30% = € 51.000 vaste lasten per kwartaal.
  • De subsidie wordt vervolgens: € 170.000 x 45% (omzetverlies) x 30% (vaste lasten-percentage) x 85% (percentage vaste lasten dat vergoed wordt) = € 19.507,50.
In opdracht van:
  • Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Bent u tevreden over deze pagina?