Open voor aanvragen

Duurzaamheidseisen biomassa REDII SDE++

Gepubliceerd op:
8 december 2021
Laatst gecontroleerd op:
16 september 2022

Wilt u biomassa, anders dan houtpellets, gebruiken voor de productie van elektriciteit en warmte? Of voor de productie van groen gas voor invoeding in het gasnet? Dan kunt u hiervoor de subsidie Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++) aanvragen. U moet dan in sommige gevallen aantonen dat de biomassa voldoet aan de duurzaamheidseisen uit de REDII (Renewable Energy Directive). 

De herziene Richtlijn Hernieuwbare Energie (hierna REDII) is een Europese doelstelling om meer duurzame energie te produceren. Moet uw installatie voldoen aan de duurzaamheidseisen uit de REDII? Dat hangt af van of u al moest voldoen aan de duurzaamheidseisen uit de REDI óf van de datum waarop u SDE(++)-subsidie aanvroeg.

  • Produceert u warmte en/of elektriciteit uit vloeibare biomassa? Dan moest u al voldoen aan de duurzaamheidseisen uit de REDI. U moet daarom nu voldoen aan de duurzaamheidseisen uit de REDII.
  • Produceert u géén warmte en/of elektriciteit uit vloeibare biomassa? En vroeg u SDE(++)-subsidie aan ná 21 december 2018? U moet dan aan de duurzaamheidseisen voldoen als het vermogen van uw installatie boven de gestelde grenzen in de REDII ligt. 
  • Produceert u géén warmte en/of elektriciteit uit vloeibare biomassa? En vroeg u SDE(++)-subsidie aan vóór 21 december 2018? Dan gelden er geen duurzaamheidseisen voor de biomassa die u gebruikt.

Let op: voor 2022 geldt een overgangsregeling. Onder REDII-overgangsregeling 2022 leest u hier meer over.

SDE++-categorieën

In de Aanwijzingsregeling en de Algemene uitvoeringsregeling SDE staat welke installaties aan de duurzaamheidseisen van de REDII moet voldoen. Het gaat dan om biomassa-installaties, anders dan houtpelletinstallaties. U ziet hieronder een korte samenvatting van de SDE++-categorieën waarvoor deze duurzaamheidseisen gelden:

REDII duurzaamheidsschema

SDE++-categorieën, anders dan houtpelletinstallaties Gebruikt vermogensbegrip REDII-criteria gelden bij een vermogen van 
SDE++-categorieën op vaste biomassa voor de productie van warmte en/of elektriciteit Nominaal ingangsvermogen van de ketel ≥20 MW
SDE++-categorieën op vloeibare biomassa voor de productie van warmte en/of elektriciteit Nominaal ingangsvermogen van de ketel geen ondergrens
SDE++-categorieën voor de productie van biogas voor de opwekking van warmte en/of elektriciteit  Nominaal ingangsvermogen van de ketel ≥2 MW
SDE++-categorieën voor de productie van biogas voor invoeding in het gasnet Nominaal duurzaam gas vermogen ≥20 MW*

* In de Aanwijzingsregeling categorieën 2022 gaat de grens voor nieuwe SDE(++)-aanvragen naar 2 MW.

Voor installaties op houtpellets gelden andere duurzaamheidseisen. Kijkt u daarvoor op de pagina Duurzaamheidseisen biomassa in pelletinstallaties SDE++.

Aantonen duurzaamheid

U toont aan dat de gebruikte biomassa aan de REDII-eisen voldoet. Dit doet u door certificatieschema’s te gebruiken die de Europese Commissie (EC) heeft goedgekeurd. Uw bedrijf zélf moet meestal ook gecertificeerd zijn. Per 1 januari 2022 heeft de EC waarschijnlijk nog maar een klein aantal certificatieschema’s erkend. Daarom geldt er een overgangsregeling. Na deze paragraaf leest u meer over deze regeling.

Bekijk welke certificatieschema’s de EC erkend heeft

Voor enkele typen installaties is certificering van de biomassa en van het bedrijf niet verplicht. Bijvoorbeeld voor monomestvergisters en voor rioolslibvergisters. Kijkt u in het 'Verificatieprotocol duurzaamheid biomassa die voor de SDE(++) moet voldoen aan de REDII-eisen' (hierna verificatieprotocol) om welke installaties het gaat. En hoe u voor deze installaties op een andere manier de duurzaamheid kunt aantonen. Dit verificatieprotocol vindt u onder 'Downloads' onderaan deze pagina.

REDII-overgangsregeling 2022

Heeft de Europese Commissie (EC) al certificatieschema's erkend? Per 1 januari 2022 heeft zij nog geen of maar een klein aantal erkend. Daarom is er voor de SDE(++)-regeling in 2022 een overgangsregeling voor de inkoop van REDII-gecertificeerde biomassa. Deze regeling geldt ook voor de verplichting om zelf gecertificeerd te zijn voor een REDII-erkend schema.

Inkoop van gecertificeerde biomassa

Voor installaties die vóór 1 januari 2022 al moesten aantonen dat biomassa voldoet aan duurzaamheid conform de REDII, zoals installaties op vloeibare biomassa, geldt: u blijft hiervoor voor deze installaties gecertificeerde biomassa inkopen. U kunt daarvoor tijdelijk, tot 1 juli 2022, REDII-certificatieschema’s gebruiken die de EC nog niet definitief heeft erkend. Deze schema's moeten aan beide onderstaande voorwaarden voldoen:

  1. Voor het certificatieschema moet bij de EC een aanvraag ingediend zijn om erkend te worden onder de REDII. De EC heeft hierover nog niet besloten.
  2. Het certificatieschema was op 1 juli 2021 erkend onder de REDI. Of het certificatieschema was op dat moment goedgekeurd binnen het Besluit conformiteitsbeoordeling vaste biomassa voor energietoepassingen.

