Circulaire economie en MIA\Vamil | RVO.nl | Rijksdienst

Service menu right

Circulaire economie en MIA\Vamil

21-12-2020

In een circulaire economie bestaat geen afval en worden grondstoffen steeds opnieuw gebruikt. Investeert u in bedrijfsmiddelen die de circulaire economie bevorderen, dan komt uw investering mogelijk in aanmerking voor de Milieu-investeringsaftrek (MIA) en Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil). Hiermee krijgt u fiscaal voordeel dat kan oplopen tot 12% (netto) van de investeringskosten.

U komt voor de MIA\Vamil in aanmerking als het bedrijfsmiddel waarin u investeert op de Milieulijst staat en voldoet aan de daarin gestelde voorwaarden.

Zoek in onze online tool van de Milieulijst of in de Brochure en Milieulijst 2021.

Hoofdstuk 1 'Grondstoffen- en watergebruik' van de Milieulijst richt zich op investeringen die een circulaire economie bevorderen, met name in de industrie en dan vooral de sector maakindustrie, consumptiegoederen en kunststoffen.

Ook in andere hoofdstukken, zoals hoofdstuk 2 'Biomassa en voedsel', hoofdstuk 4 'Klimaat en lucht' en hoofdstuk 6 'Gebouwde omgeving' zijn bedrijfsmiddelen opgenomen die bijdragen aan de circulaire economie.

Bedrijfsmiddelen die bijdragen aan de circulaire economie zijn in de brochure van de Milieulijst voorzien van het onderstaand CE-logo.

 

 

 

In de Praktijkverhalen leest u ervaringen van ondernemers die met behulp van de MIA\Vamil geïnvesteerd hebben in minder milieu belastende bedrijfsmiddelen, waaronder ook circulaire bedrijfsmiddelen.

R-ladder en circulariteit

In een circulaire economie gebruiken we zo weinig mogelijk (niet-hernieuwbare) grondstoffen, gebruiken we producten langer, hergebruiken we (delen van) producten en is afval de grondstof voor nieuwe producten.

De MIA\Vamil stimuleert daar waar mogelijk bedrijfsmiddelen die aan deze doelen bijdragen. De MIA\Vamil is niet gericht op bedrijfsmiddelen die zich uitsluitend richten op energieterugwinning uit materialen (Recover). In onderstaande R-ladder ziet u hoe u kunt bijdragen aan een circulaire economie. Hoe hoger een strategie op deze R-ladder staat, hoe circulairder de strategie is (waarbij R1 de hoogste trede is).


Het eerste hoofdstuk van de Milieulijst sluit aan op deze R-ladder. De volgende paragraafindeling wordt gehanteerd. 

  1. Biobased economy
  2. Producten slimmer maken en gebruiken (refuse, rethink, reduce)
  3. Levensduur verlengen (reuse)
  4. Recycling (recycle)
  5. Toepassen van recyclaat (recycle)
  6. Betere afvalscheiding (recycle)
  7. Voorkomen van emissies uit afvalstromen

Biobased Economy

Informatie over de inzet van biobased grondstoffen ter vervanging van fossiele grondstoffen vindt u op de pagina Biobased Economy en MIA\Vamil.

Rethink / Reduce

Als u het verbruik van grondstoffen wilt verminderen, kunt u denken aan het verwaarden van reststromen, efficiënter produceren door meet- en regeltechniek, kringloopsluiting, levensduurverlenging van producten en een diensteneconomie. Veel bedrijfsmiddelen die dit bevorderen kunt u vinden in paragraaf 1.2 van de Milieulijst 2021. Hieronder vindt u daarvan enkele voorbeelden:

Grondstofbesparende productieprocesssen

De codes F 1200 en B 1201 zijn bedoeld voor investeringen waarmee (substantieel) minder grondstoffen worden verbruikt dan gangbaar is voor de betreffende toepassing. 
 
Code F 1200 is gericht op de toepassing van nieuwe en innovatieve productieapparatuur met een voor Nederland nieuw werkingsprincipe. Toepassing van bestaande productietechnieken die leiden tot efficiëntere productieprocessen en een lager grondstoffengebruik, zoals betere meet- en regeltechniek en spuitgietmachines, kunnen worden gemeld onder code B 1201.

Grondstofbesparende industriële apparatuur

Onder code B1202 kunt u industriële apparatuur melden die geen productieapparatuur is, maar wel leidt tot een lager grondstofgebruik tijdens het gebruik hiervan. Een voorbeeld hiervan is apparatuur voor reinigingsprocessen die minder chemicaliën gebruikt dan gangbaar is in dit soort processen.
 

Refurbish / Remanufacture / Repurpose

Voor het hergebruiken van grondstoffen of (onderdelen van) producten is het van belang dat u in de ontwerp- en productiefase rekening houdt met hergebruik of recyclebaarheid. In paragraaf 1.2 en 1.3 van de Milieulijst 2021 vindt u bedrijfsmiddelen die hieraan bijdragen. U kunt denken aan apparatuur voor duurzamer produceren en het terugnemen van producten, voorzieningen voor demontage na de gebruiksfase, productie van nieuwe bedrijfsmiddelen die geproduceerd zijn uit hergebruikt materiaal of inzet van tracers en trackers. Enkele voorbeelden staan hieronder.

Productie van duurzamere producten

Wanneer u investeert in het maken van producten die gemakkelijker kunnen worden hergebruikt of gerecycled, komt deze investering mogelijk in aanmerking onder code F 1203 of A 1204.

