Tijdelijk gesloten voor aanvragen

TSH Vliegtuigmaakindustrie: Achtergrond

Gepubliceerd op:
11 mei 2021
Laatst gecontroleerd op:
23 oktober 2023

De luchtvaart moet bijdragen aan de doelstelling die in 2015 in Parijs is afgesproken: de opwarming van de aarde beperken tot ruim beneden de 2 graden, met een streven naar 1,5 graden. Om de Parijsdoelstelling te bereiken, heeft de Europese Unie zich aan een doelstelling gecommitteerd: in 2030 minimaal 40% reductie van de CO2-emissie ten opzichte van 1990. Alle Europese lidstaten moeten bijdragen aan deze doelstelling door het bepalen van een nationale reductiedoelstelling.

Nederland presenteerde hiervoor op 28 juni 2019 het klimaatakkoord. In dit proces is een Duurzame Luchtvaarttafel geïnitieerd door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat neemt ook deel aan de gesprekken van de Duurzame Luchtvaarttafel.

Innovatiedoelen realiseren

In de onlangs aan de Tweede Kamer toegestuurde Luchtvaartnota zet het kabinet erop in om de benodigde CO2-reductie te realiseren, met een inzet op duurzame luchtvaartbrandstoffen en technologische innovaties. Denk hierbij aan nieuwe vliegtuigontwerpen, lichte materialen en nieuwe vormen van aandrijving.

Voor het realiseren van deze innovatiedoelen zijn het Europese kaderprogramma voor onderzoek en technologieontwikkeling voor 2021–2027 en de Europese Green Deal mogelijkheden om de transitie naar een duurzame luchtvaart te versnellen. Zo bood de in 2021 opengestelde TSH vliegtuigbouwregeling de mogelijkheid aan Nederlandse partijen om zich te positioneren voor deelname aan het partnerschap Clean Aviation.

Verduurzaming versnellen

De verduurzaming van de luchtvaart bevindt zich in een verdere versnelling. Vliegtuigbouwers en hun toeleveranciers zetten stevig in om op korte en middellange termijn wezenlijk andere technologie ter beschikking te hebben. Ook zien we de opkomst van nieuwe platformen en systemen die onderdeel uitmaken van het luchtdomein, waaronder Advanced Air Mobility en elektrische vliegtuigen, die ook bijdragen aan het verduurzamen van de luchtvaart. Technologische ontwikkelingen in deze domeinen kunnen bovendien als 'stepping stone' dienen voor grotere vliegtuigen.

Samenwerking met partnerlanden

Verschillende voor Nederland strategische partnerlanden op het gebied van de vliegtuigmaakindustrie richten zich op de ontwikkeling van duurzame vliegtuigtechnologie. Het is in het belang van de Nederlandse vliegtuigmaakindustrie en kennisinstellingen dat zij zich met deze partnerlanden kunnen verbinden. Door deze verbinding worden beschikbare middelen optimaal besteed en verbeteren Nederlandse partijen hun positie om toegang te verkrijgen tot de productieketens van Original Equipment Manufacturers (hierna: OEM’s) en hun primaire toeleveranciers.  

Met deze regeling wordt een nieuw samenwerkingsverband toegevoegd, namelijk het internationaal TSH vliegtuigmaakindustrie-samenwerkingsverband. Het internationaal TSH-samenwerkingsverband maakt het mogelijk een samenwerkingsverband op te richten of deel te nemen aan een al bestaand initiatief, in lijn met:

  • de doelstellingen en inhoudelijke onderwerpen van de regeling;
  • een OEM;
  • primaire toeleveranciers van een OEM of kennisinstelling die is gevestigd in een strategisch partnerland.

Een internationaal TSH-samenwerkingsverband bevat ten minste een in Nederland gevestigde ondernemer en ten minste een ondernemer of onderzoeksorganisatie die is gevestigd in een strategisch partnerland. Samen definiëren zij een project waarbij de Nederlandse deelnemers subsidie kunnen ontvangen voor hun activiteiten binnen het project. De niet-Nederlandse partijen kunnen geen subsidie ontvangen via deze regeling.

Strategische partnerlanden

Een strategisch partnerland is een land waarmee Nederland een strategische samenwerking heeft op het gebied van duurzame luchtvaart. Dit zijn:

  • Brazilië;
  • Canada;
  • de landen van de Europese Unie;
  • Verenigd Koninkrijk;
  • Verenigde Staten van Amerika.

Met strategische samenwerking bedoelen we een samenwerking tussen een Nederlandse partij en een OEM en/of Tier-1 supplier, dan wel de verbinding tussen een Nederlandse partij en een nationaal luchtvaartprogramma. Strategische samenwerking komt tot uiting in bijvoorbeeld een Memorandum of Understanding (intentieverklaring), een Innovatiepact of Europees Kaderprogramma. Ook samenwerkingsvormen tussen kennisinstituten vallen onder deze definitie, met als voorwaarde dat er ten minste sprake is van betrokkenheid van een Nederlandse partij uit de vliegtuigmaakindustrie.

In opdracht van:
  • Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Bent u tevreden over deze pagina?