Stand van RVO: Specifieke Uitkeringen (SPUK)

Laatst gecontroleerd op:
18 januari 2024
Gepubliceerd op:
15 september 2023

Wij zien een landschap van regelingen, programma’s en wet- en regelgeving dat veel te omvangrijk is geworden. Daardoor zijn grote delen van dit landschap te complex en zien we dat zorgvuldig ontworpen instrumenten elkaar in de praktijk beconcurreren of conflicteren. Onze klanten ervaren dit ook. Via de Stand van RVO proberen wij hun signalen aan het licht te brengen.

Welke regeling?

Specifieke Uitkeringen (SPUK)

Achtergrondinformatie

Gemeenten en provincies kunnen extra geld krijgen om bepaald beleid van de Rijksoverheid uit te voeren. Dit zijn Specifieke Uitkeringen (SPUK). Gemeenten kunnen met deze specifieke uitkeringen bijvoorbeeld de luchtkwaliteit verbeteren of leerachterstanden verminderen. Provincies kunnen met dit extra geld bijvoorbeeld een recreatiegebied ontwikkelen.
De Rijksoverheid bepaalt wie de uitkering krijgt en bepaalt:

  • Of een gemeente of provincie een specifieke uitkering krijgt;
  • Hoeveel geld de gemeente of provincie krijgt;
  • Waar de gemeente of provincie het geld aan besteedt.

Dit staat in de Financiële-verhoudingswet.

Waar knelt het? Wat horen wij van ondernemers?

Onderstaande 4 specifieke uitkeringen (SPUK’s) voor gemeenten en provincies kennen een zekere mate van kannibalisatie. Ze hebben dezelfde doelgroep, zijn gericht op hetzelfde type activiteiten en hebben een min of meer gelijke doelstelling.

  • Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)
    Medeoverheden hebben een belangrijke rol bij het behalen van afspraken in het Klimaatakkoord. Ze zijn verantwoordelijk voor handhaving van verschillende normen in de industrie en mobiliteit, hebben een rol in het opstellen en uitvoeren van wijkuitvoeringsplannen in de Gebouwde Omgeving en spelen een belangrijke rol in de vergunningverlening voor hernieuwbare energieprojecten. Gemeenten en provincies hebben middelen nodig voor hun taken op het gebied van de Nederlandse klimaat- en energieopgave. Dit is een complexe opgave die een grotere uitvoeringskracht vergt dan gemeenten en provincies momenteel bezitten. Komende jaren moeten gemeenten en provincies daarom veel nieuwe arbeidskrachten aantrekken. De CDOKE regelt de doelmatige en doeltreffende uitkering van de benodigde en beschikbare uitvoeringsmiddelen, om in 2023 tot en met 2025 ambtelijke capaciteit (in fte's) in te zetten en/of expertise in te huren (in fte's) voor de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid.
  • Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie
    De SPUK Lokale Aanpak Isolatie is onderdeel van het Nationaal Isolatieprogramma (NIP). Het NIP bestaat uit 4 actielijnen waarbij de spUk Lokale Aanpak Isolatie zich richt op actielijn 1. Die actielijn gaat om de isolatie van 750.000 woningen van eigenaar-bewoners, waarbij gemeenten de bewoners via een lokale aanpak ondersteunen.
  • Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht
    Deze regeling heeft tot doel om meerjarig aanvullende capaciteit en kennis op het gebied van toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht, informatieplicht en onderzoeksplicht bij toezichthoudende instanties op te bouwen. Hiermee moet het uitvoeren van energiebesparende maatregelen bevorderd worden bij bedrijven en instellingen die onder deze verplichtingen vallen. Het voorstel is om middelen in een meerjarige Specifieke Uitkering te verstrekken aan het bevoegd gezag. Het gaat hierbij om een eenmalige toekenning met een uitkering over meerdere jaren. Deze maatregel zet in op een kortetermijneffect (het uitbreiden van handhavingscapaciteit) en heeft als voordeel dat er meerjarig capaciteit – en dus prioriteit – bij het bevoegd gezag opgebouwd kan worden. De financiële zekerheid voor meerdere jaren maakt werving van fte's bij Omgevingsdiensten mogelijk. Met de middelen kan extra capaciteit gerealiseerd en kennisopbouw gefaciliteerd worden.
  • Specifieke Uitkering regionale structuur Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie 
    Per 1 juli kunnen gemeenten een aanvraag doen voor regionale ondersteuning in de warmtetransitie. Het Rijk stelt hiervoor van 2023 tot en met 2025 jaarlijks € 9 miljoen beschikbaar. De wetswijziging die hiervoor nodig is, is in consultatie gegaan. De opgave om 2,5 miljoen woningen en andere gebouwen voor 2030 te verduurzamen en/of aardgasvrij te maken, houdt niet op bij de gemeentegrenzen. Door regionaal samen te werken, kunnen gemeenten kennis delen en de warmtetransitie versnellen. Op 1 januari 2023 is het Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie (NPLW) gestart. Het interbestuurlijke programma ondersteunt gemeenten in hun regierol in de lokale warmtetransitie en bij het versnellen en opschalen ervan. Het NPLW stelt van 2023 tot en met 2025 jaarlijks € 9 miljoen euro beschikbaar om deze regionale samenwerking te versterken. De regio’s krijgen dit uitgekeerd via een Specifieke Uitkering (SPUK) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), op basis van een verdeelsleutel. 

Dit knelpunt bij de SPUK's is zowel concurrerend als conflicterend. De SPUK’s hebben een min of meer gelijke doelstelling en zijn gericht op ongeveer dezelfde activiteiten. Daarnaast gaat geld naar gemeenten om specialisten in te huren. Er is echter maar een beperkt aantal specialisten beschikbaar. Deze worden nu telkens weggekocht, de vraag is of daarmee een probleem wordt opgelost.

Bent u tevreden over deze pagina?