  • Garandeert u als producent dat u het product na de gebruiksfase terugneemt om deze (gedeeltelijk) te hergebruiken of recyclen? Dan kunt u gebruik maken van code F 1203.
  • Geeft u deze garantie niet? Dan kunt u gebruik maken van code A 1204.

Het aanpassen van productieapparatuur voor verpakkingen, gericht op het produceren van beter recyclebare verpakkingen, kunt u melden voor code F 1260 en A 1261.

Hergebruik van (onderdelen van) producten

Investeert u in een bedrijfsmiddel waarmee u onderdelen of grondstoffen terugwint door demontage van producten na de gebruiksfase, bijvoorbeeld een robot die mobiele telefoons uit elkaar haalt en de onderdelen sorteert? Dan kunt u gebruikmaken van code F 1301.

Voor het maken van producten op basis van onderdelen van gebruikte producten kunt u gebruikmaken van code F 1300. Hergebruik van verpakkingen meldt u met F 1305 en F 1306

Circulaire producten

Naast codes voor productie(apparatuur) zijn er verschillende codes die u kunt gebruiken voor circulaire producten. Zie bijvoorbeeld paragraaf 6.2 voor circulaire bouwproducten en paragraaf 6.3 voor duurzame interieurproducten.

Recycling

In paragraaf 1.4, 1.5 en 1.6 van de Milieulijst 2021 vindt u bedrijfsmiddelen gericht op het recyclen van afval tot grondstoffen, toepassen van gerecyclede grondstoffen tijdens productieprocessen of het inzamelen en nascheiden van afval. Enkele voorbeelden:

Mechanische recycling

Code F 1400 en A 1401 gaat over bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift. Hieronder kunnen bedrijfsmiddelen worden gemeld voor het recyclen van afval tot een grondstof, onder de voorwaarde dat de investering verder gaat dan wat gebruikelijk is in de branche. Verder gelden aanvullende eisen zoals omschreven in paragraaf 2b. Investeringen met een terugverdientijd van minder dan 5 jaar komen niet in aanmerking.

Chemische recycling

Mechanische recycling verdient de voorkeur boven chemische recycling. Echter, mechanische recycling is niet altijd mogelijk. In situaties waarin chemische recycling milieuvriendelijker is dan mechanische recycling kunt u mogelijk een beroep doen op code F 1409 (of eventueel F 1461). Deze code betreft een bedrijfsmiddel met een doelvoorschrift. Wanneer sprake is van recycling van afval dat ook mechanisch gerecycled kan worden, moet u met een levenscyclusanalyse (LCA) aantonen dat chemische recycling milieuvriendelijker is.

Verwerken van teruggewonnen kunststoffen

Investeringen in het toepassen van recyclaat in (onderdelen van) nieuwe producten, kunt u melden voor bijvoorbeeld code A 1500.

Afvalinzameling - en scheiding

In paragraaf 1.6 van de Milieulijst vindt u bedrijfsmiddelen gericht op het gescheiden inzamelen of nascheiden van afval. Deze bedrijfsmiddelen zijn gericht op meer of betere monostromen, wat leidt tot meer en betere recycling. Monostromen zijn afvalstromen die bestaan uit één materiaalsoort of één type product.

Detectie en vervangen van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS)

ZZS hebben een remmende werking op de circulaire economie door de eis dat recyclaat 0% van deze stoffen mag bevatten. De Milieulijst 2021 voorziet hierin door apparatuur voor het detecteren en het vervangen en afscheiden van deze ZZS te stimuleren. Zie hiervoor paragraaf 1.7 van de Milieulijst.
 

Bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift

Een aantal bedrijfsmiddelen dat veel wordt gemeld voor de circulaire economie zijn zogenoemde bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift. Deze bedrijfsmiddelen en de aanvullende eisen die daarvoor gelden, zijn opgenomen in paragraaf 2b van de Milieulijst. De belangrijkste eis is dat een aanzienlijk betere milieuprestatie wordt behaald dan wat gangbaar is in de branche. Het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3) is hier meestal richtinggevend.

Kijk voor meer informatie hierover op de pagina Voorwaarden bedrijfsmiddelen met een doelvoorschrift. Wilt u vooraf advies over de mogelijkheden binnen een doelvoorschriftcode op de Milieulijst? Maak dan gebruik van dit contactformulier.

Meer weten?

  • Het Versnellingshuis Nederland Circulair! ondersteunt ondernemers die hun onderneming circulair willen maken.
  • De CIRCO-methodiek biedt mkb’ers handvatten om hun product en/of dienst en businessmodel circulair te ontwerpen.
  • De KIDV Recyclecheck voor verpakkingen geeft richting aan het beter recyclebaar maken van uw verpakking (flexibel en vormvast kunststof).
  • Bekijk de pagina's over circulaire bouw, circulaire landbouw en biobased economy als u meer wilt weten over de mogelijkheden van de MIA\Vamil binnen deze thema's van de circulaire economie.
  • Naast MIA\Vamil wordt de circulaire economie ook gestimuleerd met andere RVO-regelingen, zoals bijvoorbeeld Subsidie Circulaire ketenprojecten, Demonstratie Energie-en Klimaatinnovatie (DEI+) (pilot- en demonstratieprojecten) en Versnelde klimaatinvesteringen industrie (VEKI).

Bent u tevreden over deze pagina?

Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *
Mogen wij u benaderen voor een gebruikersonderzoek?
De komende tijd zoeken wij testers voor het nieuwe ontwerp van onze website. Wij zijn benieuwd naar uw mening en gaan graag met u in gesprek. Een online interview duurt maximaal 45 minuten.