Bent u energieproducent en moet u per 1 januari 2022 voor het eerst duurzaamheid van biomassa aantonen voor uw SDE(++)-subsidie? Dan hoeft u tot 1 januari 2023 niet de gecertificeerde inkoop aan te tonen.

Certificering van de energieproducent zelf

Moet u per 1 januari 2022 voor het eerst zelf gecertificeerd zijn volgens een erkend REDII-schema? En u was dit nog niet voor een RED-schema? Dan moet u vóór 1 juli 2022 aantonen dat uw certificeringsaanvraag in behandeling is door een CBI (van een erkend REDII-certificeringsschema). Dit geldt voor u als u:

  • Per 1 januari 2022 voor het eerst moet aantonen dat de biomassa die u gebruikte, voldoet aan de duurzaamheidseisen van de REDII. En u hiervoor geen ander bewijs mag gebruiken.
  • Vóór 1 januari 2022 al RED-gecertificeerde vloeibare biomassa moest inzetten, maar nu ook zelf gecertificeerd moet zijn per 1 januari 2022 (en u dat nog niet was). U blijft verplicht om gecertificeerde biomassa in te kopen (met schema’s zoals hierboven staat). U meldt zich vóór 1 juli 2022 aan om zelf gecertificeerd te worden voor een erkend REDII-schema.

Kunt u niet, of pas ná 1 juli 2022, aantonen dat uw aanmelding voor certificering is geaccepteerd? Dan ontvangt u voor leveringen ná 1 juli 2022 geen SDE(++)-subsidie. Per 1 januari 2023 moet u zelf gecertificeerd zijn voor een erkend REDII-schema.

Was u vóór 1 januari 2022 al gecertificeerd? Controleert u dan of uw schema per 1 juli 2022 ook voor REDII erkend is. 

De overgangsregeling staat in een wijziging op de Algemene uitvoeringsregeling SDE.

Conformiteitsjaarverklaring

Ben u energieproducent? U rapporteert dan jaarlijks over de duurzaamheid van de biomassa met een 'conformiteitsjaarverklaring'. Daarin noemt u de duurzaamheidskenmerken van alle biomassa die u gebruikte in uw installatie. Binnenkort vindt u hieronder de volgende documenten om te gebruiken bij uw rapportage:

  • Format lijst van REDII-biomassaleveringen bij de conformiteitsverklaring
  • Handleiding bij het format voor de lijst duurzame REDII-biomassaleveringen

Verificatieprotocol

Een erkende conformiteitbeoordelingsinstantie (CBI) stelt de conformiteitsjaarverklaring op. Aan welke eisen moet de biomassa die u in uw installatie inzet precies voldoen? Dit staat in de REDII. De eisen hangen af van het type biomassa dat u gebruikt. De manier waarop u de duurzaamheid aantoont, staat in het verificatieprotocol. Dit protocol vindt u onder 'Downloads' onderaan deze pagina. Meer informatie over de rol van, en de eisen aan CBI’s vindt u in de paragraaf over CBI's hieronder.

Conformiteitbeoordelingsinstanties (CBI's)

CBI’s hebben een rol bij het aantonen van duurzaamheid. Zij voeren 2 verschillende taken uit:

  • Certificeren. Zij werken voor een certificatieschema die de Europese Commissie heeft erkend.
  • Verificaties uitvoeren op basis van het verificatieprotocol voor individuele leveringen. Of voor de conformiteitsjaarverklaring aan u als energieproducent. Dit doen alleen CBI's die de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft erkend voor het werken met het verificatieprotocol. Om erkend te worden, moet de CBI geaccrediteerd zijn door de Raad voor Accreditatie. 

Om erkend te worden, moet de CBI geaccrediteerd zijn door de Raad voor Accreditatie (RvA). Onderaan deze pagina vindt u het Verificatieprotocol waarmee een CBI accreditatie bij de RvA kan aanvragen.

Heeft de RvA de accreditatie-aanvraag van uw CBI bevestigd? Dan dient u bij ons een erkenningsverzoek in per e-mail. Zodra er erkende CBI's zijn, publiceren wij daarvan een lijst op deze pagina.

Voorschotten

Ontvangt u SDE+/SDE++-subsidie? Dan krijgt u van ons jaarlijks een voorschot. Dit voorschot verrekenen wij met het daadwerkelijke subsidiebedrag waar u recht op heeft. Dit doen we op basis van de gegevens in de rapportage die u bij ons indient. U mag biomassa gebruiken voor energieproductie waarvan de duurzaamheid niet (voldoende) is aangetoond. Voor de energie, geproduceerd uit deze biomassa, verstrekken we dan geen subsidie.

De Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) houdt toezicht op de borging van de duurzaamheid. Zij controleren onder meer de uitvoering van werkzaamheden door CBI’s.

Downloads

Vragen over duurzaamheidseisen?

Neem contact met ons op

Info in English

 

In opdracht van:
  • Ministerie van Economische Zaken en Klimaat
Bent u tevreden over deze pagina?